De Maatschappelijk Betrokken Vrouw Die De Vreugde Van Mijn Levensavond Vormt heeft een raamposter besteld teneinde uitdrukking te geven aan haar solidariteit met de alom bedreigde asielzoekers.
Ik ben niet zo’n voorstander van het publiekelijk kond doen van meningen, ervan uitgaande dat in bepaalde gevallen een hooghartig stilzwijgen duidelijk genoeg moet zijn.
Daar is zij het mee oneens (‘Wie zwijgt, stemt toe’), en bijzondere omstandigheden vergen bijzondere maatregelen. Weliswaar scherm ik mij af van het dagelijks gekrakeel door bijvoorbeeld geen televisie te kijken, maar ik lees kranten, en laat af en toe mijn wrevel over de kortzichtigheid en lafheid der over ons gestelden de vrije loop.
Opgetrommelde relschoppers
Zo erger ik me, en ik weet wel dat ik daarin niet alleen sta, aan de bangelijke verzekering van politici die ‘de bezorgde burger begrijpen’, en ‘het betreuren dat de communicatie niet op de juiste wijze heeft plaatsgevonden’, een geluid dat je uitsluitend hoort na gewelddadige acties van opgetrommelde relschoppers, die als ze maar woest genoeg tekeergaan dikwijls ook nog hun zin krijgen.
Ik verwonder me over het verhullende taalgebruik waar het over ontoelaatbare schanddaden gaat
Tevens verwonder ik me over het verhullende taalgebruik, ook van journalisten, waar het over ontoelaatbare schanddaden gaat. Men spreekt over ‘vuurwerk’, alsof het kwajongensstreken betreft, wanneer er met bommen gegooid wordt, en de vooropgezette mishandeling van andersdenkenden door een fascistische knokploeg wordt ‘een afkeurenswaardig incident’ genoemd.
Maar het heeft weinig zin het hierover te hebben; wat ik schrijf, en wat de opinievormers in onze ‘kwaliteitsmedia’ aan redelijks verkondigen, wordt niet gelezen door degenen die erdoor op andere gedachten gebracht zouden moeten worden. Des te merkwaardiger een relletje in het dagblad Trouw dezer dagen.
Sylvain Ephimenco
Daar publiceerde de meestal bezonnen columnist Sylvain Ephimenco na 34 jaar zijn laatste bijdrage nadat er op de redactie een conflict was ontstaan over een artikel van enige weken geleden, waarin hij betoogde dat alle problemen waarmee ons land te kampen heeft (woningnood, energietekort, te weinig water) terug te voeren zijn op wat hij ‘de olifant in de kamer’ noemt: de vreemdelingeninstroom.
Die onzin is cijfermatig te weerleggen, maar daar gaat het niet om. Het bevreemdt dat juist Ephimenco zoiets beweert. Zijn familie ontvluchtte de Russische revolutie naar Frankrijk, en hijzelf vond als Fransman emplooi bij een Nederlandse krant. Het is zijn goed recht een gezond wantrouwen tegen de islam te koesteren, maar deze ongenuanceerde weerzin tegen immigranten van welke aard dan ook geeft te denken.
Toch is dat minder zeldzaam dan het lijkt. De grootvader van de huidige president der Verenigde Staten, die zich niet onbetuigd laat waar het buitenlanders betreft, kwam, om maar iets te noemen, als gelukszoeker naar Amerika.
Pijpenkrullen
In de 19de eeuw verzetten veel geassimileerde Joden in Duitsland zich tegen de toevloed van zogeheten Ostjuden, voor de Russische pogroms gevluchte geloofsgenoten, die er evenwel zeer uitheems uitzagen, met hun lange gewaden, baarden en pijpenkrullen. De generaties eerder aangekomenen voelden zich in hun positie bedreigd.
Bijna iedereen ter wereld stamt af van migranten, en vaak zijn de echte, ‘oorspronkelijke’ bewoners, zoals de indianen in Amerika en de Aboriginals in Australië, goeddeels uitgeroeid. Wanneer je dat tot je laat doordringen, is zo’n poster voor het raam wel het minste wat je kunt doen.