De IGJ constateert dat op alle niveaus binnen de organisatie sprake is van een gebrek aan kennis en kunde. Foto, ter illustratie: Shutterstock
Een kritisch rapport over ‘forse tekortkomingen’ die de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) heeft geconstateerd bij Zorggroep ‘t Noaberhuus in Emmen wordt alsnog openbaar gemaakt. De rechter heeft de bezwaren van de jeugdzorginstelling van tafel geveegd.
Volgens de instelling in de Emmer wijk Noordbarge staan er fouten in het rapport. Daarom stapte het bestuur vorige maand naar de rechter: het wilde niet dat het inspectierapport openbaar werd gemaakt zonder dat het op in totaal 54 punten werd aangepast. De instelling vreesde volgens advocaat Tristan Sturrus .„onnodige reputatieschade”.
Onder verscherpt toezicht
Tijdens een onaangekondigd inspectiebezoek bij ‘t Noaberhuus afgelopen najaar sprak een inspecteur van de IGJ onder meer met verschillende medewerkers en jongeren. Het gaat om kinderen met veelal psychische problemen. Later sprak hij ook met mensen uit de zorg die met ‘t Noaberhuus te maken hebben en las hij personeels- en cliëntendossiers.
Er zijn al langere tijd zorgen om de instelling, onder meer naar aanleiding van geweldsincidenten. De gemeente Emmen, die al langere tijd zorgen had, trok bij de IGJ aan de bel.
Die concludeerde afgelopen december onder meer dat er jongeren zijn opgenomen met te zware problematiek voor wat de jeugdzorginstelling aankan. Naar aanleiding van zijn rapport is ‘t Noaberhuus onder verscherpt toezicht gesteld.
‘Onnodig negatief’
Achteraf herkennen medewerkers zich niet in de citaten die anoniem in het rapport zijn opgenomen, beweerde het bestuur in de rechtszaal. Harde bewijzen dat zij daadwerkelijk verkeerd zijn geciteerd, heeft het bestuur niet. Verder stelde ‘t Noaberhuus dat sommige beweringen afkomstig zijn van maar één bron en dat sommige stukken tekst onvolledig zijn, waardoor het rapport „een onnodig negatieve lading” heeft.
De IGJ staat vierkant achter haar rapport. De inspecteur zei tijdens de rechtszaak dat hij het heeft opgesteld op basis van zijn gespreksaantekeningen en meerdere bronnen. De citaten zijn geanonimiseerd, omdat iedereen vrijuit met de inspectie moet kunnen praten.
Wettelijk verplicht
Volgens de rechter kan het rapport gewoon worden gepubliceerd, omdat het „op zorgvuldige wijze tot stand gekomen” is. Bovendien zijn „mogelijke onvolledigheden” in de tekst volgens hem nog geen feitelijke onjuistheden.
„In beginsel mag worden uitgegaan van hetgeen de inspecteur heeft opgenomen in het rapport van de gesprekken; de enkele stelling dat dit niet zo gezegd of bedoeld is, is onvoldoende om te veronderstellen dat sprake is van een onjuiste weergave”, aldus de rechter.
De IGJ is bovendien wettelijk verplicht haar rapporten openbaar te maken, zodat iedereen kan lezen wat er bij een zorginstelling aan de hand is, benadrukt de rechter. Eventuele reputatieschade voor ‘t Noaberhuus weegt daar volgens de rechter niet tegenop.