Uffelte: 'Esdorpen zijn van nature niet compact gebouwd. De boerderijen liggen willekeurig verspreid in veel groene ruimte.' Foto: Shutterstock
Het rapport ‘Ruimte zat in de Drentse dorpen’ suggereert dat er in overleg met de bevolking veel meer gebouwd kan worden in dorpen, stelt Gerhard Vastenburg. Hij vreest voor de open ruimten in de laatste nog originele esdorpen.
In Drenthe zijn vele esdorpen. Deze zijn van nature niet compact gebouwd. De boerderijen liggen willekeurig verspreid in veel groene ruimte. Daar lagen moestuinen, boomgaarden en landjes voor het jongvee. De dorpen bestaan zo al eeuwen.
Uiteraard is er in de loop der eeuwen veel veranderd. Er is bebouwing bijgekomen, soms als nieuwe buurten tegen het oude dorp aan, soms als bebouwing in het dorp tussen de boerderijen. In veel dorpen is daardoor de originele esdorpstructuur niet goed meer te herkennen.
Er zijn in Drenthe nog enkele oude esdorpen die weinig aangetast zijn, waar de boerderijen nog verspreid tussen veel groen liggen. Op deze laatste karakteristieke esdorpen moeten we zuinig zijn. Het zijn cultuurhistorisch belangrijke monumenten.
Tekort aan woonhuizen
Helaas is er momenteel een groot tekort aan woonhuizen, ook op het platteland. Daarom wordt gezocht naar plaatsen om te bouwen. Logischerwijs wordt ook gekeken of er in de originele esdorpen, waar veel groen tussen de boerderijen ligt, niet bijgebouwd kan worden. Op geringe schaal gebeurt dit al, er zijn namelijk wel enkele mogelijkheden om in de oude dorpen te bouwen.
Ten eerste is er de ‘ruimte-voor-ruimte regeling’ waarbij als beloning voor het opruimen van ontsierende, oude schuren één of meerdere woningen gebouwd mogen worden, afhankelijk van hoeveel geruimd wordt.
Voor het oude esdorp schuilen daar twee gevaren in. Door de bestaande ‘salderingsregeling’ is het mogelijk om op een kwetsbare plaats woningen te bouwen door afbraak van schuren op een andere plaats in de gemeente.
Daarnaast heeft de provincie recent de regeling wel erg makkelijk verruimd. Als men twee woningen zou kunnen bouwen, mogen het er nu vier zijn.
Flexwoningen op het erf
Behalve de ruimte-voor-ruimteregeling zijn en komen er andere regelingen die woningbouw in de historische dorpen mogelijk maken. Boerderijen mogen al gesplitst worden. Mantelzorgwoningen mogen gebouwd worden. Verder mag men flexwoningen op het erf of in de schuur te bouwen. Deze moeten na 15 jaar afgebroken worden.
Er zijn dus wel mogelijkheden om in de oude esdorpen enkele woningen te bouwen. Het gevaar is echter dat er in de oude esdorpen steeds meer woningen komen die (behalve de flexwoningen) nooit meer verdwijnen waardoor langzaam maar zeker het dorp wordt dichtgebouwd.
Het helpt ook niet als dit inbreiden gebeurt met ‘boerderettes’ of passende schuurwoningen, ook dan wordt het dorp dichtgebouwd en verliest het zijn karakter.
Ruimte zat in Drentse dorpen?
Recent is een rapport verschenen dat in opdracht van de provincie Drenthe werd gemaakt getiteld ‘Ruimte zat in de Drentse dorpen’. In dit rapport wordt gesuggereerd dat er in de dorpen veel meer gebouwd kan worden in overleg met de bevolking.
Het rapport adviseert ‘ongebruikte open ruimtes’ in het dorp te bebouwen. Daarbij wordt geen rekening gehouden met het feit dat er eigenlijk geen ongebruikte ruimtes bestaan. De ruimte hoort bij het oude dorp, het is er een vast historisch onderdeel van.
Bouwen is noodzakelijk, ook in en bij de Drentse dorpen, de mensen moeten, ook in het eigen dorp, kunnen wonen. Gebruik daar echter niet de open ruimten in de laatste nog originele esdorpen voor. Daarmee verdwijnen zij definitief.