Arjen Mintjes van de Maritieme Academie heeft kritiek op de herstelplannen van bruggen. Foto: Niels de Vries
Het aantal bruggen dat de laatste vijf jaar op de Noord-Nederlandse kanalen is aangevaren door binnenvaartschepen, is niet meer op de vingers van twee handen te tellen. Het gaat mis in de stuurhut, maar ook de overheid heeft de boel niet op orde.
Dit zegt scheidend directeur Arjen Mintjes (65) van de Maritieme Academie in Harlingen. Het instituut bestudeert op verzoek van overheden de veelvuldige aanvaringen van binnenvaartschippers met bruggen.
In slaap gevallen
In de onderzoeken valt Mintjes een aantal zaken op. „Natuurlijk, er zijn schippers die in slaap zijn gevallen en de kapitein die eind maart het schip van de Zonnebloem aanvoer op de Rijn in Duitsland had te veel gedronken. Maar kijk eens naar de staat van onderhoud van die bruggen. Die is slecht.” Hij hekelt verder de manier waarop het herstel plaatsvindt én de regels die verzonnen worden voor de binnenvaart door mensen „die hier duidelijk geen verstand van hebben”.
In de hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl (het Prinses Margrietkanaal, het Van Starkenborghkanaal en het Eemskanaal) staan 8 bruggen op de nominatie voor vervanging. „Ze hebben allemaal dezelfde leeftijd, dus men weet dat herstel moet. Maar telkens weer wordt groot onderhoud uitgesteld.’’
En als bruggen worden hersteld, dan wordt onvoldoende rekening gehouden met de scheepvaart, vindt Mintjes. Zo ziet hij het liefst dat de bruggen er allemaal ongeveer dezelfde afmetingen krijgen.
Lage waterstanden
Hij wijst op de onduidelijkheid die al die verschillen veroorzaken voor schippers die hier minder bekend zijn. „Een Tsjechische schipper die wegens lage waterstanden in de Rijn via Friesland naar Duitsland vaart, snapt niets van al die verschillen. Het wordt hem heel moeilijk gemaakt en dat is al gauw gevaarlijk met zulke grote schepen. In het Noord-Duitse Küstenkanaal hebben bruggen wel dezelfde hoogtes en breedtes.”
Bij het herstel van de brug bij Dorkwerd aan het Van Starkenborghkanaal ging het zijn ogen mis bij de uitvoering. „Hier werd bedacht dat de nieuwe brug moest opgaan in het landschap.” Mintjes laat even een pauze vallen. „Daar is dus niet gerekend met de binnenvaart. Dat zo’n brug amper te zien is bij bijvoorbeeld nevelig weer.”
Ook kapte een aannemer bij het werk bij Dorkwerd bomen die er al tientallen jaren staan. „Zaten hem vast in de weg. Maar men is vergeten dat die bomen de schippers helpen bij het goed benaderen van de brug. Die bomen zwakten de zuidwestenwind wat af. Lege schepen van 110 meter moeten er vanwege de werkzaamheden met 8 kilometer per uur door de brug. Niemand bedenkt dat dit niet kan als er een flinke wind staat.”
Kapitein lag te slapen
Ook in het Prinses Margrietkanaal lopen bruggen nogal eens averij op door de aanvaringen. In februari vorig jaar was het de brug bij Skûlenboarch. ,,Toen lag de kapitein te slapen, terwijl hij op de trackpilot voer die hem door de brug zou loodsen. Dat kan natuurlijk ook niet.’’
Mintjes wijst op de snelle ontwikkelingen in innovaties in zijn sector en dus het belang van training en opleiding. „Niet alle rederijen hebben hun bemanningen up to date. Die willen kunnen varen en pakken dan gauw de eerste de beste persoon met vaarbewijs.”
De kritiek van Mintjes is niet aan dovemans oren gericht. „Het klopt dat er veel bruggen zijn in de vaarroute die aan vervanging toe zijn”, zegt woordvoerder Jayme Tol van Rijkswaterstaat. „Bij die vervanging moeten we rekening houden met alle betrokkenen, zoals gemeenten, omwonenden. En dus wel degelijk ook met de belangen van de scheepvaart.”
Hele kanaal gebaggerd
Tol wijst erop dat Rijkswaterstaat de hele route opwaardeert tot de zogeheten klasse 5a waardoor 110 meter lange schepen overal kunnen varen. „Daarbij willen we de kanaalbodem niet alleen in het midden, maar over de volledige breedte op de juiste diepte baggeren. Hierdoor wordt het veiliger voor grote schepen om elkaar te passeren.”
Over de brug bij Dorkwerd zegt hij dat die niet de meest opvallende kleur is. „Die gaat inderdaad meer op in de omgeving. Als je met veel partijen te maken hebt, kun je niet altijd iedereen bedienen. De kritiek over het wegkappen van bomen herkennen we niet. Er staan nog steeds bomen. Bovendien is de doorvaart verdubbeld ten op zichte van de oude situatie.”
Tol ziet ook dat het gedrag van schippers geregeld heeft geleid tot de aanvaringen. „Het gebeurt wel dat de schipper te laat de stuurhut naar beneden doet of dat hij in slaap is gevallen.”
In de vaarroute tussen Lemmer en Delfzijl worden rond 2030 twee bruggen vervangen: de Gerrit Krolbrug in Groningen en die in Uitwellingerga. Het werk aan de andere zes bruggen (Spakenburg, Oude Schouw, Skûlenboarch, Kootstertille, Paddepoelsterbrug en de Busbaanbrug) zal daarna pas op de planning komen.