Door zijn oortje krijgt Huizeling aanwijzingen van de regisseur. Foto: Herinneringscentrum Kamp Westerbork/Sake Elzinga
„Eén, twee, drie, vier. Eén, twee, drie, vier…” Freddy Huizeling doet het ritme voor dat hij aanhoudt in zijn hoofd bij de bijzondere taak die hij elk jaar uitvoert. De Sappemeerster luidt de klok tijdens de Dodenherdenking in voormalig Kamp Westerbork.
Hoe lang hij het al doet, weet hij niet precies. Sinds 2003 of 2004, denkt Freddy Huizeling (59) hardop. Elk jaar staat hij ’s avonds op 4 mei op de voormalige aardappelbunker op het kampterrein bij Hooghalen om de klok te luiden voor het oog van enkele duizenden bezoekers van de Dodenherdenking. En voor de camera’s van RTV Drenthe. „In het begin gaf het best veel stress. Er zit veel spanning op zo’n moment. Nog altijd voel ik een bepaalde spanning en dat is ook goed, denk ik.”
De man die maandag weer strak in het pak naast de Westerborkklok staat, zit enkele dagen eerder thuis in Sappemeer aan de keukentafel in vrijetijdskleding met spierwitte sneakers. Spanning is hij gewend in zijn dagelijkse werk. Het pak trouwens ook. Huizeling is uitvaartverzorger. In zijn vrije tijd is hij slagwerker bij Fanfarecorps Hoogezand-Sappemeer.
In zijn jonge jaren blies hij tijdens de Dodenherdenking in zijn woonplaats het Taptoe-signaal. Over spannend gesproken. „Daar had ik geen last van. Ik vond het altijd fantastisch om te doen. De sfeer, de emoties en de beladenheid eromheen waren erg indrukwekkend.”
Blik op oneindig
Een vriend die bij Herinneringscentrum Kamp Westerbork werkte vroeg hem ruim twintig jaar geleden of hij bij de Dodenherdenking de klok wilde luiden. „Singer-songwriter Maarten Peters zou optreden en een nummer spelen waarin klokken voorkwamen. Zo begon het.”
Behalve dat hij de klok tijdens het nummer luidde, deed hij het voor het eerst ook rondom het stiltemoment om acht uur. Inmiddels is dat een traditie geworden.
Freddy Huizeling staat klaar als de stille tocht bij de herdenkingsplek aankomt. Foto: Herinneringscentrum Kamp Westerbork/Sake Elzinga
Ieder jaar is de herdenking weer indrukwekkend, zegt Huizeling. „De opkomst is altijd enorm. Ik sta op een fantastische plek en zie de zon onder gaan. Ik kijk niet in het publiek wie er allemaal zijn trouwens. Ik hou mijn blik op oneindig. Het is de originele klok die in de oorlog ook klonk in het kamp. Voor veel mensen maakt dat hem bijzonder. Daar moet je goed mee omgaan en de emotie ervan inzien.”
Klepel
De klepel hangt hij er altijd zelf in voor de herdenking begint. „Rond zes uur ’s avonds, als ik aankom, check ik of hij klaarligt en hang ik hem op. Dan weet ik dat het goed is. Maar toch kan er altijd iets misgaan. Dat is in mijn werk ook zo: de rouwauto kan een lekke band krijgen of het geluid kan uitvallen tijdens een uitvaart. Ik bedenk altijd van tevoren wat ik moet doen in zulke situaties.”
Wat voor het publiek niet opvalt, is dat Huizeling een oortje in heeft. „Daardoor hoor ik de regisseur van de tv-uitzending. Zij geeft iedereen aanwijzingen wanneer wat moet gebeuren. In principe luid ik de klok vlak voor acht uur enkele keren en meteen na de twee minuten stilte opnieuw. Als we voorlopen op schema, hoor ik dat en kan het zijn dat ik wel een minuut lang moet luiden voor acht uur. Lopen we uit, dan kan het misschien maar twee keer”, legt hij uit.
„Aan het eind van de twee minuten stilte telt de regisseur af, zodat ik precies weet wanneer ik weer moet beginnen. Ze geeft ook aan wanneer ik moet stoppen. Tegenwoordig is dat goed geregeld met de zenders, maar in het verleden was er wel eens storing. Daarom stond er ook een lamp op de aardappelbunker. Als ik niks hoorde, maar de lamp ging aan, moest ik stoppen.”
Of het tegenwoordig altijd goed gaat met dat oortje? „Ja.” Hij schiet in de lach. „Hou nou maar op, want straks gaat het alsnog mis.”
‘Kop erbij houden’
Zijn taak goed uitvoeren, daar draait het om op 4 mei. „De klok geeft een bepaald gevoel weer. Dat probeer ik zo goed mogelijk over te brengen. Mijn intentie is ook om gevoel te leggen in het luiden van de klok.”
Freddy Huizeling: 'Nog altijd voel ik een bepaalde spanning.' Foto: Herinneringscentrum Kamp Westerbork/Sake Elzinga
Het is een paar keer gebeurd dat iemand niet lekker werd in het publiek. „Ik zie alles vanaf mijn plek en geef dat dan door via mijn oortje. Dan is de EHBO er snel. Het jaar nadat de Damschreeuwer de Nationale Dodenherdenking in Amsterdam verstoorde, stonden we extra op scherp. Toen riep iemand tijdens het stiltemoment opeens ‘Help!’ Die bleek zich ook niet lekker te voelen. Dat was snel opgelost, maar toen besefte ik wel: op zo’n moment kan er ook paniek ontstaan. Dat moet je echt niet hebben.”
Hoe emotioneel de Dodenherdenking ook is, Huizeling houdt het altijd droog. „Als uitvaartverzorger zit ik elke dag in die sfeer. Ik moet mijn kop er wel bijhouden. Ik luister ook nooit echt naar wat er gezegd wordt tijdens de toespraken. Goed luisteren kan emoties triggeren en dan heb ik mijn verstand er niet meer bij. Dus ik denk aan wat erna komt in het programma en wat ik moet doen, zowel bij de herdenking als bij uitvaarten. Wat niet wil zeggen dat ik geen emotioneel mens ben. Als ik All you need is love kijk, kun je me wegdragen.”