Giuseppe 'Pino' Camera (op de Vespa) met zijn vriendin Saskia Schreiner en René Schuurman. Foto: Peter Wassing
Giuseppe ‘Pino’ Camera (59) en Saskia Schreiner (60) transformeerden een roemrucht dorpscafé tot een Italiaans restaurant. Vrijdag is de opening van de nieuwe eetplek in Anloo.
Met een langgerekte houten bar, tientallen Italiaanse wijnflessen en schilderijen met koeien erop aan de muur wanen gasten van La Fornaccia zich in een mix van Italiaanse en Drentse sferen.
De blikvanger van het restaurant is een zestig jaar oude, felblauwe Vespa die voor de bar staat. Minder opvallend is een kokend knuffelratje, bedekt met een stuk glas onder de keukenvloer. Het tafereel is een knipoog naar Ratatouille en verwijst naar een gevonden overblijfsel van de verbouwing – een dode rat.
Een knipoog naar Ratatouille, ingebouwd in de keukenvloer van La Fornaccia. Foto: Peter Wassing
Wie het pand in het hart van het dorp binnenstapt, herkent niet veel meer terug van het oude, roemruchte dorpscafé Popken-Hollander dat er hiervoor zat. Meer dan 26 jaar bestierde voormalig eigenaar Jan Pieter Sikkema samen met zijn vrouw Dita de kroeg die je jaren terugbracht in de tijd.
In 2021 besloot Sikkema, vanwege zijn leeftijd en het overlijden van zijn vrouw, het pand te koop te zetten. Het resultaat van de verbouwing maakt hij helaas niet meer mee. Afgelopen week, een week voor de opening, overleed hij onverwachts.
Het opknappen van de gedateerde kroeg durfden velen niet aan. Het pand stond anderhalf jaar te koop, voordat Giuseppe Camera in 2022 de nieuwe eigenaar werd.
Ondanks een grote, zware verbouwing die acht maanden duurde, zijn Camera en vriendin Saskia Schreiner allesbehalve uitgeput. „Moe? Welnee. We sporten beiden en roken niet. Ook drinken we niet veel. Als je in de horeca werkt, hou je dat niet vol”, zegt Camera.
Veertig jaar ervaring
Hij kan het weten, want met ongeveer veertig jaar ervaring is Camera een echte horecaman. De Italiaan is geboren in Rome, waar hij de hotelschool deed.
Toen hij naar Nederland kwam, kreeg hij een baan als pizzabakker bij Contini in Groningen, de eerste pizzeria van Noord-Nederland. „Ik was daar pizza aan het eten, toen de eigenaar naar mij toekwam. Hij vroeg of ik Italiaans was en of ik wist hoe ik pizza’s moest maken. Toen ik ‘ja’ antwoordde, was ik direct aangenomen. Zonder dat hij mij ooit heeft zien werken.”
Negen jaar later startte hij zijn eigen restaurant, pizzeria Il Lago, bij het Hoornsemeer in Groningen. Een groot bedrijf met meer dan 300 tafels en veel personeel. Na 28 jaar aan het roer te hebben gestaan, besloot hij dat het mooi was geweest. Zoon Daniel neemt vanaf december de toko over.
„Het was enorm druk. Elke avond ging ik moe naar huis. Ik merkte dat ik het niet meer zo leuk vond. Dus dat wilde ik niet langer”, blikt Camera terug.
Geen doorsnee Italiaans restaurant
En dus is het horecastel van plan om het nu wat rustiger aan te doen. Anders dan bij Il Lago, is in Anloo plek voor ongeveer 36 mensen. Geen doorsnee Italiaans restaurant, maar kleinschalig en met iets meer kwaliteit, is waar Camera en Schreiner voor gaan. Op vier dagen, van donderdag tot en met zondag, kunnen mensen er een hapje eten.
Met La Fornaccia krijgt Anloo een nieuw Italiaans restaurant. Foto: Peter Wassing
„Het is niet hoe meer mensen binnenkomen, hoe beter”, legt hij uit. „We doen het niet voor het geld, maar voor de passie. En voor plezier. Anders hou je het niet vol.”
De oude keuken
De naam La Fornaccia, wat ‘de oude keuken’ betekent, verwijst naar de klassieke gerechten die worden geserveerd. Niet op een oneindig lange menukaart, maar met keuze uit een paar herkenbare pasta’s, pizza’s en desserts.
Ook geen afhaal en bezorging, belooft Camera. „Vreselijk”, vindt hij het rondbrengen van eten op een scootertje. „Dan ligt de pizza aan één kant van de doos aan het einde van de rit.”
Een miljoen pizza’s
De bedoeling is dat Camera en Schreiner eerst zelf in de keuken gaan staan. Tot er een vaste kok gevonden is. De pizza-oven wordt de vaste plek van de Italiaan. „Ik ben een goede pizzabakker, hoor”, zegt hij trots. „Ik heb in mijn leven al meer dan een miljoen exemplaren gebakken”, schat hij.
Met La Fornaccia heeft Anloo een helemaal nieuw Italiaans restaurant in het dorp gekregen. Foto: Peter Wassing
Voor de toekomst heeft het stel nog vele plannen. Behalve diner, zal op den duur ook lunch worden toegevoegd in het weekend. In het voorjaar komt er meer ruimte bij op de twee terrassen voor en achter het pand. Op de bovenverdieping komen straks vier studio’s, waar gasten kunnen overnachten. En naast partijen en trouwerijen, wil het stel ook ruimte bieden aan verenigingen uit het dorp om er te vergaderen.
En net als bij veel andere horecazaken zijn Camera en Schreiner ook nog op zoek naar personeel. Dat is ook te zien aan de grote, gele poster die nu op het raam prijkt. De teller staat momenteel op vijftien medewerkers, vooral jonge mensen uit Anloo en het naastgelegen dorp Annen. Op laatstgenoemde plek woont het stel zelf ook sinds een jaar. Schreiner runt er haar eigen bed & breakfast.
‘Straks sta ik daar alleen’
Komende vrijdag verwelkomen ze hun eerste gasten. En ondanks de jarenlange ervaring, vindt Camera het toch spannend.
„Niet vanwege de mogelijke reacties, hoor. Er zit altijd wel een negatieve tussen. Dat hoort erbij”, vindt hij. „Maar ik ben vooral zenuwachtig voor mijn werk in de keuken. Ik ben gewend om met acht mensen te werken. Maar straks sta ik daar alleen.”
Toch hebben ze er het volste vertrouwen in. Voor de eerste weken regent het al reserveringen. „De omgeving wacht met smart. Mensen zijn nieuwsgierig en willen komen kijken”, zegt Schreiner. „Dus we zullen niet zo gauw hebben dat hier niemand zit.”