Directeur John van Tilborg van stichting Inlia uit Groningen Foto: Jaspar Moulijn
De gemeente Groningen wil niet betalen voor het volledige pand aan de Helsinkiweg waar Stichting Inlia uitgeprocedeerde asielzoekers opvangt. Dat heeft te maken met de leegstand in het gebouw.
De kerkelijke Stichting Inlia bevestigt dat honderd van de 270 bedden in gebruik zijn. Voor de gemeente is dat reden om de huidige afspraken over de vergoeding van de huisvestingskosten te beëindigen. Met Inlia wordt gesproken over een aanpassing van de subsidieregeling. Die moet meer gestoeld zijn op de feitelijke kosten van de opvang.
Het overleg van de gemeente met Inlia vloeit voort uit de gestopte rijksfinanciering voor de bed-bad-broodregeling. De gemeente hekelde het afschaffen van de regeling. De sobere opvang aan de Helsinkiweg voor uitgeprocedeerde asielzoekers moet voorkomen dat ze gaan zwerven. Toenmalig burgemeester Koen Schuiling zei vorig jaar: ,,We willen mensen niet zonder perspectief op straat hebben.”
Een oplossing voor de leegstand zou kunnen zijn, dat de opvang toegankelijk wordt voor andere mensen die dakloos zijn of dringend woonruimte nodig hebben. ,,Wij begrijpen dat de gemeente liever geen leegstand ziet en daar ook niet voor wil betalen”, zegt Inlia-directeur John van Tilborg. ,,Het is wel zaak om te kiezen voor doelgroepen die bij elkaar passen.”
Daarover voeren gemeente en Inlia binnenkort overleg. Van Tilborg denkt aan het huisvesten van asielzoekers die niet in Ter Apel terecht kunnen of statushouders voor wie nog geen plek is. ,,Dan help je ook andere groepen die vastlopen in de asielketen.” De gemeente geeft verder aan dat ze de huurovereenkomst van het pand wil overnemen. Daarmee krijgt ze de mogelijkheid om meer grip te krijgen op de toewijzing van tijdelijke bewoners.
Op dit moment huurt Inlia het gebouw van Jan Snel, het bedrijf dat woonruimte voor asielzoekers levert. De gemeente Groningen wil van de opvang tegenover de Bauhaus een ‘sociaal woonpension’ maken. Van Tilborg heeft goede hoop dat dit lukt. ,,We komen er vast uit. Inlia werkt al 37 jaar met de gemeente samen, dus dat moet lukken.”