Willem Lautenbach: „Ik ben als kleine jongen achter de kantbank begonnen." Foto: Catrinus van der Veen
Opnieuw investeert de Meijer Group miljoenen in zijn fabriek in Sint Jacobiparochie. Toch kijkt het 106 jaar oude metaalbedrijf verder dan de Bildtse klei. „Uiteindelijk zullen we ook in Azië gaan produceren”, zegt directeur Hendrik Meijer. „Dat is essentieel om wereldmarktleider te blijven.”
Wie vanaf Sint Jacobiparochie tussen de zwarte akkers door richting Waddenzee rijdt, ziet niet dat er achter de Oudebildtdijk een industrieel complex schuilgaat. Op nog geen 2 kilometer van de kust staat bijna 5 hectare volgebouwd met productiehallen.
„Ik werk hier nog maar een half jaar”, vertelt de nieuwe commercieel directeur, Jan Barkmeijer (52). „Toen ik hier voor het eerst kwam, stond ik daar toch wel even van te kijken.” Het in 1921 opgerichte familiebedrijf telt tegenwoordig 180 werknemers, verdeeld over twee zusterbedrijven.
Meijer Metal produceert jaarlijks maar liefst 1,3 miljoen verschillende onderdelen. Die gaan naar grote, met name Nederlandse, machinebouwers voor de agrarische sector en de levensmiddelenindustrie.
IKEA
Zusteronderneming Meijer Handling Solutions maakt voorzetapparatuur (reachforks) voor de telescopische meeneemheftrucks van wat vroeger Kooi Aap heette. Meubelgigant IKEA is een vaste afnemer, maar er zitten ook veel klanten aan de andere kant van de wereld.
Een week geleden reisden directeur-eigenaar Hendrik Meijer (53) en Barkmeijer nog naar de Verenigde Staten. In Clemson, South Carolina, zaten ze twee dagen lang aan tafel met directieleden van Cascade.
Jan Barkmeijer (links) en Hendrik Meijer. FOTO: Catrinus van der Veen
Deze branchegenoot verkoopt voor Meijer de telescopische heftruckvorken in Noord-Amerika. Met hun Amerikaanse zakenpartners bespraken de beide Friezen de verkoopplannen, positionering en productintroducties. „Sommige besluiten neem je niet via e-mail of Teams” , zegt Meijer. „Dan moet je elkaar echt even in de ogen zien.”
Trump
Of het Amerika onder de nieuwe regering Trump erg is veranderd? „We merkten weinig verschil, maar toen we op het vliegveld bij de douane kwamen, was er niemand. We waren de enige twee! Dat hadden we nog nooit meegemaakt. Het schijnt dat er veel minder toeristen naar Amerika komen. Zakelijk gezien is er weinig anders.”
Barkmeijer: „We zagen op een gegeven moment wel bordjes hangen: watch out, ice! Alleen, dat bleek te gaan over het slechte weer.” En Trumps importheffingen? „Dat is een nieuwe realiteit”, zegt Meijer. „Je moet gewoon verkopen op de waarde die in het product zit.”
Hoe dat er dan uitziet? „Wij leveren een beetje marge in, Cascade levert wat in. En je probeert natuurlijk jaarlijks prijsverhogingen door te voeren naar de markt.”
De Nederlanders merken wel dat Europeanen sneller nieuwe producten aankopen dan Amerikanen. Daardoor vraagt het verkopen van productverbeteringen daar veel meer tijd en energie. „Maar onze ambitie is dat we ook in Amerika willen groeien.”
Dark Factory
Thuis in Sint Jabik investeert de Meijer Group dit jaar 5 miljoen euro in de fabriek. Bij Meijer Metal introduceerden ze eerder al hun Dark Factory: als de werknemers thuis liggen te slapen, draait een deel van het machinepark in het nachtelijk duister op de automatische piloot verder. Zo wordt er tegelijk uitgerust en geproduceerd.
In de tweede helft van dit jaar krijgen ook de collega’s van Meijer Handling Solutions hun eerste gerobotiseerde machine. Het gaat om een apparaat waarmee de metaalbewerkers lange, rechte boringen van wel 2,5 meter lengte kunnen maken.
Al in de jaren tachtig legde Meijer het fundament voor zijn hydraulische uitschuifbare vorken. De leidingen moesten door het staal van die lange voorzetvorken heen. Daarvoor ontwikkelde Hendriks vader Sjoerd Meijer een geavanceerde diepboorproces.
Diepboormachines
De benodigde diepboormachines daarvoor ontwikkelde de Meijer Group begin deze eeuw grotendeels zelf verder. Door het diepboren verder te robotiseren, zet het bedrijf opnieuw een stap voorwaarts.
Kunstmatige intelligentie, oftewel AI, rukt op. Meijer gebruikt slimme AI-toepassingen voor het maken van offertes, het plannen van de productie en het informeren van zijn klanten.
„Vaak denken mensen dan: dit gaat banen kosten”, merkt Hendrik Meijer. „Toen we jaren geleden bij Meijer Metal onze eerste lasrobots kregen, begonnen ze daar ook over.”
