Vliegveldvoorzitter Erwin Slomp stapte in een voor hem onbekende wereld, maar ziet potentie. Op de achtergrond het restaurant en de verkeerstoren. Foto: Gerrit Boer
Voorzitter Erwin Slomp stuitte begin vorig jaar op een voortkabbelend vliegveld Hoogeveen, een verbrokkelde organisatie en een speeltuintje uit de jaren 80. Inmiddels waait er een andere wind en is er toenemende bedrijvigheid. „Een vliegveld moet léven.”
Achter het glas van vliegveldrestaurant De Spotter doet de lentezon prettig aan. Het is er rustig, hooguit klinkt het geluid van schuivende stoelen en het zachte gebrom van een startend toestel. De geur van verse koffie vult de ruimte. In het midden van dat alles zit Erwin Slomp (65) met een blik die verraadt dat hij hier meer ziet dan alleen een vliegveld.
Toen Slomp begin 2025 het voorzitterschap van de Stichting Vliegveld Hoogeveen aanvaardde stapte hij een nieuwe en soms bevreemdende wereld binnen: die van de kleine luchtvaart. „Ik wist er eigenlijk niks van,” grijnst hij. Geen technische kennis, geen idee van de mores en cultuur op het vliegveld of het bestuurlijke vlees dat in de kuip zat. Slomp: „Allemaal harde werkers, hoor, maar iedereen zat op zijn eigen eilandje met zijn eigen agenda. Het voelde niet als één club.”
‘Zó zonde’
Het vliegveld was in de loop der tijd als het ware een stuk buitengebied geworden. Half Hoogeveen weet niet eens waar het ligt, poneert Slomp. „Dat is zó zonde. Je moet laten zien dat je bestaat, de boer opgaan. Waarom zie ik geen zweefvliegtuig staan op de Pulledagen, waarom geen parachutist die ludiek aan een boom in de Hoofdstraat hangt? Er gebeurde te weinig, het kabbelde maar wat voort. Deze kleine, mooie luchthaven moest wakker worden.”
Hij wijst naar buiten en trekt een grimas. „Die speeltuin daar, hè... Mijn zoon is 40. Die speelde er al toen hij klein was. Daar mag dus wel wat aan gebeuren.”
Voorzitter Erwin Slomp in gesprek met vliegeniers uit Teuge. Gerrit Boer Fotografie
Slomp ging de uitdaging aan vanuit de gedachte dat hij zaken in beweging kan krijgen. Als wethouder (2018-2020) had hij het vliegveld in portefeuille. „Maar dan zie je alleen de buitenkant.” Een hoge ambtenaar had hem toen al gewezen op de stilstand van de luchthaven, het gebrek aan visie en lef bij het bestuur. „Ik dacht: dat ga ik dus níet nog een keer meemaken.”
Volop bedrijvigheid
Bij zijn aantreden als preses moet wel een heel luide wekker zijn afgegaan, want aan de noordkant van het ingedutte vliegveld is ineens volop bedrijvigheid. En ook op andere vlakken bruist het van de ideeën. Slomp somt het voor de goede orde maar even op. „Er komen in totaal zestiengloednieuwe hangars, allemaal al verkocht. Verder krijgt het vliegveld een nieuwe verkeerstoren: driehoog, modern, energieneutraal. De brandstofinstallatie wordt vernieuwd, gericht op schonere opties. Er wordt gewerkt aan evenementen met klassieke, nostalgische toestellen en de terugkeer van een populair evenement á la Wings & Wheels.”
Inmiddels vliegen piloten volgens Slomp bewust via Hoogeveen voor een kop koffie of lunch: „Omdat hier weer wat gebeurt.” Dat de hangars als warme broodjes over de toonbank gingen, verrast hem niet. „In Lelystad mag bijna niks meer met sportvliegtuigen. Dus komen ze naar Hoogeveen. Hier is veel mogelijk: parachutesprongen bijvoorbeeld, tot een hoogte van 15.000 voet (4,5 km). Dat is uniek in Nederland.”
