Ik moest zeven keer een 48-cijferige code intikken voor mijn vastgelopen laptop en de twijfel begon toen de ict-er zei: ‘Je ne sais pas’ | column Herman Sandman
Het zoeken naar een oplossing maakte dat ik zeven keer een andere 48-cijferige code moest intikken. Met de beveiliging van mijn laptop zat het aldus wel goed.
Maar die beveiliging bleek tevens het probleem, want de laptop liet weten dat mijn pincode ‘onjuist’ was. Terwijl ik zeker wist dat-ie juist was. Ik kan van alles vergeten, vooral wat mijn vrouw en zoons vertellen, maar wachtwoorden en cijferreeksen tik ik blindelings in.
De oplossing was bepaald geen appeltje-eitje en met twee mensen van onze ict-afdeling zat ik een dik uur aan de telefoon.
Ze namen de besturing van de laptop over en ik keek met mijn Alpha- brein met bewondering naar de schermpjes, codes en linkjes die ze aanklikten of intikten en het bijna krypton waarin de twee onderling overlegden. „Knap wat jullie doen.”
„Wij zoeken ook gewoon op internet hoor”, zei de een.
„Dat zal”, meende ik, „maar je moet wel weten wat je zoekt.”
Het enige dat ik kon doen was wachten, af en toe een handeling doen en zeven keer opnieuw opstarten, met als beveiliging achter de beveiliging zo’n 48-cijferige code. Oh ja, daarna kreeg ik ook zeven keer een 6-cijferige code om de besturing over te geven.
„Er zijn er die al boos waren geworden”, zei de een weer. Maar ik bleef in het volste vertrouwen dat deze twee mensen, die ik tegen de collega naast mij ‘unsung heroes’ noemde, het probleem gingen oplossen. Al begon ik wel wat te twijfelen toen een van hen ‘Je ne sais pas’ mompelde. Wat in het Frans ‘Ik weet het niet’ betekende.
„Ligt het aan mij?”, vroeg ik, „straks zeggen jullie: ga maar terug naar de typemachine.”