Jenning de Boo kan opgelucht juichen. Met een geweldige tweede rit plaatst hij zich voor de Olympische 500 meter. Foto: ANP/SEM VAN DER WAL
Hij had er een herkansing voor nodig, maar met een machtige tweede rit op de 500 meter kwalificeerde Jenning de Boo zich zaterdag voor de Olympische Spelen. Weg zijn de stress, twijfel en angst.
De opluchting straalt van zijn gezicht, na de fantastische 33,96 waarmee De Boo zijn status waarmaakt. De ogen worden vochtig als de knuffel met zijn coaches Dennis van der Gun en Gerard van Velde ter sprake komt. „Zo’n OKT schaatsen is gewoon niet leuk”, verklaart De Boo zijn emoties. „Het was gewoon angst. De afgelopen drie dagen ging van alles door mijn hoofd. Stel dat het niet lukt.”
Alles gaat mis
De spanning neemt alleen maar toe als De Boo in de eerste omloop van de 500 meter wordt geklopt door Sebas Diniz, die een rit voor de Groninger een toptijd rijdt: 34,14. In de eerste race van De Boo tegen zijn ploeggenoot Stefan Westenbroek gaat daarna van alles mis.
Allereerst wordt Westenbroek vlak voor het startschot teruggefloten omdat hij niet stil staat: valse start. Daarna zijn beide schaatsers van Team Reggeborgh goed weg, al lijkt De Boo na het startsein iets langer te wachten dan gebruikelijk. Alsof de spanning op het zenuwenbal nog niet groot genoeg is, maakt zijn opponent in de eerste binnenbocht een enorme mispeer. Westenbroek verliest daarbij zoveel snelheid dat hij besluit om op de kruising zijn maatje De Boo ruim baan te geven.
Jenning de Boo krijgt op de kruising van zijn eerste 500 meter ruim baan van zijn ploeggenoot Stefan Westenbroek. Foto: ANP/SEM VAN DER WAL
In de rommelige rit komt de grote favoriet uit Groningen tot de tweede tijd: 34,36. Dat is niet eens zo heel veel sneller dan zijn naaste achtervolgers van dat moment, Merijn Scheperkamp (34,64) en Joep Wennemars (34,67).
„Ik heb het mezelf heel lastig gemaakt”, zegt De Boo daar later over. „Ik heb mezelf dagenlang afgesloten, wilde niet ziek worden. Maar na de eerste omloop dacht ik: waar de fuck heb ik het allemaal voor gedaan? Het liefst was ik na die eerste rit gestopt met schaatsen.”
Verliezende positie
Het klinkt bijna onwerkelijk uit de mond van ‘s lands beste sprinter, feitelijk de enige die zich op de kortste afstanden kan meten met het Amerikaanse fenomeen Jordan Stolz. „Ik was in de verliezende positie”, zegt De Boo, „want de tweede plek op de 500 meter staat niet in de top 9 van de matrix (op basis waarvan de olympische startplekken worden verdeeld, red.). Daar ben ik achter gekomen. Ik moest hier gewoon winnen om zeker te zijn van de Spelen.”
Jenning de Boo verslaat Sebas Diniz tijdens zijn tweede rit en klokt de snelste tijd van de dag: 33,96. Foto: ANP/ROBIN VAN LONKHUIJSEN
Na een chaotische wedstrijd vol valse starts en valpartijen wint De Boo alsnog, en hoe. Met een opening van 9,52 in zijn tweede rit, snelt de Groninger tegen Diniz naar zijn beste tijd ooit in Thialf: 33,96. „Een enorme ontlading”, zegt De Boo. „Ik heb hier best wat voor gelaten. Normaal ga ik altijd naar Groningen om kerst te vieren, met mijn ouders en met mijn vrienden. Nu heb ik helemaal niks gedaan. Dat het allemaal loont - en helemaal na zo’n eerste omloop - dat maakt wel wat los bij mij.”
Ouders
Met een appelsap in zijn handen en de voeten in sportschoenen met losse veters, doet De Boo zijn verhaal. Het gewonnen bosje bloemen ligt op de grond. „We waren met ons team best relaxt. Maar zeker op zo’n dag als vandaag, als iedereen moet rijden, dan zie je het gewoon aan de gezichten. Iedereen stond super strak van de stress.”
De dopingcontrole wacht, en een ijsbad. Daarna volgt de hereniging waar De Boo het meest naar uitkijkt: het weerzien met zijn ouders. „Gelukkig zijn ze hier. Ik denk dat mijn moeder niet eens durfde te kijken in de tweede omloop. Hoe het op de Spelen zal zijn met mijn stress? Ik heb geen idee, ik hoop dat het minder is.”
Leonie Bats naar persoonlijke toptijd op 3000 meter
Op gepaste afstand van de favorieten Marijke Groenewoud en Joy Beune reed Leonie Bats uit Froombosch zaterdagavond in Thialf een nieuw persoonlijk record op de 3000 meter: 4.11,00. De 24-jarige schaatster was op de negende plek nipt sneller dan Maaike Verweij uit Veenhuizen, die een avond eerder nog vierde werd op de natuurijsmarathon in Winterswijk. Verweij reed via een schema met oplopende rondetijden naar 4.11,78. Jasmijn Veenhuis (18) uit Gieten kwam tot een tijd van 4.17,08. De tweedejaars A-junior en bronzenmedaillewinnares op het WK junioren eindigde daarmee als vijftiende.