Brandende auto tegen toegangsdeur Compagnieshuis. Foto: André Weima
„Ik word belazerd door de overheid in dit land.” Dat zegt de 43-jarige man die vorig jaar met zijn auto inreed op de toegangsdeur van het gemeentehuis in Hoogeveen, woensdag tegen de rechter.
Hij staat nog niet terecht voor het rammen van de toegangsdeur, die zaak ligt nog bij het Openbaar Ministerie, maar voor nieuwe vernielingen. Op 3 december afgelopen jaar vernielde hij ramen van het politiebureau in Coevorden en een dag later deed hij hetzelfde bij het bureau in Hoogeveen. De man sloeg met een hamer de ramen kapot.
Twee weken geleden vernielde man deuren bij het Werkplein van de gemeente Hoogeveen en ging hij in Hoogeveen een politieauto met een bijl te lijf. Sindsdien zit hij vast.
‘Geen plek voor mij’
De inwoner van Hollandscheveld meent dat de Nederlandse overheid het slecht met hem voor heeft. Hij heeft onder meer een conflict met de Belastingdienst en de gemeente Hoogeveen. Hij vindt onder meer dat hij ten onrechte geen uitkering krijgt van de gemeente Hoogeveen. „Er is geen plek voor mij in dit land”, zegt hij tegen de rechter.
Tot juli vorig jaar was hij nog nooit met de politie in aanraking geweest. Toen reed hij in de nacht van 29 op 30 juli met zijn auto achteruit tegen de toegangsdeur van het Compagnieshuis. In dat deel van het gemeentehuis zit onder meer de bezoekersbalie. Zijn auto liet de veertiger brandend achter. De brandweer kon het vuur snel blussen en de man werd in de omgeving opgepakt.
‘Duidelijk zat’
Over de achtergrond van zijn problemen praat de rechter woensdag niet met hem. Over de vernielingen, die zijn vastgelegd door beveiligingscamera’s, wil hij bijna niks kwijt. „Het lijkt me duidelijk zat”, klinkt het kortaf. De vernieling van de politieauto is ook gezien door een getuige. „Ik wist niet wat ik zeg: een man was een politieauto aan het vernielen, stapte daarna rustig op de fiets en reed weg”, verklaarde die bij de politie.
De rechter wil weten wat er gebeurt als de man weer vrijkomt. „Dat belooft weinig goeds”, is alles wat de man wil zeggen. Gaat hij dan weer misdrijven plegen, is de volgende vraag. „De tijd zal het leren.”
Drie maanden langer vast
De rechter kan er weinig mee en wil de zaak niet verder afhandelen. De reclassering, waarmee de man niet wil praten, schat het risico op herhaling hoog in. Voor ze een beslissing neemt, wil de rechter dat de man wordt onderzocht door een psychiater. Daarna wil ze dat alle zaken, ook het rammen van de deur van het Compagnieshuis, in één keer op een nieuwe zitting worden behandeld.
Ze verlengt het voorarrest van de veertiger met drie maanden, ondanks protest van advocaat Nicole Dolinski. De man zit officieel in voorarrest voor beide vernielingen die hij deze maand pleegde. Als hij daarvoor nu een straf zou krijgen, zou dat bij lange na geen drie maanden zijn. Dolinski: „De richtlijnen zijn boetes en taakstraffen. Ik wil graag dat u de zaak afdoet en mijn cliënt vrijlaat, ook omdat er nog geen zicht is op behandeling van de andere zaak.”
Maar het besluit van de rechter staat vast: eerst een oordeel van de psychiater en dan verder zien. „Het Openbaar Ministerie zal er vaart achter zetten”, belooft de officier van justitie.