Extra inkomsten
Vliegveld Hoogeveen profiteert van het feit dat Lelystad Airport is aangewezen als ‘parkeerplaats’ voor gevechtsvliegtuigen. Daardoor is het in Flevoland lastiger voor sportvliegtuigen om er te vliegen. De nieuwe hangars betekenen extra inkomsten voor het vliegveld. De grond waarop de vliegtuigloodsen staan is van de gemeente. Vliegveld Hoogeveen pacht het terrein en verhuurt het op haar beurt weer aan eigenaars van de hangars. Andere inkomsten komen uit landingen van vliegtuigen, het verpachten van het restaurant en een winstmarge op de 80.000 tot 100.000 liter brandstof die per jaar wordt getankt.
Slomp wil af van het idee dat het vliegveld een exclusieve enclave is voor piloten. „Het moet een plek worden waar iedereen graag komt, ook als je niks hebt met vliegen. Een plek waar je met je kinderen een ijsje eet en samen naar de vliegtuigen kijkt. De bevolking moet trots zijn op dit vliegveld.” Daarom komen er dit jaar open dagen, fly‑ins en samenwerkingen met scholen, techniekopleidingen en lokale verenigingen. „Ik wil zelfs de mogelijkheden bekijken voor een droneschool. Om jongeren erbij te betrekken.”
Het vliegveld betaalt jaarlijks zo’n 34.000 euro erfpacht aan de gemeente. Lange tijd lag dat bedrag op een schamele 170 (!) euro per jaar. Deze extreem lage vergoeding leidde tot discussie, aangezien de grondwaarde bij een andere bestemming (zoals bouwgrond) vele malen hoger zou zijn. Vanaf 2014 werd het bedrag opgekrikt en elke vijf jaar aangepast aan de inflatie, de eerstvolgende keer in 2028.
Subsidie?
Het vliegveld moet de broek ophouden zonder subsidie. De laatste keer dat de gemeente Hoogeveen financieel bijsprong was voor de drainage van het vliegveld, zo’n zeven jaar geleden. Een subsidie van 25.000 euro. Slomp wilde ook graag een gemeentelijke bijdrage voor de nieuw te bouwen verkeerstoren. Die kost ruim twee ton. Maar wat bleek? „Ik hoorde van wethouder Ronald Klok dat een eerdere wethouder definitief een eind gemaakt had aan subsidie voor het vliegveld. Daar bleek mijn handtekening onder te staan.”
Slomp schatert het uit. „Daar kon ik dus weinig tegenin brengen.”
Buiten komt een sportvliegtuigje in beweging, de propeller zwiept wat stof omhoog. De voorzitter kijkt goedkeurend toe en neemt een laatste slok koffie. „Je moet ergens beginnen,” zegt hij. „Onze nek uitsteken en durf tonen. Als je dat doet, komt de boel in beweging.”
Op dit terrein komen nieuwe hangars voor de stalling van vliegtuigen. Foto: Gerrit Boer
Van eenvoudige airstrip tot ‘luchtoorlog’
Vliegvelden, groot of klein, appelleren aan vrijheid, nostalgie, en -zo u wilt- een beetje magie. Vliegveld Hoogeveen is daar geen uitzondering op. Sinds het begin is de kleine luchthaven onderhevig aan emotie, discussie, reuring en weemoed, met adepten en kritiekasters.
Het vliegveld ontstond begin jaren zestig in een periode van sterke economische groei. De gemeente Hoogeveen wilde zich profileren als moderne industrieplaats. Grote bedrijven als Fokker en Philips hadden behoefte aan snelle verbindingen tussen vestigingen. Een vliegveld paste in die ambitie.
De drijvende kracht was burgemeester Joop Bakker, die Hoogeveen presenteerde als een ‘stad in stijgwind’ – een typisch voorbeeld van naoorlogs optimisme waarin infrastructuur symbool stond voor vooruitgang. Het vliegveld begon als eenvoudige airstrip, maar groeide uit tot een regionaal luchtvaartcentrum met clubs en bedrijven. In 1964 landden de eerste vliegtuigen in Hoogeveen.
