De politieagent die eind mei de 24-jarige Emilia doodschoot in Groningen, wordt niet vervolgd. Volgens justitie schoot de agent omdat de vrouw zijn collega wilde neersteken met een mes. Nabestaanden zijn teleurgesteld.
De politie kwam op 27 mei vlak na middernacht naar de portiekwoning aan de Helperzoom, na een melding over een zeer dreigende situatie. De melder was de vriend van Emilia. Hij was het huis uit gevlucht, omdat hij door zijn vriendin was bedreigd met een mes en zij zichzelf ermee had verwond. De vrouw had volgens het Openbaar Ministerie ‘de nodige middelen’ gebruikt.
Meerdere politiewagens trokken daarop naar het appartement aan de Helperzoom. Twee agenten die op de voordeur bonsden en naar de vrouw riepen kregen geen gehoor, waarop zij de deur openbraken. De politiemannen vonden Emilia uiteindelijk in de badkamer, waar ze zich had opgesloten. Toen ook die deur werd geopend, greep ze opnieuw naar het mes en ging achter een van de agenten aan.
De ander trok zijn wapen omdat hij bang was dat zijn collega gewond zou raken, of erger. Toen Emilia voorover boog en met het mes op korte afstand was van zijn collega, vuurde de agent eenmaal. De verwarde vrouw raakte zwaargewond en overleed later aan haar verwondingen.
Na het fatale incident deed de Rijksrecherche uitgebreid onderzoek naar het handelen van de agent. Meerdere politiemensen en andere getuigen zijn verhoord. Ook is er onderzoek verricht door het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en zijn de beelden van de bodycam die één van de politiemensen droeg bekeken en geanalyseerd.
‘Politie bevoegd te schieten bij direct gevaar’
Maandag besluit het Openbaar Ministerie (OM) dat de agent volgens richtlijnen heeft gehandeld. ,,De politie is bevoegd om te schieten bij direct gevaar voor het leven van personen of om het ontstaan van zwaar lichamelijk letsel af te wenden’’, zegt een woordvoerder.
Het OM vindt dat de politieman terecht voor het leven van zijn collega vreesde. ,,Ook had hij geen andere mogelijkheid om het ontstane gevaar af te wenden. Hij heeft dus conform de ‘geweldsinstructie’ gehandeld’’, concludeert justitie. Het onderzoek naar de agent wordt gesloten, de man wordt niet vervolgd.
Nabestaanden van Emilia reageren verbolgen. ,,Wij zijn zeer teleurgesteld in het besluit van het Openbaar Ministerie. Er zijn wat ons betreft nog veel vragen die onbeantwoord zijn gebleven en die mogelijk beter inzicht geven in de gebeurtenissen in de nacht van 26 op 27 mei.’’
Volgens hen is het onderzoek naar het handelen van de agent niet zorgvuldig gedaan. ,,Wij willen benadrukken dat het ons niet gaat om het vervolgen van de betrokken agenten, want daarmee krijgen we onze dochter niet terug. Maar wel dat er erkenning is voor de onherstelbare schade die is veroorzaakt door de dood van Emilia en dat de politie lering trekt uit deze gebeurtenis. Want er is wel iets ongelofelijk misgegaan.’’
De familie van Emilia bespreekt eventuele vervolgstappen met hun advocaat. Beslissingen van justitie om een zaken te sluiten kunnen worden aangevochten bij het gerechtshof, in een zogeheten artikel 12-procedure. Het hof kan - als zij daar aanleiding voor ziet - het OM alsnog dwingen de zaak voor te leggen bij een rechtbank. In het geval van agenten gebeurt dat sinds vorig bij de gespecialiseerde rechtbank in Utrecht, de zogeheten Blauwe Kamer.
‘Wapengebruik heeft diepe indruk gemaakt’
Het OM laat weten dat de beslissing om de zaak te sluiten, niets afdoet aan de tragiek van de zaak. ,,Een jonge vrouw is overleden en haar familie zal daarmee moeten leven. Dit geldt ook voor de betrokken politieambtenaren. Hoewel het gebruik van het wapen rechtmatig was, heeft dit incident ook op hen een diepe indruk gemaakt.’’