Gemeentedichter Westerkwartier Gerardo Insua Teijeiro uit Doezum. Geert Job Sevink
Harde woorden en een snel ritme. Dat is de stijl van Gerardo Insua Teijeiro (40) uit Doezum, de nieuwe én eerste gemeentedichter van Westerkwartier. Hoe een ‘vrij extreem metalbandje’ hem een dichter maakte.
Met een lange baard die haast tot zijn bandshirt reikt, is het geen verrassing dat Gerardo Insua Teijeiro (40) luistert naar death meta. En dat heeft opvallend genoeg overlap met zijn gedichten, die bomvol gelijke klanken zitten. „Net als de muziek zijn de gedichten vrij intens. Met een hoop snelle noten, maar ook vanwege de rauwe woordkeuzes”, zegt hij bedachtzaam.
In de wereld van gillende gitaren en harde drums ontstaat zijn liefde voor poëzie. „Als tiener was ik zanger in een vrij extreem metalbandje. Het was dus vooral schreeuwen, en als zanger moest ik de teksten schrijven. Na een paar maanden stopte het bandje. Maar ik bleef zo nu en dan schrijven.”
Hij werd uiteindelijk dorpsdichter van Uithoorn, maar vanwege de pandemie stond hij vaker voor een camera voor te dragen dan voor een live publiek. Vijf jaar geleden verhuisde hij naar Doezum voor de liefde. Naast zijn werk in de gehandicaptenzorg sloot hij zich aan bij de Dichtclub Westerkwartier, die hem mee te doen aan de wedstrijd voor de gemeentedichter. „Het moest een jong iemand worden, om af te komen van het stoffige imago.”
En nu is dat zijn taak de komende twee jaar. Om als gemeentedichter zijn gedichten voor te dragen bij openingen, herdenkingen of andere officiële bijeenkomsten. Concrete plannen heeft hij nog niet voor zijn eerste optreden, maar er zijn ideeën genoeg. „Ik las op Wikipedia dat de gemeente 41 woonkernen telt. Het is leuk om voor elk dorp een kwatrijn te schrijven, dat is een gedicht van vier regels.”
Hulp bij je sinterklaasgedicht?
Ongetwijfeld buigen een hoop mensen zich deze week over een sinterklaasgedicht. De nieuwe gemeentedichter geeft een aantal tips. Want nee, het gedicht hoeft niet te beginnen met ‘Sinterklaas zat eens te denken’.
Verzamel de bouwstenen. Bedenk als eerste wat je kwijt wilt in het gedicht, van anekdotes en hobby’s tot het cadeautje en de surprise.
Zoek rijmwoorden en synoniemen. Daarna zoek je de rijmwoorden, maar denk ook aan klanken die op elkaar lijken. En synoniemen maken dit makkelijker, je kunt van auto ook wagen maken. Dat rijmt toch een stuk makkelijker.
Houd het simpel. Het gaat erom dat de tekst lekker loopt en begrijpelijk is. Dus liever een kort goed stuk, dan een lang onnavolgbaar gedicht. Tien regels is een mooi streven.