Een boerderij kan voortaan makkelijker worden gesplitst in meerdere eenheden. Foto: Huisman Media
Kleinere dorpen vergrijzen. Jongeren trekken naar plekken waar nog wel woonruimte is. De gemeente Midden-Drenthe probeert dat tegen te gaan met het versoepelen van de regels. Vanaf nu kunnen woningen en erven gemakkelijker worden gesplitst.
Neem een boerderij, waarin de boer na zijn pensioen is blijven wonen. Die boerderij kan nu in maximaal twee eenheden worden opgesplitst. „Dat gebeurt op basis van oppervlakte”, zegt woonwethouder Rieja Raven. „Het aantal vierkante meters daalt van 90 naar 55.”
In dezelfde boerderij kunnen straks misschien wel vijf eenheden komen. Een stel vrienden kan dan bijvoorbeeld gezamenlijk zo’n boerderij kopen en verbouwen.
Wethouder Rieja Raven. Foto: Marcel Jurian de Jong
Of je hebt een groot perceel en je dochter is op zoek naar woonruimte. In de tuin staat een bijgebouw dat – met wat aanpassingen – kan worden omgetoverd naar een woning. Zulke regels zullen worden verruimd.
‘Het wordt een bejaardencentrum’
De woningnood is hoog, ook in Midden-Drenthe. Berekeningen laten zien dat er tot 2030 190 nieuwe huizen per jaar moeten worden bijgebouwd. De afgelopen tien jaar waren dat er 60 per jaar. Vooral kleine dorpskernen ervaren dat, beaamt Kees Kuik van het Dorpenoverleg Midden-Drenthe.
De woningnood is hoog. Foto: Venema Media
Hij woont in de Broekstreek, bij Balinge, Garminge en Mantinge. Daar zoeken jongeren hun heil elders. De leefbaarheid staat onder druk, vindt het Dorpenoverleg. „De jongeren vertrekken en de Broekstreek wordt een bejaardencentrum”, vindt Kuik. „Als ouderen hebben we wel veel meer tijd voor de kinderen, maar het maken ervan wordt een probleem.”
Met de versoepeling hoopt wethouder Raven voor een deel tegemoet te komen aan de vraag. „Hoeveel durf ik niet te zeggen. Dat hangt vooral af van al die kleine initiatieven die uit de dorpen komen. Vele druppels zorgen ook dat de emmer vol raakt.”
‘Inwoners moeten verder kijken dan hun neus lang is’
Waar bewoners tot voor kort wachtten op bouwplannen van gemeenten en vervolgens een perceel kochten, is het nu aan de inwoners zelf. „Inwoners moeten zelf verder kijken dan hun neus lang is”, zegt Ger Steenbergen van het Dorpenoverleg.
In de dorpen zien ze initiatieven ontstaan: een vriendengroep die nadenkt over hun mogelijkheden. „Samen kunnen de inwoners veel. Misschien kunnen ouderen aan de jongeren geld lenen om iets te kopen, bijvoorbeeld.”
Die initiatieven krijgen vanaf nu meer ruimte, al moet wel aan voorwaarden worden voldaan. „Het moet wel passen in de woonomgeving, maar we zijn een stuk soepeler”, aldus Raven.