Arjen Robben staat de pers te woord terwijl 'wonderdokter' Dick van Toorn op zijn fiets stapt. Foto: ANP
Hoe kon Arjen Robben het Nederlands elftal in 2010 met een halve hamstring tóch bijna naar de WK-titel schieten? En wat was de rol van de eigenzinnige wonderdokter Dick van Toorn? Een reconstructie.
De blessure
Zaterdag 5 juni 2010. Het Nederlands elftal speelt in de Amsterdam ArenA de uitzwaaiwedstrijd voor het WK 2010. De tegenstander is Hongarije. De Oranjeselectie reist direct na de wedstrijd door naar Schiphol om naar Zuid-Afrika te vliegen. Negen dagen later wacht in Johannesburg het eerste WK-duel met Denemarken.
Oranje komt tegen Hongarije op achterstand, maar vermaakt het publiek daarna met een rimpelloos oefenduel en doelpunten van Robin van Persie, Wesley Sneijder, Arjen Robben, Mark van Bommel en Eljero Elia. De Hongaren krijgen klop.
Robben zet de 6-1 eindstand op het scorebord. En hoe. Hij legt de bal, na een met Rafael van der Vaart ingestudeerde hoekschop, op zijn Robbens voor zijn linker. Boem. Verwoestend hard in de verre hoek. De Bedumer maakt een vreugdesprong en lacht zijn tanden bloot.
De verloren Champions League-finale met Bayern München tegen het Internazionale (0-2) van Sneijder is nog maar een paar weken geleden. Toch oogt Robben na een lang seizoen fris. Net op tijd om te vlammen op het WK.
Deze topgeneratie met Van Persie, Sneijder en Van der Vaart is een van de grote favorieten voor de eindtitel in Zuid-Afrika. En het heeft er alle schijn van dat de dan 26-jarige Arjen Robben, misschien wel de grootste van De Grote Vier, net op tijd in bloedvorm verkeert.
Maar dan. Amper 5 minuten na zijn goal. Robben kruipt voor de zoveelste keer naar binnen. Die arme Hongaren. Ze weten maar al te goed dat hij het gaat doen. Alleen nooit precies wanneer.
Tijd voor de toegift?
Een vernuftig hakje met links. Mislukt.
Nee, toch?
Néé.
Pats. Robben grijpt naar zijn linkerhamstring. Hij schreeuwt het uit.
De Arena valt stil. En in al die huiskamers in Nederland vreest iedereen hetzelfde.
Gaat dit ons onze eerste WK-titel kosten?
Hier loopt Robben zijn blessure op (het verhaal gaat verder onder de video):
De beul en de dribbelaar
Zondag 6 juni 2010.The day after. Het is al avond als Nederland een eerste zucht van verlichting slaakt. Na onderzoek in het Erasmus-ziekenhuis in Rotterdam blijkt dat Robbens kwetsuur minder ernstig is dan gedacht. De aanvaller, die vaker dan hem lief is gekweld door blessureleed, heeft een scheur in zijn hamstring opgelopen.
Er gaat nog geen streep door het WK. Bondscoach Bert van Marwijk laat vanuit Zuid-Afrika weten dat hij voorlopig geen vervanger oproept. Hij wil Robben alle tijd en ruimte geven om te herstellen. Dan maar later instromen.
Van Marwijk zou ook wel gek zijn als -ie zijn sterspeler thuislaat. Zelfs een Robben met een halve hamstring is nog wereldtop.
Robben zelf legt vrijwel meteen contact met een oude bekende. Dick van Toorn (79) uit Rotterdam is een wat onorthodoxe fysiotherapeut. Hij staat bekend als wonderdokter. Er zijn minder vleiende bijnamen te verzinnen.
Arjen en vader Hans Robben bij het huis van Dick van Toorn. Foto: ANP
Van Toorn behandelde in zijn lange carrière zo’n beetje alle grote voetballers uit Nederland. Noem maar op: Johan Cruijff, Willem van Hanegem, Ruud Krol, Ronald Koeman, Marco van Basten, Ruud Gullit. Stuk voor stuk komen ze ooit, vaak ten einde raad, bij Van Toorn uit.
