'Roel' in Pokrovsk, toen hij nog diende in het Oekraïense leger Foto: privécollectie Roel
Tot vorig jaar zomer vocht Roel* uit Friesland als dronepiloot voor Oekraïne. Nu, een half jaar later, werkt hij voor een internationaal bedrijf en woont hij afwisselend in Kyiv en Nederland.
„Als je in Kyiv bent in deze winter, echt de strengste sinds jaren, merk je goed de waanzin van alle aanvallen met drones en raketten. Bij aanvallen vóór deze winter, duurde het meestal een uur of twee, maar nu? Aanvallen beginnen aan het einde van de avond en duren tot de volgende ochtend.’’
„Dan lig je de hele nacht wakker en ga je ’s ochtends, terwijl het vriest dat het kraakt, op zoek naar een koffie. En terwijl de Shahed-drones nog rondcirkelen boven de stad, zie je dat iedereen zijn ding doet. Hardlopen, naar het werk gaan of bij een van de koffiestandjes, die allemaal een generator hebben, koffiedrinken. Ik word er echt spuugziek van, het gaat maar door.”
Toegenomen vastberadenheid
„De houding van de mensen die ik spreek, verandert niet door de aanvallen op de energie-infrastructuur. Er klinken niet ineens geluiden dat de Donbas nu toch maar moet worden opgegeven. Ik zie eerder een soort toegenomen vastberadenheid, juist omdat de aanvallen op steden zo barbaars zijn. Wel merk ik dat er meer verdriet is; iedereen kent mensen die zijn gesneuveld. Er is meer pijn maar als de Russen proberen de moraal te breken, dan lukt ze dat niet.”
„Wat merk ik zelf van het gebrek aan elektriciteit en verwarming? Op zich zijn de meeste zaken en winkels gewoon open, bijna overal draaien generatoren. Bioscopen zijn weleens dicht en bij grote winkelcentra is de reclameverlichting uit. De supermarkten zijn gewoon open al staan de koelvakken wel vaak uit; melk en dat soort producten kopen kan probleemloos. En ook aan benzine is geen gebrek. Ik merk wel dat alles duurder wordt en dat is echt wel een probleem voor veel Oekraïners.”
„Ik merk dat ik vooral heel moe ben van de doorwaakte nachten. En soms lukt het me niet om mijn laptop en powerbanks op te laden. Het komt ook weleens voor dat ik een dag of wat niet kan douchen. Dat maakt het leven oncomfortabel.”
Alles bevroor
„Weggaan is voor mij geen optie. Weet je wat wel bijzonder is? Ik klaag nu over het niet kunnen douchen of een was draaien. Maar een jaar geleden zat ik bij -17 in een kelder aan het front. Alles wat we daar hadden, bevroor. Ik had het altijd koud en douchen? Dat zat er daar al helemaal niet in.’’
„Dus ik merk dat als je weer wat luxe hebt gehad, je sneller gaat klagen als iets er niet is. Deze situatie maakt me boos, het is niet prettig zoals het nu is, maar het is veel belangrijker om hier te blijven en wat goeds te doen. En al wordt het nog tien keer zo erg, ik zal hier zijn. Het is nu niet fijn, maar we gaan door.”
(*Roel is niet zijn echte naam. Zijn naam is bekend bij de redactie maar wordt uit veiligheidsoverwegingen niet genoemd.)