Linda Woltjes (34) is als teamarts op de World Transplant Games in Dresden. Foto: Eigen foto
Ze begon als supporter van haar broertje, werd later zijn donor en nu is Linda Woltjes (34) uit Groningen als teamarts actief op de World Transplant Games. De cirkel is rond. „Orgaandonatie is niet zo vanzelfsprekend als mensen denken.”
Net als bij de Olympische Spelen komen ook bij de World Transplant Games in Dresden (Duitsland) de landenteams een voor een onder luid applaus het stadion binnen. Het zijn stuk voor stuk atleten die een transplantatie hebben ondergaan. De een heeft een nieuw hart, de ander een long, lever of nier. En allemaal willen ze deze week een topprestatie leveren.
Aan het toernooi doen inmiddels sporters uit 70 landen mee. Maar één team krijgt tijdens de openingsceremonie traditiegetrouw niet alleen applaus, maar een staande ovatie. En zij komen niet eens om te sporten. Zodra de levende donoren en nabestaanden van overleden donoren het stadion binnenlopen, gaat iedereen staan en klinkt een oorverdovend gejuich. Linda Woltjes uit Groningen staat er middenin, met tranen in haar ogen en kippenvel over haar hele lijf.
Linda is in Dresden omdat ze vanaf dit jaar teamarts is van de Nederlandse delegatie, maar ze is ook een nog levende orgaandonor. Een van haar nieren zit al een aantal jaar in het lichaam van haar broertje Frank (32).
Twee slechte nieren
Frank werd geboren met twee slecht werkende nieren. Hij moest vanaf zijn derde al aan de dialyse en snel werd duidelijk dat een niertransplantatie onvermijdelijk was. Toen Frank 4 was, kwam hij op de wachtlijst voor een donornier te staan. Dat duurde slechts elf dagen. „Echt uniek”, herinnert zijn moeder Alian Spelde zich.
Linda en Frank Woltjes in Canada, na de World Transplant Games 2005. Foto: Eigen foto
De nieuwe nier kwam van een overleden donor. „Dat veranderde alles. Voor de transplantatie zat hij elke avond aan de dialysemachine. Met de nieuwe nier werd hij ineens een ander kind: hij had energie, ging buiten spelen en kon zich ontwikkelen.”
World Transplant Games
Door de niertransplantatie komt het gezin in aanraking met Stichting Sport en Transplantatie en de World Transplant Games. Frank was een van hen. Als fanatiek tennisser was hij er in 2003 in Frankrijk voor het eerst bij. Hij was toen pas 10 jaar oud, Linda (toen 12) zat als zijn grootste supporter op de tribune.
In de jaren daarna bleef het gezin betrokken bij dit bijzondere sportevenement. Ze reisden elke twee jaar de hele wereld over voor de World Transplant Games. Van Canada tot Thailand en Argentinië. „Door de medailles van Frank kregen we veel publiciteit”, vertelt Spelde. „In sommige landen zag je ook het aantal donoren na zo’n evenement toenemen.”
Linda aan de beurt
Maar een donornier gaat niet levenslang mee. Na twintig jaar hield de eerste donornier van Frank ermee op en stond zijn moeder klaar om die van haar af te staan. Maar de nier werd na enkele jaren afgestoten. Dat was het moment dat zus Linda naar voren stapte.
In 2011 maakte Frank zich op voor zijn vijfde World Transplant Games. In het midden moeder Alian. Foto: Harry Tielman/Archief
„Ik wist altijd al dat ik de volgende zou zijn”, zegt ze nuchter, want vader Jakob was niet geschikt als nierdonor. Het was voor haar geen vraag, maar een vanzelfsprekendheid, vertelt ze vanuit Dresden.
Werk en privé komen samen
Linda, inmiddels zelf arts geworden, doet promotieonderzoek naar hoe afgekeurde donorlevers alsnog geschikt gemaakt kunnen worden voor een transplantatie. In haar werk merkt ze dat orgaandonatie niet zo vanzelfsprekend is. „Ik heb soms gesprekken met ouders die twijfelen of ze aan hun kind willen doneren. Dat vond ik moeilijk om te begrijpen. In onze familie was de band zó sterk, het stond voor mij buiten kijf dat ik dit zou doen.”
Op de World Transplant Games komen haar werk en privéleven samen. „In het dagelijks leven ben ik niet bezig met het feit dat ik een nier heb afgestaan. Hier wordt daar echt bij stilgestaan.”
Medicatie en risico’s
Naast de ruimte voor alle emoties, moet ze ook gewoon haar werk doen. Ze beoordeelt of iemand wel of niet kan starten en gaat soms mee naar het ziekenhuis. „Ik ken al onze atleten, weet welke transplantatie ze hebben gehad, welke medicatie ze gebruiken en waar de risico’s liggen.” Het is een grote verantwoordelijkheid, maar voor haar vooral een grote eer.
De Nederlandse atleten die meedoen op de World Transplant Games. Foto: Eigen foto
Ze hoopt dat de World Transplant Games laten zien dat je met een donororgaan niet alleen kunt leven, maar ook kunt sporten en uitblinken. „De snelste man liep de 5 kilometer deze week in 16 minuten. Dat is topsport en laat zien wat er mogelijk is.” Maar bovenal staat het belang van orgaandonatie centraal tijdens de World Transplant Games. Zonder donatie geen transplantatie.
Toekomst
De toekomst van Frank blijft onzeker, want ook de nier van zijn zus gaat waarschijnlijk niet levenslang mee en met elke transplantatie neemt door de aanmaak van antistoffen de kans op afstoting toe. Toch zijn ze positief. „De eerste nier ging ook twintig jaar mee”, zegt Linda. „Als deze dat ook doet, heb ik de hoop dat de medische wetenschap tegen die tijd weer nieuwe mogelijkheden biedt.”