En nu is het dus de beurt aan Arjen Robben. De beul en de dribbelaar. Het klinkt als een Disneyfilm.
Bert van Marwijk
Oud-bondscoach Bert van Marwijk sprak onlangs in zijn column in De Telegraaf over het WK van 2010 en de blessure die Arjen Robben vlak voor het toernooi opliep. „Grote paniek, wat gaan we doen? Toen heeft onze Rotterdamse fysiotherapeut Dick van Toorn, die ik zelf goed kende, zich over hem ontfermd. We hebben een groot risico genomen. Iedereen zei: dit kan niet. Maar Van Toorn zei: 'Ik krijg hem wel fit'. We namen de gok.”
Van Marwijk vervolgde: „Ik ben er nog altijd van overtuigd dat wij de finale van Spanje hadden gewonnen als Arjen echt topfit zou zijn geweest, zoals hij dat in 2014 op het WK in Brazilië was. Je hebt gewoon te accepteren dat er onverwachte dingen gebeuren.”
„Als je het rustig laat genezen ga je naar de vier tot zes weken toe”, zegt een optimistische Robben in Studio Voetbal. „Daarom heb ik nu andere middelen nodig. Ik heb goede ervaringen met Van Toorn, hij heeft me eerder geholpen. Ik heb er het volste vertrouwen in dat hij mij klaar gaat maken voor het WK. Ik weet dat hij tot veel in staat is, eventueel kan het in een week weer goed zijn. Aan mij zal het niet liggen. Ik wil er gewoon graag bij zijn als we daar wereldkampioen worden.”
De martelkamer
Maandag 7 juni 2010. Arjen Robben meldt zich ‘s ochtends voor het eerst in een zwart Adidastrainingspak bij Van Toorn thuis in Kralingen. Er zitten zwarte tralies voor de ramen. Wat er binnen precies gebeurt, is strikt geheim. De verzamelde pers staat buiten ruim vier uur te wachten.
Samen met vader Hans loopt Arjen rond het middaguur naar hun geparkeerde Audi om even verderop te gaan lunchen. Daarna wacht nog een stevige middagsessie bij Van Toorn thuis.
Terwijl Robben weer een handvol microfoons onder zijn neus krijgt, piept Van Toorn er tussenuit. Hij stapt op een sobere fiets met fietstassen. Er is een mooie foto van. De Twee Redders van de Natie, in één beeld gevangen.
Arjen Robben staat de pers te woord terwijl 'wonderdokter' Dick van Toorn op zijn fiets stapt. Foto: ANP
De gouden handen van Dick van Toorn kneden Arjen Robben naar het WK. Het lijdend voorwerp lijkt er zelf al van overtuigd.
En lijden doet Robben. Revalideren bij Van Toorn is bepaald geen pretje. Zijn behandelruimte staat bekend als martelkamer. Zo gebruikt Van Toorn zeer intensieve en pijnlijke rekoefeningen voor hamstringproblemen, het euvel waar Robben mee kampt.
Afgemat wordt-ie. Urenlang achter elkaar. Zonder genade.
‘Zonder pijn geen genezing’ is het motto van de geharnaste Van Toorn. Helemaal als zijn nieuwste patiënt geen tijd te verliezen heeft.
Alles voor het landsbelang.
Terug bij Oranje
Zaterdag 12 juni 2010. Het is zover. Arjen Robben landt ‘s ochtends tegen 11 uur op het vliegveld van Johannesburg. Na vijf dagen afzien bij Van Toorn is de tijd rijp om zich bij het Nederlands elftal te melden.
De eerste groepswedstrijd tegen Denemarken is op maandag 14 juni, maar Van Marwijk heeft doordeweeks al laten weten dat het openingsduel te vroeg komt voor Robben. Gelukkig blijkt Oranje het in de groep nog zonder zijn briljante dribbels af te kunnen. Zowel Denemarken (2-0) als Japan (1-0) wordt verslagen.
