Nog lijkt het of er muziek klinkt als het over De Kar in Groningen gaat, het muziekcafé in de Peperstraat dat met Theo Erents aan het roer gouden tijden beleefde. Toen het met De Kar bergafwaarts ging, was hem hetzelfde lot beschoren. Hij overleed twee weken geleden.
Een nachtdier was hij, een man van weinig woorden, zeker als het leven tegenzat. Dan deed Theo Erents uit Groningen de deur dicht en zag hij bijna niemand.
Terwijl hij de wereld aan mensen kende omdat hij meer dan 25 jaar de uitbater was geweest van muziek- en danscafé De Kar. Hij was er barman en DJ, hij smeedde een hecht team van medewerkers om zich heen en trok een bezoekersschare om u tegen te zeggen. Zeven nachten per week was het volle bak in De Kar en kwam Erents thuis als de rest van de stad aan de dag begon.
De Kar ging in 2010 failliet, Erents bleek een forse huurschuld te hebben bij de brouwerij. De deur van de gevierde zaak in de Peperstraat ging op slot, Erents raakte alles kwijt en kwam daar niet meer uit. Hij stierf twee weken geleden thuis in Groningen, op 63-jarige leeftijd.
Hij slaagde met vlag en wimpel voor het vwo
Hij werd geboren in Harlingen en had een jongere broer: hun moeder was zwemjuf, hun vader werkte in de scheepvaart. Theo was al jong een fervent aanhanger van Feyenoord - van Willem van Hanegem in het bijzonder - en met het hele gezin volgden ze het wielrennen. In 1978 zagen ze tijdens hun vakantie in Zuid-Frankrijk hoe Hennie Kuiper op de Alpe d’Huez een Tour-etappe won.
Fluitend doorliep hij het vwo, waar hij geregeld op klompen en in de bontjas van zijn oma verscheen. Hij slaagde met vlag en wimpel waarna hij in Groningen rechten ging studeren. Hij wilde advocaat worden.
Z’n bijbaantje was glazenhaler in De Kar dat hij al gauw omzette in DJ en twee jaar later nam hij de zaak over, amper 25 jaar oud. Zijn studie zegde hij vaarwel om al zijn aandacht te richten op De Kar die hij, zonder dat hij er erg in had, liet opbloeien tot een geliefd danscafé.
Zijn muziek trok een eigenzinnig publiek
Hij had een neus voor nieuwe muziek die hij opdook bij platenzaak Hemmes in de Steentilstraat waar hij zich graag liet adviseren. Met zijn keuze voor een eclectische mix van artiesten, van Nirvana tot Spinvis tot The Beasty Boys, trok De Kar een onafhankelijk en eigenzinnig publiek dat wars was van top 40-muziek. Studenten dansten er zij aan zij met kunstenaars, werkenden, werklozen en muzikanten. De Kar was een café waar jong en oud gerust in z’n eentje naartoe ging.
Hij werkte vrolijk mee. Foto: eigen foto
Op gevoel nam hij personeel aan dat hij volstrekt vrij liet. Hij spelde de kranten en bewoog zijn werknemers tot maatschappelijke discussies, tot het uiten van hun mening die hij hoe dan ook op prijs stelde als ze maar meenden wat ze zeiden.
Twee dingen mochten zijn werknemers niet. Dat was A: een al grijsgedraaid nummer vaker dan eenmaal per nacht laten horen. En B: zelf cd’s meebrengen. Daar had hij een bloedhekel aan. Verder was het feest, 364 nachten per jaar want eerste kerstdag was De Kar gesloten omdat Theo dan z’n verjaardag vierde.
‘s Nachts royaal, overdag nalatig
Hij werkte vrolijk mee, vaak zwijgend, soms met z’n rug naar de groeiende rij bezoekers als hij meer oog had voor de cd’s achter de bar. Dat vergaf iedereen hem. Hij rookte onophoudelijk, vond nieuwe drankjes als de henkiepankie uit, bombardeerde de maandagnacht tot livemuzieknacht en als De Kar rond vieren of vijven sloot, dan ging hij met z’n team op stap. Naar de Benzinebar, naar de poolcafés. Van de fooienpot nam hij z’n personeel mee naar Terschelling en daar kon het niet op, daar was Erents nog royaler dan in Groningen.
Maar gouden tijden duren niet eeuwig. Zeven nachten werden vier nachten, het trouwe publiek slonk, de brouwerij wilde geld zien. Erents zocht de schuld voor het verval buiten zichzelf. Zijn lezing was dat het rookverbod en internet - waardoor muziek gemakkelijk verkrijgbaar was - De Kar de das om hadden gedaan. Hij vergat dat hij overdag verzuimd had dingen te regelen. Hij belde geen loodgieter, hij opende geen blauwe envelop.
Hij vroeg geen hulp. Foto: eigen foto
Een enkeling bleef hem trouw
Zijn jarenlange relatie met zijn vriendin was eerder al gestrand, ondanks hun liefde voor elkaar. Erents bleef alleen en met het faillissement van De Kar verloor hij zijn huis. Hij woonde kort bij zijn broer, ging terug naar Groningen maar zijn trots stond hem in de weg: hij vroeg geen hulp, hij slaagde er niet in de weg omhoog te vinden of goed voor zichzelf te zorgen. Hij maakte het zijn naasten moeilijk om met hem in contact te blijven.
Een enkeling bleef hem trouw; met een vriend uit Harlingen dronk hij wekelijks koffie. Toen hij niet reageerde op berichten, de telefoon niet meer opnam en de deur niet opende, bleek hij te zijn overleden. Op de dag van zijn uitvaart hebben vrienden, familie en oud-personeelsleden hem herinnerd in café Buckshot. Met weemoed en een biertje.
Tijd van Leven
Dagblad van het Noorden portretteert in Tijd van Leven inwoners van Drenthe en Groningen die afgelopen tijd zijn overleden. Suggesties? Mail naar: tijdvanleven@dvhn.nl.