Anneke Oostland in het Hamelhuys. Foto: Nienke Maat
Leven met en na kanker. Lotgenoten die te maken krijgen met deze ziekte kunnen er in het Hamelhuys in Groningen met elkaar over praten. In het huis merken ze dat er veel behoefte is aan die steun. Reden voor het centrum om ook een vestiging te openen in Assen.
Ze krijgt nog steeds kippenvel als ze erover vertelt. In 2014 stond de wereld van Anneke Oostland (71) plots op zijn kop. Nietsvermoedend meldde ze zich als bloeddonor in het ziekenhuis. Daar werd na onderzoek duidelijk dat haar bloedwaarden niet goed waren. Hoewel ze zich kiplekker voelde, besloot ze op aandringen van de huisarts toch een bezoek te brengen aan de internist. Daar bleek het al snel foute boel. Nierkanker, luidde de diagnose.
„Ik kan me het gezicht van de arts goed herinneren toen ze de echo bestudeerde. Haar blik werd steeds zorgelijker en ze riep er snel een andere dokter bij. En toen kreeg ik het nieuws te horen. In de wachtkamer nog wel”, blikt Oostland terug op die ene dag.
Die verontrustende blik herkent ook Josje Hamel, oprichtster en naamgever van het Hamelhuys. Ze zit tegenover Oostland aan tafel in een huiselijke ruimte, waar ze samen een kop thee drinken. Zelf kreeg ze in 2010 de diagnose melanoomkanker, na een ‘onschuldig’ bezoek aan de huisarts.
„Ik was daar voor een doorverwijzing naar de fysiotherapeut vanwege een pijnlijke nek. Maar in plaats daarvan ontdekte ze een bobbel onder mijn sleutelbeen en verwees ze me door naar het ziekenhuis.”
De nietsvermoedende tocht
Ze praten verder over de nietsvermoedende tocht naar het ziekenhuis die ze beiden aflegden. Zo stapten ze allebei alleen op de fiets naar het gesprek dat hun leven zou veranderen. Na de schok volgden talloze behandelingen, onzekerheid en angst.
Anneke Oostland met Josje Hamel en stagiaire Laeticha in gesprek over leven met kanker. In het Hamelhuys in Groningen. Foto: Nienke Maat
Bevestigende knikken gaan over en weer wanneer ze elkaars verhalen aanhoren. „Het is fijn om er met mensen over te kunnen praten die hetzelfde hebben meegemaakt. Dat helpt niet alleen bij de verwerking, maar het schept ook in korte tijd een diepe band”, legt Oostland uit.
Naast Oostland en Hamel komen jaarlijks zo’n 1.800 gasten naar het Hamelhuys om met lotgenoten te praten over leven met en na kanker. Het concept van het huis is simpel: iedereen die getroffen is door de ziekte kan binnenlopen. Voor een goed gesprek, wat ontspanning of om mee te doen aan een van de activiteiten die de vrijwilligers organiseren.
IPSO-centra
Instellingen voor psychosociale oncologie (IPSO-centra) bieden (ex-)kankerpatiënten, hun naasten of nabestaanden een luisterend oor. In Nederland zijn er in totaal 81 ontmoetingsplekken voor mensen die leven met en na kanker. Naast Groningen zitten ook in Emmen en Hoogeveen zulke inloophuizen. In Coevorden opent eind deze maand een centrum.
De Groningse Oostland stapte een jaar geleden voor het eerst over de drempel. Elke dinsdagochtend doet ze mee aan de yogales. En sinds kort volgt ze een schrijfcursus, waar ze haar gevoelens op papier zet en vervolgens deelt met lotgenoten.
‘Samen dragen maakt het lichter’
„Met mijn kinderen voer ik niet de gesprekken die ik hier voer. Ik wil hen niet altijd met mijn zorgen belasten”, geeft ze toe. „Samen dragen maakt het lichter”, staat Hamel haar bij.
De impact van kanker is voor allebei nog steeds de dagelijkse realiteit. In 2017 werden bij Oostland uitzaaiingen ontdekt. Sindsdien zit ze in een intensief traject. Binnenkort staat haar weer een spannende scan te wachten: in oktober zal blijken of de immunotherapie die ze volgt aanslaat. Ook Hamel kan meepraten over de gevolgen van de ziekte. Ze is inmiddels genezen, maar heeft nog elke dag fysieke pijn.
Om daarmee om te kunnen gaan, is laagdrempelige steun volgens Hamel enorm belangrijk. „Artsen kunnen helpen met een behandeling, maar ze zijn aan tijd gebonden. Hier hebben we alle tijd om het gesprek aan te gaan.”
Hamelhuys in Assen
Behalve in Groningen, was ook in de Drentse provinciehoofdstad eerder een Hamelhuys. Maar in 2021 sloot de vestiging aan de Mandemaat in Assen de deuren. Door de coronamaatregelen liep de stichting inkomsten mis en verkeerde het huis in geldnood.
Hamel wil nu opnieuw een centrum in Assen openen. „Vanuit het ziekenhuis in Assen weten we dat er veel behoefte is aan een eigen vestiging in de provinciehoofdstad”, verklaart ze.
„En voor de mensen die te maken hebben (gehad) met kanker is het belangrijk dat zo’n plek dichtbij je woonplaats is. Anders is de drempel om te komen te hoog”, voegt Oostland toe.
Enorme geldzorgen heeft de stichting niet meer. In Groningen biedt de gemeente sinds een jaar financiële hulp. Ook ondersteunt het KWF met structurele financiering, waardoor er sinds kort een vaste kracht bij het centrum werkt.
„Dat zouden we in Assen ook wel willen”, hoopt Hamel. „We kunnen nu van start, maar we blijven altijd afhankelijk van donaties en giften.”
Zoektocht naar locatie en vrijwilligers
Ook zoekt Hamel nog een locatie en vrijwilligers. Daarover is de stichting inmiddels in gesprek met de gemeente Assen en het Wilhelmina ziekenhuis.
Zo’n tien tot twintig mensen zijn nodig om van start te kunnen gaan. „De locatie hoeft niet aan veel eisen te voldoen. Het is vooral belangrijk dat er een paar ruimtes zijn waar we een huiselijke sfeer kunnen creëren.”