Bernsen kijkt uit naar het volksfeest. Foto: Boudewijn Benting
Hij viert al zijn hele leven ieder jaar carnaval. Het is hem met de paplepel ingegoten. Dit jaar is Stefan Bernsen carnavalsprins van zijn eigen vereniging De Dördouwers uit Weiteveen en stadsprins van Emmen. „Een eervolle benoeming, maar we moeten het ook niet gekker maken.”
Aan de Kerkenweg zijn dorpsgenoten druk bezig met het opbouwen van de feesttent. Bij de entree van van het dorp wapperen roodgele carnavalsvlaggen aan de huizen. „Nu ik de grote hijskraan langs de weg zie staan en we deze week de feesttent optuigen, beginnen de kriebels echt te komen. Eindelijk.”
Over drie weken barst het volksfeest los en draait alles om gezelligheid, bier drinken en van links naar rechts hossen. Eerst is nog de sleuteloverdracht met de burgemeester. „Dat is iets symbolisch. Vanaf dat moment ben ik dit jaar de sleutelbewaarder van het carnaval in de gemeente Emmen”, vertelt de doorgaans stratenlegger, die een eigen straatmakerij aan huis heeft.
„Eigenlijk is dit weekend al het eerste carnavalsweekend. Zaterdagmiddag is de sleuteloverdracht, ’s avonds vieren we ons jubileumfeest, want we bestaan dit jaar vijftig jaar. Op zondag volgt het dansmariekeconcours, ook een prachtig feest.”
Hoe kom je daar?
„Ook daarvoor word je uitgekozen. Ieder jaar komt een andere carnavalsvereniging met een stadsprins. Dit jaar ben ik het en dat is prachtig. Ik heb de burgemeester zelf nog nooit ontmoet, maar als ik mensen mag geloven, is het een gezellige en sociale man. Ik ben heel benieuwd.”
„Tijdens carnaval ben ik dan eigenlijk de baas van Emmen. Zo moet je het zien. Het is allemaal vrij symbolisch en er komen geen extra plechtigheden bij kijken. Datzelfde geldt voor Prins Carnaval: daarvoor ben ik gevraagd.”
„Een paar jaar geleden was dat ook al zo, maar toen kwam het niet uit, omdat we ons huis bouwden. Het paste er toen niet tussen. Dit jaar belde de voorzitter met de vraag of ik het wilde doen. Ik overlegde met het thuisfront en mijn vrouw zei: doen!”
„Dit is ook het perfecte moment. De vereniging bestaat vijftig jaar, dus besloot ik het te doen. Alleen moest ik het daarna nog lange tijd geheim houden, want niemand mocht het weten. Pas bij de verkiezing van het nieuwe prinsenpaar, enkele maanden later, werd het bekendgemaakt. Dat was een lange zitting, maar het voelde als een bevrijding om het te kunnen vertellen.”
„Met zoeklichten die rondzwaaiden en een nummer van The Rolling Stones kwamen wij naar voren: mijn beste kameraad Klaas Niers, die adjudant werd, en ik. We vertelden de zaal dat wij de nieuwe prins en adjudant waren. Dat is een mooie herinnering.”
Wat komt er verder bij kijken?
„Er komt meer bij kijken dan ik had verwacht, zoals gezellige activiteiten die ik als buitenstaander nooit zag. Je bent er ongemerkt dagelijks mee bezig. Ik ervaar het allemaal positief en het is een ontzettend mooie ervaring. Als rasechte carnavalist is dit natuurlijk het hoogst haalbare, al verschilt de manier van vieren niet veel. Als prins beleef je carnaval van de andere kant: je kijkt en zwaait naar de mensen op straat in plaats van zelf naar de parade te kijken.”
„Normaal gesproken ga ik tijdens carnaval op zaterdagochtend naar de optocht, ’s middags naar de tent en daarna weer naar huis. Dan is het klaar. Maar nu als prins wil je natuurlijk alles meemaken. Je staat meer in de spotlight, dus het is volle bak feesten.”
„Mijn lever krijgt het flink voor de kiezen en dat speelt al weken. Tijdens het carnavalsweekend begint het op vrijdagavond en eindigt het de woensdag erna, wanneer we afsluiten met de carnavalsvereniging. Het wordt dus doseren en hopen dat ik niet teveel biertjes in mijn handen krijg gedrukt, want anders haal ik het einde misschien niet eens, haha.”
Bernsen is de carnavalsbaas van Emmen dit jaar. Foto: Boudewijn Benting
Want wat betekent carnaval voor jou?
„Ik weet niet anders dan dat carnaval bestaat. Mijn moeder deed 25 keer mee aan de optocht. Carnaval is belangrijk voor ons, vanwege de gezelligheid. Iedereen is samen en er wordt geen onderscheid gemaakt. Ik kan me ook niet herinneren dat ik een jaar carnaval niet heb meegemaakt.”
„Toen ik een klein jongetje was, stond ik al langs de route bij de optocht. Jaren later, in 2013, deed ik voor het eerst mee met de praalwagens. Dat deed ik met een paar kameraden en toen hoorden we nog bij de jeugdkarren. We knutselden zelf een kleine zitmaaier met een karretje in elkaar en daar waren we enorm trots op. In de jaren daarna werden onze creaties steeds groter.”
„Dat waren eigenlijk de mooiste jaren. We deden dat zo’n acht jaar. Als je meedoet, beleef je het heel anders dan wanneer je alleen kijkt. Inmiddels doen we niet meer mee. Iedereen bewandelt zijn eigen pad en nu kijken we alleen nog toe.”
Wat maakt carnaval nou carnaval in Emmen?
„Ik heb carnaval nog nooit ergens anders gevierd, maar ik denk dat het hier in Weiteveen kleiner wordt gevierd dan in het zuiden. Dat maakt het niet minder gezellig. Ze zeggen wel dat boven de rivieren geen carnaval wordt gevierd, maar dat klopt zeker niet. Wij doen het lekker op onze eigen manier.”
„De gezelligheid maakt carnaval hier zo mooi. De mensen zorgen daarvoor: iedereen kent elkaar. Op straat loop je elkaar soms straal voorbij of ken je iemand niet, maar tijdens carnaval maak je altijd even een praatje. Iedereen is gelijk. Dat verbindt enorm.”
Waar kijk je het meest naar uit?
„De zaterdagoptocht blijft mijn favoriet. Dat is toch wel dé dag van carnaval en daarna feest iedereen in de tent. Dat vind ik het mooist. Het dorp loopt er echt voor leeg: die dag staat bij iedereen rood omcirkeld in de agenda. Ik laat het allemaal op me afkomen. Ik heb er ongelooflijk veel zin in.”