Een van de lasrobots aan het werk. FOTO: Catrinus van der Veen
De ondernemer kucht. „Nou, we hebben sindsdien alleen maar meer mensen in dienst gekregen.” Dat is maar goed ook, want de huidige markt is grilliger en veeleisender geworden.
Seriebouw
„Nog niet eens zo heel erg lang geleden was het zo dat we veel grote series produceerden. Dan stelde je een kantbank in, en die maakte dan 500 plaatjes. Tegenwoordig willen de eindgebruikers, de machinebouwers, geen grote voorraden meer.”
„Dus wij leveren bij hun aan de lijn. Drie van zulke plaatjes, vier van die, vijf van die. Voor zulke kleine aantallen zouden we onze eigen productiemachines steeds moeten ombouwen. Daar moet je slim mee omgaan.”
Mijn vriendin maakt wel eens grapjes: je laat een robot al het werk doen
Het machinepark van Meijer is zo aangepast, dat je met enkele computerinstellingen de productie kunt inregelen. „Mensen denken dat dit simpel werk is”, zegt Marcel Keizer (27) uit Vrouwenparochie. „Mijn vriendin maakt weleens grapjes: je laat een robot al het werk doen.”
Buislasersnijmachine
Die robot is in zijn geval een buislasersnijmachine. De stukjes metaal rollen er met steeds een andere inkeping uit. „Ik doe dit nou een half jaar. Om het te leren, heb ik zelf een handleiding geschreven.” De operator toont een boekwerk met 22 A4’tjes vol codes, instellingen en aandachtspunten.
„Ik wilde heel graag in de metaal werken”, zegt Keizer. „Mijn heit werkt bij Meijer en mijn broer ook. Die werkt met een plaatlasersnijmachine. Van hen hoorde ik de verhalen, dat ik dacht: dat lijkt me ook wel wat. Toen ik zestien was, ben ik hier op zaterdagen begonnen met werken.”
Behalve de diepboorrobot komt er ook een 24 KW lasersnijmachine bij. Daarmee sorteren de Bilkerts voor op een dreigend tekort aan vakmensen. „Als je zulke investeringen doet, blijf je interessant voor je werknemers, potentiële nieuwe medewerkers en voor je klanten”, legt Barkmeijer uit.
Ambachtelijke kanters
Het bedrijf heeft een eigen klasje voor ambachtelijke kanters en zetters die door willen groeien naar een baan als programmeur of procesengineer. „Als je zelf nooit zetter bent geweest, dan kan het heel lastig zijn om zo’n zetmachine te programmeren. Bij ons solliciteer je niet op een baan, maar op een carrière.”
Ook Willem Lautenbach (37) uit Dronrijp belandde via een zaterdagbaantje bij de Meijer Group. „Ik ben als kleine jongen achter de kantbank begonnen.” Op dit moment werkt hij als operator en programmeur met een kantrobot.
Die machine buigt plaatmateriaal in de gewenste vorm. Het RVS (roestvrij staal) wordt met transportrobots aangevoerd. „Er is hier heel veel mogelijk”, zegt Lautenbach.
Hendrik Meijer (links) en Jan Barkmeijer bij een van de transporzelfrijdende transportbots. FOTO: Catrinus van der Veen
„Ik heb een tijdje in de werkvoorbereiding gewerkt, maar dat vond ik toch te veel achter het computerscherm zitten. Ik moet iets te doen hebben met wat ik in de vingers heb.”
In de top honderd van Nederlandse metaalbewerkingsbedrijven belandde de Meijer Metal vorig jaar op de zesde plaats. Die hoge positie dankt het metaalbedrijf aan zijn uitgebreide machinepark en vakmanschap. Evenzogoed heeft Hendrik Meijer ook zorgen.
Vietnam
„We hebben in China nu al zo veel concurrenten en er komen er ook meer bij’’, zegt de algemeen directeur. „De enige manier om de marktleider te blijven, is dat we ook in Azië gaan produceren. Daarom gaan we in Vietnam een fabriek opstarten.”
Die nieuwe vestiging begint klein als service-locatie. Barkmeijer: „We beginnen met ‘customizen’. Van een simpele basisvork maken we een meer klant-specifieke vork. We voegen er dus iets aan toe.” Hendrik Meijer: „Maar op en gegeven moment zullen we volledig in Vietnam gaan produceren.”
We hebben in China nu al zoveel concurrenten en er komen er ook meer bij
„Die vestiging wordt niet zo groot als hier in Sint Jabik, want in Vietnam maken we slechts één product. Wel een heel belangrijk product. We zouden die Aziatische markt ook kunnen laten gaan, want het is maar 10 procent van onze omzet. Het gevaar is alleen: dan laat je je concurrenten groeien.”
„En we weten allemaal wat China doet. De auto-industrie is een goed voorbeeld. Het zou best kunnen dat er over een paar jaar Chinese heftrucks in Nederland rondrijden, maar dan wel met reachforks die door ons in Vietnam geproduceerd zijn.”
„Uiteindelijk draait het om continuïteit”, zegt Meijer. „Een gezond bedrijf dat investeert, innoveert en mensen kansen geeft. Dat is waar we het voor doen. En als het aan ons ligt, doen we dat de komende honderd jaar gewoon vanaf hier. Aan de Oudebildtdijk.”