Nico Uppelschoten zit sinds 2011 in Provinciale Staten van Drenthe. Foto: Jan Willem van Vliet
Ze voelden zich aanvankelijk soms ronduit vijandig bejegend. Nico Uppelschoten en Ton van Kesteren zijn in Drenthe en Groningen al meer dan tien jaar actief voor de PVV. „We zijn nu gelukkig een geaccepteerde partij.”
Groen en geel kon Nico Uppelschoten (79), sinds 2011 Statenlid in Drenthe, zich ergeren aan de politiek. Hij was rector op het Zernike College in Groningen, toen het toenmalige stadsbestuur allerlei plannen had die in zijn ogen onwerkbaar waren voor de mensen op de werkvloer.
Brugklas
„Wil je een voorbeeld? Het linkse stadsbestuur wilde de brugklas verlengen en de mavo, havo en vwo-leerlingen drie jaar lang samen houden. Ik zei: ‘onze school staat in Helpman’. De meeste ouders daar willen dit helemaal niet. Ze kiezen dan voortaan voor het Maartenscollege. Dat is hier dichtbij.”
Hij werkte later nog een tijdje als onderwijsbestuurder in Zwolle, maar na zijn pensionering ging hij de politiek in. „Mensen in mijn omgeving waren hoogst verbaasd. ‘Je had toch zo’n afkeer van de politiek en nu ga je er zelf aan meedoen’. Maar ik wilde juist niet mee doen met de gevestigde orde.”
Vriendenkring opgeschoond
Hij kwam dan ook bij de PVV terecht en dat leidde in zijn omgeving tot nog veel fellere reacties. „Dat vonden mensen echt niet kunnen. Laat ik zeggen dat onze vriendenkring goed is opgeschoond. Een heel goede vriend heb ik altijd behouden. Hij is Iraniër en moslim. Hij zei: ik ben blij dat ik in een democratisch land woon en dat je hier gewoon voor je partij kunt opkomen.”
Aanval door PvdA-collega
Ton van Kesteren startte in dezelfde periode als Statenlid in Groningen. Hij kreeg te maken met een ronduit vijandige bejegening. Dieptepunt was voor Van Kesteren een debat voor scholieren in 2014. Zijn PvdA-collega Sjak Rijploeg maakte hem uit voor racist en fascist en viel hem fysiek aan. „Ik ben erbij weggelopen, maar het deed me wel wat. We werden vaak als extreem rechts neergezet.”
Ton van Kesteren werd in zijn begintijd als Statenlid zelfs fysiek belaagd door een PvdA-collega. Foto Duncan Wijting
De discussie met Rijploeg liep uit de hand toen het ging over de vraag of Poolse chauffeurs de banen van hun Nederlandse collega’s inpikken. „Een meisje uit het publiek maakte zich er zorgen over dat dit met haar vader zou gebeuren. Maar wij maken ons sterk voor gewone mensen, die eigenlijk tot de achterban van de PvdA behoren. Eigenlijk zit de sociaaldemocratie nu bij de PVV.”
Tweederangs burgers
Maar sociaaldemocraten vinden juist dat de PVV mensen met een islamitische achtergrond wegzet als tweederangs burgers. Uppelschoten zegt juist veel met moslims te discussiëren. „Ik vind het een moeilijke religie. Kijk, je hebt de wetten, dat zijn eigenlijk de afspraken die we als mensen met elkaar gemaakt hebben. Als een wet achterhaald is, kun je die veranderen of afschaffen. Maar moslims hebben religieuze wetten, die volgens hen boven de gewone wet staan.”
„Velen van hen denken dat hun geloof het enige ware is. Daar heb ik grote moeite mee. Maar ik praat daarover met mensen. Dan vraag ik: hoe kijken jullie aan tegen godsdienstvrijheid als jullie geloof de meeste aanhang heeft? Kun je ook afscheid nemen van wat jullie het ware geloof vinden?”
Uppelschoten merkte in de provinciale politiek wel dat gaandeweg de sfeer tegen hem minder vijandig werd. „Jij deugt wel, maar je zit bij de verkeerde partij”, kreeg ik op zeker moment te horen. Dit neemt niet weg dat er stevige discussies waren. „Je had PvdA-gedeputeerde Rein Munniksma, die wilde de Drentse natuur redden. Later kwam Tjisse Stelpstra van de ChristenUnie, in wie het heilig vuur van het rentmeesterschap voor de natuur was ontbrand. Hij zag het als zijn roeping om ons van de fossiele brandstoffen af te helpen.”
Bulken van het geld
Ook Van Kesteren zag de stemming veranderen. „We bleven steeds weer ons verhaal op een goede manier vertellen. Maakten duidelijk dat we opkomen voor gewone mensen. We zetten ons wel af tegen de perverse hobby’s van linkse mensen: dat heel Europa elektrisch moet gaan rijden. In 2017 kwam ik in de Eerste Kamer. Daar trof ik mensen die geen benul hebben hoe gewone mensen leven. Zelf bulken ze van het geld en willen de wereld verbeteren. Zelf heb ik 40 jaar in het onderwijs gewerkt en ik weet hoe het is om een gezin groot te brengen.”
En nu stemt een kwart van de kiezers PVV. Uppelschoten: „We worden nu geaccepteerd als een gewone partij.” „Ik zie het als rehabilitatie”, vult Van Kesteren aan. „Ik liep altijd met opgeheven hoofd over straat toen we als extreem rechts werden verketterd, maar zoiets vreet wel aan je.”