Dit zijn de restanten van de verwoeste weegbrug. Foto: Anjo de Haan
Het kenmerkende en monumentale weegbrughuisje in Warffum is woensdagmiddag door brand verwoest. De brandweer kon het 100 jaar oude rijksmonument niet meer redden, tot groot verdriet van de inwoners.
Het knalgele huisje was voor nieuwkomers of voorbijgangers wellicht een doorn in het oog, maar voor veel dorpsbewoners was het een stukje nostalgie in de bocht van de Oosterstraat. Het voormalige weegbrughuis met weegbrug werd in 1925 gebouwd en ontworpen door bouwkundige A. Lanting uit Warffum.
„Het werd vroeger gebruikt voor de landbouw. Boeren uit de polder kwamen er hun gewassen wegen. Vaak werden suikerbieten gewogen en vervolgens getransporteerd naar Groningen”, vertelt Erik de Graaf (68), die aangeslagen is door het nieuws.
Restanten van het weegbrughuisje Foto: Anjo de Haan
In 1964 werd de weegbrug verkocht, omdat de oprit naar de brug voor vrachtwagens te krap werd. Later diende het huisje als opslag of werkplaats. Het vuur heeft het karakteristieke huisje volledig verwoest. „Wie in Warffum is komen wonen of er al zijn hele leven woont… niemand heeft het dorp zonder dat huisje gekend. Iedereen in de buurt heeft er wel een herinnering aan. Het is heel treurig.”
Weegkaartje
Dat geldt ook voor inwoner Koos Knol (94). Hij woonde 85 jaar in het dorp, maar verhuisde vanwege zijn gezondheid naar een verzorgingshuis in Winsum. „Ik heb het nieuws vanmorgen gehoord. Heel erg vervelend”, zegt Knol. „Warffum is toch een heel karakteristiek dorp, met veel monumentale panden. En dit was er natuurlijk een van. Vroeger had je in alle dorpen een weegbrug, en ook veel van het type dat in Warffum stond.”
Het weegbrughuisje had vroeger een kantoor, terwijl in de kelder de brug was geïnstalleerd. Dicht bij de plek woonde ook de weger, een man die in dienst was van het bestuur om de dagelijkse wegingen uit te voeren.
Restanten van het weegbrughuisje Foto: Anjo de Haan
Zelf ging Knol als kind wel eens mee naar de plek. Dat was toen heel gewoon. „De boeren lieten hun producten van de boerderij wegen. Op een kaartje waarop verschillende kiloaantallen stonden, werd het gewicht afgevinkt. Zo wisten zij voor hoeveel ze hun producten konden verkopen.”
Knol begrijpt het verdriet bij de inwoners goed en verwacht niet dat het gebouw zal worden gerestaureerd. „Dat is spijtig, maar dat kan ik mij haast niet voorstellen. Er gaat daardoor wel een stukje geschiedenis verloren. Het is vele jaren in gebruik geweest.”