’C2’: een houten huisje ergens in het Drentse bos.
In onze rubriek Bijzonder overnachten bezoeken we buitengewone slaapplekken in Nederland of net over de grens. Dit keer: in een huisje van Cabiner in het Nationaal Park Drentsche Aa.
Een avontuur in de bossen. We slapen een nachtje in ’C2’, een houten huisje ergens in het Drentse bos dat we eerst zelf al wandelend moeten zoeken. We hebben nog nooit zoiets gedaan, dus vinden het best spannend. Hoe is het om zo in het bos te slapen?
De auto mag niet mee, die laten we achter op een parkeerterrein en we zoeken de route naar het huisje op. Lakens, slaapzakken en eten moeten we zelf meenemen. Omdat ik ruim twintig weken zwanger ben, mag ik wat minder sjouwen dan een ’normale avonturier’. Het sjouwwerk wordt een klusje voor mijn vriend, en dat zijn best wat kilo’s. Er is namelijk wel drinkwater in het huisje, maar voor zwangeren is het advies zelf bronwater mee te nemen. Ook die flessen gaan op zijn rug. Tja. Gelukkig vindt hij het alleen maar leuk en een ’sportieve uitdaging’ om er als een pakezel bij te lopen. Daarnaast is de route naar ons huisje een van de kortste: bijna 4 kilometer. Dat kunnen we wel.
De auto mag niet mee, dus je moet lakens, slaapzakken en eten zelf meenemen.
Huisjes zijn gewild en meestal volgeboekt
De voorpret blijkt een groot onderdeel van deze ervaring. Wat neem je mee? Hoe zou het zijn? Gaan we dieren zien? De prachtige foto’s van de hippe houten huisjes op de sociale media van Cabiner maken ons nog enthousiaster. En niet alleen ons: de huisjes zijn gewild en meestal volgeboekt.
Eenmaal een plekje bemachtigd, ontvang je voor je verblijf een paklijst en een wildernisverklaring die je moet ondertekenen. Omdat je in een natuurgebied verblijft, heb je je aan bepaalde regels te houden. Geen kampvuurtjes maken, geen troep, geen lawaai en geen huisdieren. Cabiner werkt samen met natuurbeheerders zoals Staatsbosbeheer. Behalve dat gasten geen sporen mogen nalaten, mogen de huisjes dat ook niet. Zo wordt gekeken wat de hutten met het natuurgebied doen en worden deze om de zoveel jaar verplaatst. Ook ons huisje stond eerst ergens anders.
We wandelen rustig langs een fietspad dat we langere tijd moeten volgen. Onderweg komen we harige koeien tegen, een handjevol dagjesmensen en zien we het bosgebied veranderen van weidser en moerassiger, naar dichter bebost. Hoe dichter we bij ons huisje komen, hoe minder mensen we tegenkomen. Heerlijk. Op een open plek zien we ineens ons huisje liggen. De sleutel halen we met een code uit een klein kluisje, verstopt tussen de houtblokken. Er zijn wat bomen gekapt, dat heeft met ziekte te maken, valt in het huisje te lezen.
Op een open plek in het bos zie je ineens het huisje liggen.
Leuke uitdaging
Het is eenvoudig ingericht, maar prima comfortabel. Je moet wat moeite doen en dat is een leuke uitdaging. Koken doe je op een klein brandertje of op de houtkachel, waarmee je ook het water voor de douche verwarmt. Er is slechts één pan en een paar bordjes en bekers. Zonnepanelen zorgen voor stroom en met een pomp haal je zelf water naar boven. Onder de wc hangt een bak die alles opvangt. Klein nadeel: het ruikt door de warmte soms naar urine daar. Cabiner laat overigens nog weten dat inmiddels de toiletsystemen worden aangepast en er dan geen geuroverlast meer is.
Het is warm en we voelen ons verrassend fit na al dat gesjouw. We hebben zin om de omgeving te ontdekken. In het boekje in de hut staan wat routes. Zouden we wolvensporen vinden, vragen we ons af. We besluiten als een soort beginnende ’Freek Vonken’ sporen te zoeken. Toen onze verbazing vinden we een drol, die groot is en helemaal vol haren zit. Zou dit dan? ’Het kan niet van een hond zijn’, zeg ik wat overtuigender dan ik eigenlijk ben. Na wat googelen denken we dat die drol serieus best eens van een wolf zou kunnen zijn. Want er leven een paar wolven in Drenthe en ze kunnen aardig wat kilometers maken. Als stadsbewoners worden we helemaal enthousiast van de ontdekking. Enthousiast van een drol. Ik app zelfs mijn moeder. ,,Waarom heb je er geen foto van gemaakt?’’, krijg ik terug.
Het huisje is eenvoudig ingericht, maar prima comfortabel.
Ree en wolvendrol
In de buurt van ons hutje is een meer waar je in mag zwemmen. Laten we dat doen! Onderweg zien we een ree verstopt tussen het vergeelde gras. Het meer is prachtig, met helder koud water en het valt ons op hoe heerlijk rustig het overal in het gebied is. Slechts twee andere gezinnen zitten bij het water en onderweg komen we echt niemand tegen, behalve die ree en wolvendrol. Hoe uniek is dat voor Nederland?
Weer bij het huisje aangekomen, koken we onze meegebrachte pasta en maken we een sausje in dezelfde pan. Best een klusje, maar dat hoort bij de kampeerervaring. ’s Avonds valt op hoe rustig en donker het is. We zitten op de veranda en niemand komt voorbij. We zien ontzettend veel sterren en horen hier en daar gekraak. We hebben een zaklamp mee, maar komen er maar niet achter wat er om het huisje fladderde of liep. Toch best spannend en we skippen de nachtelijke wandeling. Zo dapper zijn we nou ook weer niet. We slapen heerlijk en moeten ’s ochtends weer alles pakken en sjouwen, terug naar de auto. Tijdens de koffie, op het brandertje opgewarmd, gebaart mijn vriend ineens. ,,Kijk!’ Er loopt een ree langs het huisje.
Een nachtje langer zou best lekker zijn, want we merken al hoe rustgevend het is om één nachtje in een trekkershut te verblijven. Je bent echt even helemaal weg en bent voor je gevoel nog meer in de natuur dan als je er slechts doorheen wandelt. We moeten maar eens terugkomen, spreken we af, als de kleine er is.
Een meertje om in te zwemmen.
Foto’s: Cabiner/Pie Aerts, Merlin Mulder en Arnoud Kartahadimadja
Praktisch
Cabiner heeft trekkershutten in de natuurgebieden Nationaal Park Drentsche Aa, Nationaal Park Sallandse Heuvelrug, in het noorden van de Veluwe en in Nationaal Park Dwingelderveld en Ruinen. Ook is er sinds kort een drijvende cabin geplaatst in Horsterwold, waar je met een kano naartoe gaat.
Je kunt twee nachten in een hut te verblijven, maar het is ook mogelijk een trektocht uit te zetten en in meerdere hutten te slapen. Er zijn langere en kortere routes, dat maakt de hutten ook geschikt voor wie minder ver kan wandelen. Houd er ook rekening mee dat je aardig wat spullen mee moet nemen, zoals slaapzak, lakens, handdoeken enzovoort. Prijzen: 180 euro (doordeweeks) per nacht en in het weekend rond de 200 euro. Meer informatie: Cabiner.com