De druk is daarom wat van de ketel als Robben in de laatste groepswedstrijd tegen Kameroen (2-1 winst), op 24 juni, zijn rentree maakt. Voorzichtig nog. Al is hij meteen belangrijk. In de 20 minuten die hij krijgt raakt hij de paal en maakt Klaas-Jan Huntelaar in de rebound de winnende treffer.
Robben is na afloop zichtbaar opgelucht. Hij voelt zich bevrijd, zegt hij.
En, ook niet onbelangrijk: hij voelt zich goed.
Dat geldt een paar duizend kilometer verderop ook voor zijn wonderdokter. „Ik ben blij voor die jongen”, reageert Dick van Toorn bij RTV Rijnmond. „Toen hij net op het veld stond, zag je wel dat hij zich wat inhield. Na die ene actie die hij afsloot met die poeier op de paal, wist ik dat het goed zat. Daar is niets geblesseerd meer aan.”
Het Nederlands elftal voor de kwartfinale tegen Brazilië. Foto: ANP
De teen van Casillas
Zondag 11 juli 2010. De WK-finale. Nederland-Spanje. De dag waarvan we allemaal nog weten hoe-ie eindigt.
Helaas.
Eerst de aanloop naar de finale. Die is een stuk vrolijker. Robben begint in de achtste finale tegen Slowakije (2-1) voor het eerst in Zuid-Afrika in de basis. Hij is op stoom en opent al na een kwartier de score. Na 70 minuten valt Eljero Elia in voor de moegestreden Robben.
In de kwartfinale tegen Brazilië wordt Oranje voor rust (1-0 achter) overlopen. Na rust kantelt de wedstrijd. De kleine Sneijder wordt met twee doelpunten de grote man, maar Robben is een nóg grotere plaag voor de Brazilianen.
Robben scoort in de halve finale tegen Uruguay (3-2) ook zelf weer. De beslissende 3-1, met het hoofd nota bene. Wie gaat ons nog stoppen? Wie gaat Arjen Robben stoppen, beter gezegd?
We schrikken af en toe nog wakker van het antwoord.
De finale. Nederland-Spanje. 0-0. Minuut 62. Minuut der Minuten. Robben ziet een gaatje. Sprint voor zijn leven. Sneijder ziet het vanuit zijn ooghoek. Steekt Robben weg. Geen buitenspel.
Dick van Toorn zit achter zijn tralies thuis in Kralingen te kijken. Hij zegt een paar maanden later in de Volkskrant: „Ik dacht: kijk, daar gaat hij. Kijk eens wat een snelheid. Hij vloog bijna. Ik zat stijf van de spanning in mijn stoel. Ik dacht: het gebeurt. Ongelofelijk. Hier hebben we samen naar toegewerkt. Arjen gaat geschiedenis schrijven.”
Bijna.
De hamstring van Arjen Robben doet het.
Maar de teen van Iker Casillas ook.
Hét moment van de WK-finale. Arjen Robben stuit op Iker Casillas:
Dick van Toorn
Dick van Toorn kreeg na het WK van 2010 forse kritiek op zijn behandeling van de hamstringblessure van Arjen Robben. Toen de aanvaller terugkeerde in Duitsland, was Bayern München op z’n zachtst gezegd niet blij met de rol van Van Toorn.
Clubarts Hans-Wilhelm Müller-Wohlfahrt claimde dat Robben door Van Toorns aanpak een grotere spierscheuring had opgelopen, waardoor hij maandenlang uit de roulatie was. Bayern-trainer Louis van Gaal gaf aan dat Robben zich in de toekomst niet meer bij Van Toorn zou melden.
Van Toorn zelf noemde de kritiek onzin.
Dick van Toorn overleed in 2013 op 81-jarige leeftijd aan de gevolgen van meerdere herseninfarcten.