Naarmate de eerste olympische klus van de Nederlandse ploegachtervolgers dichterbij komt, wordt het steeds onrustiger rondom het meest besproken team van de 25e Winterspelen. Jillert Anema, de coach van de bronzen Jorrit Bergsma, liet donderdagavond in alle euforie alvast weten dat de 40-jarige Fries een basisplek verdient, morgenmiddag in Milaan. „Of je stelt het snelste team op’’, stelde hij, „of je doet diplomatiek.”
Die opmerking wilde de coach van AH Zaanlander verder niet toelichten. „Ik ben niet degene die bepaalt, ik mag slechts aanleveren’’, hield hij zich daarna op de vlakte.
De feiten: bondscoach Rintje Ritsma heeft vier mannen tot zijn beschikking om zondagmiddag een tijd neer te zetten die bepaalt tegen wie TeamNL het volgende week dinsdag opneemt in de halve finale van de olympische ploegachtervolging. Dat zijn Chris Huizinga, Stijn van de Bunt, Marcel Bosker en Jorrit Bergsma. Bergsma werd lange tijd als reserve gezien, maar Ritsma heeft al laten weten de veteraan hard nodig te hebben, volgende week, als op die medailledag twee keer moet worden geschaatst (halve finale + strijd om goud of strijd om brons).
Ritsma liet afgelopen woensdag na de training weten de 10 kilometer van vrijdag af te willen wachten wie hij zondagmiddag opstelt. Met andere woorden: wie verteert de langste individuele afstand het beste: Van de Bunt of Bergsma? Met een bronzen medaille op zak, lijkt Bergsma daar het meest voor in aanmerking te komen. Van de Bunt (5e op de 10 kilometer), zou dat onzin vinden. De nieuweling uit Lopik, die na een grandioos olympisch kwalificatietoernooi van afgelopen december zich spontaan kwalificeerde voor Milaan, vindt dat erover hem geen discussie gevoerd hoeft te worden, zei hij donderdag. „Stel me maar op’’, aldus Van de Bunt.
De ergernis van Stijn van de Bunt
Van de Bunt nam het Ritsma trouwens kwalijk dat hij verbaal niet werd betrokken in het ploegenspel. Hij moest van anderen horen dat Ritsma twijfelde tussen hem en Bergsma en dat de vertering van de 10 kilometer de doorslag zou geven. „Dat heeft Rintje vooraf niet met mij gecommuniceerd”, zei Van de Bunt donderdagmiddag al in Milaan. „Dat vind ik jammer. Jammer dat ik dat ergens moet lezen. Ik snap dat hij moet kiezen, maar ik had er ook wel even over gebeld of aangesproken mogen worden. Daar stond ik even versteld van.’’
Anema,vrijdagavond: „Jorrit is in vorm, dat hij op positie twee rijdt is de sterkste samenstelling.’’ Of dat volgens hem ten koste moet gaan van Bosker, Huizinga of Van de Bunt liet hij in het midden. Maar Anema riep ook: „Er gaan weer allemaal politieke dingen een rol spelen. Maar ze moeten het zelf weten: of je stelt het snelste team op, of je doet diplomatiek. En topsport is niet voor diplomatie.’’
Bedoelde hij met die laatste opmerkingen wellicht ook om Marcel Bosker uit de basisopstelling te wippen? Dat zou inderdaad politiek gevoelig liggen omdat na het veelbesproken OKT van eind december Bosker een plek kreeg in TeamNL ten koste van Tim Prins die dacht dat zijn derde plaats op de 1500 meter voldoende was voor een olympisch startbewijs. Prins begreep niets van de argumentatie om Bosker te selecteren omdat volgens hem TeamNL de ploegachtervolging nog nooit serieus heeft genomen.
Marcel Bosker in het oranje van Nederland. Foto: Orange Pictures
Bosker zakte door het olympische ijs tijdens de 5 kilometer, vorige week zaterdag. Hij werd kansloos 11e. Bosker beloofde daarna beterschap en uit te kijken naar de ploegachtervolging. Om op dat teamonderdeel weer de beste versie van zichzelf te kunnen tonen, zei hij. „Op de training laat ik dat steeds weer zien’’, voegde hij daar nog aan toe. Het was alsof Anema dat vrijdagavond niet geloofde: „De besten moeten schaatsen.’’
Wat zegt Rintje Ritsma over Stijn van de Bunt?
Ritsma zei woensdag: „Het hangt van Stijn z’n tien kilometer af, hoe snel hij herstelt. Daar moeten we ook van de eerlijkheid van Stijn zelf uit kunnen gaan. En van zijn coach.’’
De bondscoach benadrukte het belang van vier gelijkwaardige schaatsers: „Andere landen hebben vaak geen vier. De halve finale en finale moeten we twee keer op een dag (op dinsdag 17 februari dus, red.). Als we er dan een kunnen sparen en we hebben een frisse kracht erin, dan kunnen we misschien nét het verschil maken om het podium te pakken.’’
Over Bergsma, die in 2014 een persoonlijke teleurstelling beleefde in de ploegachtervolging omdat hij niet werd gedoogd door zijn teamgenoten Sven Kramer, Jan Blokhuijsen en Koen Verweij, zei Ritsma afgelopen week ook nog: „Ik denk dat Jorrit nog nooit in een team pursuit heeft gestaan zoals hij nu staat. Hij is heel sterk, zoals hij nu rijdt. Ze hebben er allemaal zin in, moeten het echt met z’n vieren doen.’’