Erna Plenter van Museum Valse Kunst in Vledder. Foto: Martijn Bijzitter
In Museum Valse Kunst in Vledder staat de passie voor echte kunst weer voorop. De nieuwe indeling toont in het begin de kunstwerken die de oprichters Erna en Henk Plenter verzamelden. Daarna volgen nog altijd de naamgevers van het ‘museum met een glimlach’: de miskopen en bedriegingen. Deze volgorde voelt logischer. En vals of echt: elk kunstwerk heeft wel een verhaal.
Erna Jansen (75) blikt nog eens terug, hoe het allemaal begon met de kunstcollectie van haar in 2010 overleden man Henk Plenter. Of eigenlijk van zijn ouders. Die verzamelden Drentse landschappen, zoals een expressief werk van Ploeg-schilder Jannes de Vries. Het is een kleurrijk zicht op Hooghalen, waar Henk Plenter werd geboren.
Tegenover dit schilderij staat een beeld, gemaakt door Roy Greve uit Elp. „Die vond dat Henk zo’n karakteristieke kop had. Hij wilde graag zijn portret maken’’, vertelt Jansen. Na een poosje mocht ze bij Greve het kleimodel bekijken. „Het gezicht was wat breed. Dat had Henk niet. Dus: flap-flap-flap …’’, doet ze met klappende handen voor, hoe de beeldhouwer het hoofd smaller maakte. „Het was immers klei!? Later kwam ik weer kijken: Die neus. Henk had een lange, rechte neus. Flats! Een stuk klei. Zijn kin. Hij had een pronte kin. Flats …!’’, vertelt ze lachend.
Verzamelen
Nu kijkt zijn portret de grote zaal in met die uiteenlopende Drentse landschappen en boerenschuren van bijvoorbeeld Louis Albert Roessingh en Jan Zondag. Of met portretten, zoals het vrouwelijk naakt van Jaap Does, een schilder uit Vledder. „Toen hij overleed, waren er geen erfgenamen. Ja, alleen twee nichten in Australië. Die hoefden zijn kunst niet en zeiden tegen ons: ‘Verkoop het maar. En je hoeft niet voor de hoofdprijs te gaan’. Zo is de hele omgeving van Vledder aan een Does gekomen. Maar dit naakt bleef over. Mooi, dat naakt. Maar het hoofd was niet zo mooi …’’, grinnikt Jansen.
Erna Plenter en haar man verzamelden veel kunst op reis: „Als we bijvoorbeeld naar Zuid-Frankrijk gingen dan stippelden we een hele route uit, te beginnen bij glasfabrieken in België en daarna langs allemaal Franse kunstenaars." Foto: Martijn Bijzitter
Zo kleeft aan elk kunstwerk een geschiedenis. Henk Plenter verzamelde zelf vooral grafiek. „Je weet wat grafiek is? Dat is platte kunst, waar je meerdere exemplaren van kunt afdrukken, leg ik altijd uit aan de bezoekers.’’ Hij verzamelde véél grafiek, gaat Jansen door. „Totdat hij eens thuiskwam met een glazen vaas. Kijk, toen begon ik het ook interessant te vinden …’’
Een eigen museum
De collectie met grafiek en glaskunst groeide en Henk Plenter opperde: ‘Ik wil een museum beginnen.’ Stad en land reisde het stel af, op zoek naar een geschikte locatie. „Van Haren in Groningen tot Spa in België. De ráárste gebouwen. Overal zag Henk wel potentie in. Maar ik vaak niet. Tot we hier in het voormalige gemeentehuis in Vledder kwamen. Ja. Dít voelde goed bij mij.’’
Er kwamen aparte zalen voor de grafiek, de Drentse kunst en het glas. „Op zolder stond nog een doos met vervalsingen. Vooral met grafische kunst word je nog weleens bedonderd. Daar leer je van, als kunstverzamelaar. Je kunt die waardeloze werken wegstoppen. Maar het leek ons wel leuk om dat óók te laten zien aan de bezoekers: wat ze allemaal uithalen in de kunstwereld en waar je voor moet oppassen. Daar hadden we ook een expositie mee ingericht. En toen we opengingen, doken de media massáál op die vervalsingen: we waren ineens een museum voor valse kunst!’’
Van verre reizen
Nu ligt er weer meer nadruk op de kunst uit de eigen verzameling. In de oostvleugel is daarbij de tijdelijke tentoonstelling Liefde voor echte kunst, met souvenirs die Henk en Erna Plenter op hun reizen kochten. „Als we bijvoorbeeld naar Zuid-Frankrijk gingen dan stippelden we een hele route uit, te beginnen bij glasfabrieken in België en daarna langs allemaal Franse kunstenaars.’’
De werken in de expositie komen van verder weg. Zo ging het stel meerdere keren naar Bali. „We wandelden er veel. Onderweg kwamen we dan ateliers tegen, waar jonge knullen tekeningen maakten. Aan de wand hingen wel honderden prenten. Dan vonden we daar een paar mooie tussen.’’
Prent uit Bali met een voorstelling van een Barong-ritueel. Foto: Museum Valse Kunst
Waarop let je dan? „Iets opvallends. Veel prenten leken op elkaar. Of je zag steeds dezelfde koppies. Maar dat kon ook weer een mooi ritme geven in een tekening. Of het waren voorstellingen van dingen die we onderweg tegenkwamen: het werk in de sawa’s, een rituele Barong-dans of een crematie. Onderwerpen die we ook in het echt gezien hadden.’’
In China kochten ze posters met socialistische voorstellingen van arbeiders of van ‘de grote leider’ Mao. „Het zijn echte houtsneden, die goed de sfeer weergeven. Hier: No BMW, staat er op deze. Tegen het kapitalisme, natuurlijk. En eronder: Great criticism’’, wijst Jansen lachend.
Werk van de Marokkaanse kunstenaar Youssef Aït Tazarin (detail). Foto: Museum Valse Kunst
In Marokko vonden ze opmerkelijke kunst met allemaal stippenpatronen. „Het doet denken aan Aboriginal-kunst. Vonden we leuk. Dit hebben we gekocht van straatkunstenaars.’’ Wat niet hoeft te zeggen dat het anonieme schilders betreft.
„De curator van het museum heeft het nagezocht: het bleken best bekende namen te zijn. Maar wij hadden ze al op straat ontdekt’’, zegt ze met enige trots. Om de authenticiteit van deze kunst te benadrukken, ligt op tafel een boekje over de Marokkaanse kustplaats Essaouira, waar kunstenaars een eigen stijl met stippen hebben ontwikkeld.
Liefde voor echte kunst – de souvenirs van Henk en Erna. T/m 14 juni in Museum Valse Kunst, Brink 1, Vledder. Open wo-zo 11-17 uur.Volgende tentoonstelling vanaf 20 juni: De kunst van het weglaten – Henk Pries.