Seine Nomden (l) en Harm Jan Laan (r) zitten in het bestuur van motorvereniging BACA. Foto: Corné Sparidaens
Hij heeft alleen oploskoffie, verontschuldigt Harm Jan Laan (55) uit Delfzijl zich in het magazijn van zijn installatiebedrijf in Weiwerd. De schuur heeft een dubbele functie, want het is ook een ontmoetingsplek voor bikers.
De motorvereniging waar Laan deel van uitmaakt, Bikers Against Child Abuse (BACA), komt er wel eens samen. BACA is geen motorclub, benadrukt Seine Nomden (63), die vanuit zijn woonplaats Dedemsvaart (Overijssel) is gekomen om zich aan te sluiten bij het gesprek. Op de motor, vanzelfsprekend.
BACA, vertelt hij, is een vereniging van vrijwilligers en die werkt niet met leden die contributie betalen. Een winstoogmerk hebben ze helemaal niet.
Laan en Nomden willen dat graag duidelijk maken omdat ze wel eens te maken krijgen met vooroordelen. Met het oog op de Week tegen Kindermishandeling (18-24 november) doen ze hun verhaal.
‘Moet niet zo zijn dat iemand z’n ex een loer wil draaien’
De mannen zitten allebei in het bestuur van de Noord-Nederlandse tak van BACA. Landelijk telt de vereniging zo’n tachtig vrijwilligers. Een stuk minder dan in de Verenigde Staten, waar BACA in de jaren negentig ontstond om jonge slachtoffers van geweld of misbruik te helpen.
De Noord-Nederlandse BACA-tak ontfermt zich momenteel over zeven kinderen. „Ons enige doel is dat zij zich weer veilig voelen in de wereld waarin ze leven”, zegt Laan.
De meeste kinderen worden aangemeld door een voogd of naaste familie. De bikers nemen alleen kinderen onder hun hoede die bekend zijn bij justitie of jeugdzorg. „Want het moet niet zo zijn dat iemand z’n ex een loer wil draaien. Daar zijn wij niet voor”, zegt Nomden, die zelf bij justitie werkt.
Nomden gebruikt de bijnaam 'Nompie'. Foto: Corné Sparidaens
De hoofdtaak van BACA is het contact leggen met de kinderen. „De bezoekjes. Praten, voetballen. We kijken waar ze behoefte aan hebben. Ik heb ook wel eens met Barbies zitten spelen”, zegt Nomden.
BACA verzorgt incidenteel ook begeleidings- en waakacties. Als een kind angstig is omdat een dader zich niet aan een straatverbod houdt, rijden de bikers mee naar school of de rechtbank. Slaapt een kind slecht, dan kan BACA op verzoek van een voogd ‘s nachts bij een kind ‘waken’. Maar zoiets gebeurt zelden, zegt Nomden. „In Nederland doen we dat twee of drie keer per jaar.”
Uit den boze
Nemen ze daarmee niet het recht in eigen handen? Nee, antwoorden de mannen beslist. „We gebruiken nooit geweld. Gaan we ergens staan, dan stellen we de politie op de hoogte.”
BACA heeft nooit geweld gebruikt, zeggen de mannen, al werden daders vroeger soms wel wat directer benaderd. Dat is verleden tijd, verzekeren ze. „We richten ons op het kind en zoeken nooit naar een confrontatie. Als die zou ontstaan, dan bellen we de politie. Maar dat hebben wij nog nooit meegemaakt.”
Harm Jan Laan uit Delfzijl: "De motor betekent vrijheid." Foto: Corné Sparidaens
En zitten ze niet in het vaarwater van officiële instanties, zoals jeugdzorg? „We bieden iets anders. Ben je contactpersoon voor een kind, dan ben je altijd bereikbaar. Soms jarenlang, zolang een kind er behoefte aan heeft”, zegt Laan. „Eens een BACA-kind, altijd een BACA-kind.”
Laan: „Wij weten nooit precies wat een kind heeft meegemaakt. Soms willen kinderen je daar iets over vertellen. Dat kan natuurlijk, maar dan adviseer ik het kind en de voogd om contact te leggen met een hulpverlener. Wij zijn geen therapeuten.”
Nomden springt bij. Iedereen die zich wil aansluiten moet een Verklaring Omtrent Gedrag aanleveren en nieuwe leden lopen eerst een jaar mee voordat ze zelf contactpersoon mogen worden. „We bezoeken kinderen altijd met minstens twee mensen, nooit alleen. Dat is uit den boze. De wettelijke verzorger moet er ook altijd bij zijn.”
Chaffee en Nompie
Eigenlijk kennen de mannen elkaar niet als Harm Jan en Seine. Iedere biker die is aangesloten bij BACA krijgt een road name. Ze staan op hun vesten: ‘Chaffee’ (Laan) en ‘Nompie’ (Nomden). Ook de kinderen krijgen een bijnaam.
Binnen motorvereniging BACA staat Harm Jan Laan bekend als ‘Chaffee’, naar astronaut Roger Chaffee. Foto: Corné Sparidaens
Chaffee is een eerbetoon aan de Amerikaanse astronaut Roger Chaffee, die in 1967 om het leven kwam bij de brand in het ruimtevaartuig Apollo 1. „Ik heb zelf het een en ander meegemaakt in mijn verleden”, zegt Laan. „Iemand die is misbruikt, voelt zich in de eerste plaats heel erg eenzaam. Ik heb toen wel eens gedacht: als er hier geen plek voor mij is, dan ga ik wel naar de maan.”
Het ruimteschip werd een motor. „De motor betekent vrijheid”, redeneert Laan. „Als ik daarmee nu anderen kan helpen, dan is dat genoeg.”