Inzet: De vermoorde Marit van Koesveld (26) uit Groningen. Op de achtergrond de bloemen bij Yorneo na de moord. Foto's: Eigen beeld.
Jesse, de jongere broer van de vermoorde jeugdhulpverlener Marit (26), kreeg donderdag geen schadevergoeding van de rechtbank voor het verlies van zijn zus. Dat kwam hard aan.
,,Het gaat mij helemaal niet om het geld’’, laat broer Jesse van Koesveld uit Groningen via zijn advocaat Ronald Spoelstra weten. ,,Maar het gaat mij om erkenning. Het voelde koud en bot dat de rechtbank dit afwees.’’
Sinds 2019 kunnen bepaalde nabestaanden van slachtoffers van misdrijven een schadevergoeding krijgen. Ouders, partners en kinderen komen bijvoorbeeld direct in aanmerking voor deze zogeheten ‘affectieschade’. De wet maakt het mogelijk dat de aangewezen nabestaanden aanspraak kunnen maken op vaste bedragen tussen de 12.500 en 20.000 euro. Maar broers en zussen zijn daarin niet standaard opgenomen, wat zorgt voor veel onbegrip.
‘Alsof verdriet moeder meer waard is dan dat van mij’
Donderdag kende de rechtbank de moeder van de vorig jaar bij Yorneo in Emmen vermoorde Marit (26) wél een bedrag toe, maar broer Jesse niet. ,,Dat voelt alsof het verdriet van mijn moeder meer waard is dan dat van mij. Dat voelt erg onterecht’’, vertelt hij via zijn advocaat.
Broers en zussen van (gewelds)slachtoffers hebben volgens de huidige wet alleen recht op affectieschade als ze kunnen aantonen dat er sprake is van een ‘innige en nauwe’ relatie. Het voelt voor Jesse van Koesveld als willekeur, dat de rechtbank donderdag oordeelde dat dit bij hem en Marit niet het geval was.
Volgens Spoelstra groeiden de twee tot aan de dood van Marit samen op en leefden ze altijd onder hetzelfde dak. ,,Marit ontfermde zich van jongs af aan over haar broertje’’, zegt de advocaat. Om zijn standpunt kracht bij te zetten, schreef Jesse een persoonlijk verhaal over zijn band met Marit aan de rechtbank. Het mocht niet baten.
Rechtbank in MH17-proces: ‘Zeer onrechtvaardig’
Over de schaderegeling voor broers en zussen is al jaren veel te doen. Zo constateerde de rechtbank Den Haag in het MH17-proces dat ‘de onmogelijkheid om op deze schade aanspraak te maken broers en zussen zeer pijnlijk treft’ en dat die onmogelijkheid als ‘zeer onrechtvaardig wordt ervaren.’
Vorige maand nam de Tweede Kamer een motie aan die het kabinet dwingt met een wetsvoorstel te komen om broers en zussen standaard in de regeling op te nemen. ,,Die motie loopt zelfs voor de muziek uit’’, zegt Spoelstra. ,,Want dit jaar was het al de bedoeling dat de wet zou worden geëvalueerd. Slachtofferadvocaten zoals ik hopen dat met de aanpassing pijnlijke uitsluitingen als die van Jesse voorkomen kunnen worden.’’
‘Broers en zussen voelen zich opnieuw slachtoffer’
Slachtofferhulp wijst erop dat het aantonen van een hechte band van een vermoorde broer of zus psychisch erg belastend is, op het moment dat diezelfde persoon bezig is het met het verwerken van het verlies. ,,De afwijzing van affectieschade impliceert dat het leed van broers en zussen niet wordt erkend. Ze voelen zich dan opnieuw slachtoffer.’’
Daarom pleit ook slachtofferhulp voor aanpassing van de wet. ,,Rechtbanken oordelen in gelijke gevallen verschillend. Het zorgt voor een gebrek aan rechtszekerheid. Het is voor broers en zussen van slachtoffers onduidelijk onder welke omstandigheden zij een succesvol beroep op de regeling kunnen doen.’’