De grasbaan werd in 1979 verlengd tot de de huidige 1200 meter. Het is een van de langste grasbanen in de Benelux. Volgens luchtvaartdeskundige Gerrit Boxem uit Hoogeveen was dat een troostprijs, want in 1971 waren er serieuze plannen voor een verharde baan, zodat er ook zakenvliegtuigen konden landen. „Geluidseisen waren er niet”, stelt Boxem in een historisch overzicht, „en bovendien was er geld genoeg.” Maar de economische crisis in 1973 gooide roet in het eten.
In de jaren 80 groeide het aantal gebruikers van het vliegveld, maar verslechterde de exploitatie. Volgens Boxem was een belangrijke oorzaak dat de luchthaven steeds meer gebruikt werd door sport- en reclamevliegers en steeds minder door bedrijven. In 1982 bedroeg het tekort ruim 200.000 gulden.
De gemeente moest telkens financieel bijlappen en de weerstand daarover binnen de gemeenteraad groeide. Twee jaar later werd het vliegveld geprivatiseerd. Het beheer kwam voor het symbolische bedrag van 1 gulden in handen van de Stichting Vliegveld Hoogeveen.
De (financiële) rust keerde terug, maar niet voorgoed. Eind 2008 stelde de lokale VVD voor om het vliegveld op te doeken. De partij zag in het gebied van in totaal 33 hectare een uitgelezen locatie voor woningbouw en wilde van de gemeenteraad alvast een uitspraak over de toekomst van het vliegveld, omdat die nieuwe ontwikkelingen in Hoogeveen in de weg stond.
De erfpacht voor het vliegveld liep in 2011 af, maar de VVD wilde op tijd duidelijkheid geven aan bedrijven en projectontwikkelaars die willen uitbreiden en bouwen maar die niets konden vanwege de strenge geluidscontouren rond het vliegveld. Met sluiting van het vliegveld, zou er volgens de VVD veel meer mogelijk zijn in Hoogeveen.
De gemoederen liepen hoog op, inclusief ‘luchtoorlog’. Voorstanders van het vliegveld stuurden een vliegtuigje de lucht in met de tekst: ’Vliegveld dicht? VVD, weg ermee!’ De liberalen kwamen met een reactie, ook per vliegtuig. De boodschap: ’Duidelijk, helder en lef: VVD’. Wie dacht dat het daarmee voorbij was, kon op hetzelfde moment nóg een vliegtuigje ontwaren. Met de mededeling: ’Maar doof voor de mening van Hoogeveners’. Als antwoord op de VVD-tekst.
Uiteindelijk kreeg het sluitingsvoorstel te weinig steun en staakte de VVD de strijd. Inmiddels is de partij al jaren groot voorstander van het vliegveld en alle bedrijvigheid op de luchthaven. Of, zoals VVD-wethouder Ronald Klok het verwoordt: „Het vliegveld is een meerwaarde voor Hoogeveen. Het biedt ruimte voor recreatie, zoals sportvliegen en evenementen, én ondersteunt de lokale economie door werk en bedrijvigheid in de regio.”
En zeg nou zelf: wie op een zonovergoten dag een tussenstop op het vliegveld maakt, langs de baan aan een ijsje likt en naar sierlijke sprongen van para’s kijkt, kan van economische en planologische overwegingen tot sluiting best buikpijn krijgen.
De baan is inmiddels over de volle lengte voorzien van drainage waardoor deze het gehele jaar zonder beperkingen bruikbaar is. Het vliegveld is de thuisbasis van meerdere bedrijven, clubs en verenigingen. Langs de baan ligt brasserie De Spotter, met terras.
Bouwactiviteit op vliegveld Hoogeveen. Op de voorgrond het gebouw van de parachutistenvereniging Skydive. Foto: Gerrit Boer
Storm blies hangar weg
Drie zwaar beschadigde vliegtuigen en zes beschadigde hangars, waarvan er één compleet was weggeblazen. Dat was de trieste balans na de storm die in de nacht van 4 op 5 juni 2019 over Drenthe trok en een ravage naliet op vliegveld Hoogeveen. Plaatwerk van een hangaar was tientallen meters weggewaaid en brokstukken hingen in de bomen.
De storm in juni 2019 zorgde voor veel schade op Vliegveld Hoogeveen Foto: Mediahuis