Wil gebruikt wiet als zelfmedicatie, maar vanwege de stankoverlast wordt ze uit haar huis gezet. Foto Anjo de Haan
Wil (71) uit Kloosterburen moet van de rechter vanwege blowen haar huurwoning per 1 juni verlaten. „Ik laat het er niet bij zitten. Ik ga in hoger beroep.”
De stichting Oldeheem, die het appartementencomplex beheert waarin Wil woont, was naar de rechter gestapt. De stichting wil dat er een einde komt aan de overlast door blowende bewoners, onder wie Wil. De beheersstichting ging niet over één nacht ijs, maar na de zoveelste waarschuwing was het geduld op.
Wietlucht in slaapkamer baby’s
In het gebouw zit ook kinderopvang Lutje Heem. Medewerkers, ouders en bewoners klagen over de stank van wiet, die af en toe onder meer in de slaapkamer van baby’s hangt. Deze bevindt zich in dezelfde gang als de woning van Wil. Een medewerker gaf aan dat zij die daarom regelmatig moet luchten.
Lutje Heem liet eerder weten dat de wietlucht vooral in de gangen van het gebouw hangt. „Wij willen benadrukken dat wij altijd handelen volgens de geldende richtlijnen en protocollen en dat de veiligheid en het welzijn van de kinderen bij ons vooropstaan.”
Is Wil wel de oorzaak van de overlast?
Wil zet grote vraagtekens bij de stelling dat zij de oorzaak is van de overlast. Ze huurt sinds 1 mei 2024 een appartement in het voormalige verzorgingshuis ’t Olde Heem. Ze was op de hoogte van de huisregels, waarin onder meer staat dat blowen niet is toegestaan. De wiet is volgens haar zelfmedicatie; ze rookt naar eigen zeggen ongeveer vijf joints per dag: twee als ze met de hond loopt en de rest thuis. Daarbij houdt ze de tuindeur open.
De rechter neemt hier geen genoegen mee, zo blijkt uit de uitspraak. Deze ‘acht het aannemelijk dat de wietgeur, ook met een open tuindeur, via open deuren, ramen en kieren in het appartement kan worden verspreid naar de gang van het appartementencomplex en de babyslaapkamer van het kinderdagverblijf.’
Stoppen zit er niet in, zo gaf Wil tijdens de rechtszitting aan. Ze is via de huisarts aangemeld bij de verslavingszorg, maar de behandeling is nog niet gestart. Wil moet haar woning voor 1 juni verlaten. „Maar ik ga er niet uit als ik nog geen plek voor mezelf en mijn huisdieren heb gevonden. Waar kan ik heen?”
Haar advocaat gaat in hoger beroep.
Vanwege de privacy is de achternaam van Wil weggelaten.