Femke Kok heeft het geflikt, de olympische titel is binnen. Foto: Henk Jan Dijks
Gerard van Velde had het over een voltooid levenswerk. Op het olympisch ijs van Milaan schreef Femke Kok geschiedenis. Als eerste Nederlandse vrouw werd de 25-jarige Nij Beetse olympisch kampioen op de 500 meter.
Ze stond te shaken aan de start. Femke Kok voelde iets in haar bovenbenen dat ze nooit eerder voelde. Trillingen. De zenuwen kwamen op. Al 23 keer op rij was ze niet verslagen op de 500 meter. De 24ste zege moest en zou er komen op het olympisch ijs. Ze voelde aan alles dat haar moment was aangebroken. De spanning die zich de hele dag had opgebouwd, kwam tot een kookpunt.
Als klein meisje droomde Femke Kok van olympisch goud en nu stond ze daar aan de start. Zenuwachtiger dan ooit. Nou ja, dat was niet helemaal waar. Als pupil reed ze ooit met haar ouders richting Hoorn voor de marathon. Vijf rondjes lagen in het verschiet. De zenuwen overmanden haar.
Op de Afsluitdijk overwogen haar ouders Ilja en René zelfs om terug te rijden naar Nij Beets omdat hun dochter zo nerveus was. Geen hap kreeg ze die dag door de keel. Ze reden door en Kok pakte haar eerste Nederlandse titel ooit. „Maar de druk was hier natuurlijk groter”, zei Kok met het goud om de nek. „Maar ik heb ermee leren omgaan.”
Emoties maken zich meester van Femke Kok. Foto: ANP/Sem van der Wal
‘Deze is voor mij’
Ze moest winnen, een andere optie was er niet. Die druk legde ze zichzelf ook op. Op weg naar de start was er het contact met haar coach Gerard van Velde. Een geruststellend knikje. Nu moest gebeuren waar ze al zolang zo hard voor werkten. „Deze 500 meter is voor mij”, zei Kok tegen zichzelf.
De start die beter had gekund, maar daarna de vastberadenheid. Nooit dat ze zou toestaan dat titelverdediger Erin Jackson eerder bij de 100 meter was. Het gebeurde ook niet. Kok liet zich door niemand tegenhouden.
De rest van de race benaderde de perfectie. Precies zoals in haar dromen. Van Velde sloeg nerveus de handen voor zijn gezicht. „Toen ik hem na de finish zag, kon ik wel huilen.”
Van Velde zelf was ook emotioneel. „Deze afstand is zo moeilijk”, wist hij. Topfavorieten winnen niet altijd. „Kijk naar Wotherspoon of Dan Jansen.” Zij wonnen alles, maar faalden op het moment dat het moest. „Dit is zo knap”, zei Van Velde.
Gerard van Velde knuffelt Femke Kok, nadat die laatste zijn levenswerk heeft voltooid. Foto: Henk Jan Dijks
Levenswerk voltooid
Zijn hele leven staat in het teken van sprinten. Hij begon in een tijd dat er voor sprinters niets was geregeld in Nederland. Kennis was er nauwelijks, alles draaide om allrounden. Met vallen en opstaan bereikte hij zelf de top. „Ik wilde laten zien dat Nederland kon sprinten.”
Dat deed hij zelf in Salt Lake City in 2002 met 1000-metergoud en als coach van de gouden Michel Mulder, die in 2014 in Sotsji als eerste Nederlandse man de olympische 500 meter won.
En in Milaan completeerde hij het succes met Femke Kok. Zij was de eerste Nederlandse vrouw die goud pakte op de kortste afstand. „Voor mij is dit het voltooien van een levenswerk”, zei Van Velde.
Kok werd op haar beurt weer emotioneel van de woorden van haar coach. „Zo lief. Ik heb zoveel van Gerard geleerd, hij heeft mij zo goed gemaakt. Technisch is hij zo goed. Hij weet precies wat voor mij werkt.” Altijd zijn er nog tips. Soms overvoert Van Velde zijn pupil ermee, maar Kok haalt er altijd de dingen uit waarvan ze denkt dat ze werken.
De zilveren Jutta Leerdam is blij voor de gouden Femke Kok. Foto: ANP/Robin van Lonkhuijsen
Zoveel beter
Terug naar het ijs. Naar die zenuwslopende olympische 500 meter. Hoe vaak had ze niet gedroomd over die perfecte race. En nu moest die uit haar trillende benen komen. Maar eenmaal op gang, was de spanning weg.
Jutta Leerdam stond voor die laatste rit op de eerste plaats, maar wist dat haar 37,15 niet genoeg zou zijn. „Geen moment heb ik aan goud gedacht”, zei de winnaar van de 1000 meter, waarop Kok tweede werd. „Ze gaat er altijd zover onderdoor.” Nee, Leerdam was dolblij met zilver, ook al moest Kok nog wel even rijden.
Maar Kok deed wat Leerdam verwachtte. De 36,49 was de zesde tijd ooit. Het verschil was enorm. De eerste vier schaatssters op de 5000 meter zaten dichter bij elkaar dan Kok en Leerdam op de 500 meter. Ze overklaste de rest. „Het voelt zo goed dat ik zo veel beter ben.”
Femke Kok weet dat de olympische titel binnen is. Foto: Henk Jan Dijks
Normaal doen als kracht
Kok bleef nuchter als altijd. Haar coach zei dat sprinters altijd een beetje apart zijn. Maar Kok zelf vindt juist dat normaal doen haar kracht is. Misschien dat dat juist het aparte aan haar is. Dat ze als normale sprinter het goud veroverde. „Oké, er is nog nooit een Nederlandse vrouw geweest die dit heeft gedaan, misschien ben ik dan toch niet normaal.”
En zo klonk in de olympische arena het Wilhelmus voor Femke Kok. De tranen welden andermaal op. „Het duurt nog wel even voordat het tot mij doordringt”, zei ze. „Ik ben super blij dat ik dit onder deze spanning heb laten zien.”