In een mum van tijd was alles afgebrand. "Ik heb niks meer." Foto: Willem Groeneveld
Op blote voeten staat Ben (66) rond half twee zaterdagmiddag verbouwereerd in de smeulende restanten van zijn tent, zijn huis, tussen de IKEA en MediaMarkt in Groningen. Met een stok port hij in het as. „Ik zoek mijn fietssleutel.”
Ruim een uur eerder, rond kwart over één, slaan de vlammen uit de tent van Ben. Zwarte rookwolken trekken over de parkeerplekken van winkelpark Sontplein. Even is onduidelijk of Ben gewond is geraakt. Of erger. Dat is niet het geval, weten 112-fotografen die snel ter plaatse zijn. Ben is aan de vlammen ontkomen en de brandweer heeft ze snel kunnen blussen.
Ben moest vertrekken
Van de tent is niks meer over. Van Bens spullen ook niet. Ben loopt een rondje om de restanten van zijn tent. Tranen in zijn ogen. Op zijn laatste benen scharrelt hij tussen de glasscherven in het hete as. Hij zoekt nog steeds zijn fietssleutel. „Misschien ligt-ie hier.”
De doorweekte lange jas en de fiets is het enige dat Ben nog heeft. De stalen ros is van levensbelang voor de dakloze, die de afgelopen maanden woonde in de tent op een parkeerheuvel van het grote winkelpark dat ligt ingeklemd tussen de Europaweg, Sontweg en Bornholmstraat. Het werd oogluikend toegestaan, maar vrijdag kreeg Ben te horen dat hij moest vertrekken.
Alles wat hij had, is Ben kwijt. Foto: Willem Groeneveld
Uitgeput
„Ik weet niet wat ik met hem aan moet. We hebben overal melding gemaakt, maar er komt geen hulp op gang”, legde Wiebe Kooiker, de beheerder van het winkelpark uit. „Wij gaan die parkeerplekken gereed maken voor verhuur, daarom moet hij weg. Uit barmhartigheid heb ik op onze kosten een container naast zijn tent gezet, zodat hij zijn zooi weg kan gooien.”
Ben zag er enorm tegenop. Hij was uitgeput door long covid en de slapeloze nachten dankzij de regen, wind en gaten in zijn tent. „Het was zeiknat binnen. Ik doe al vijf nachten geen oog dicht. Ik heb hulp nodig. Ik red het niet meer”, zei hij vrijdag.
Oorzaak
Er werd gedacht dat Ben uit wanhoop zelf zijn tent in de fik had gestoken. Maar dat is niet het geval, zegt hij. „Ik was onder de luifel aan het sorteren wat ik wilde houden en wat in de container kon. Het was fris en nat, daarom wilde ik een klein vuurtje maken. Die maakte ik aan met wat benzine. Dat ging mis. Er kwam een enorme steekvlam en toen ging het snel.”
Ben kan niks meer redden uit de tent. Alles gaat verloren. „Ik kan weer helemaal opnieuw beginnen”, zucht hij.
De brandweer verschijnt, blust en vertrekt. 112-Fotografen maken foto’s en verlaten de plek. Agenten nemen poolshoogte en gaan weer. De volgende melding wacht. Niemand weet raad met de situatie.
Opvang geregeld
Een agent van de verkeerspolitie is er nog. Hij was als eerste ter plaatse – „ik was vlakbij toen de melding binnenkwam” – en snapt dat Ben zo niet achter kan worden gelaten. Uit zijn auto haalt hij een aluminium deken zodat Ben warm blijft en een flesje water met een bruistablet voor wat mineralen en vitaminen. Het Leger des Heils aan de Spilsluizen laat ondertussen weten dat Ben daar terecht kan. De dagopvang voor daklozen heeft droge kleren voor hem, soep, brood en een warme plek om bij te komen.
Er is nog een probleem. Ben kan niet met zijn blote benen, voeten en doorweekte jas naar de Spilsluizen lopen. Nog los van dat hij, volgens eigen zeggen, na honderd meter lopen al doodop is. „De long covid heeft me goed te pakken.”
Obekende weldoener
De agent heeft de oplossing. Ben kan niet achterin zijn luxe verkeerspolitiewagen, maar: „Ik rij naar Rademarkt, haal daar een busje op en kom daarna terug.” Nog maar net is de verkeersagent, die dienst doet in heel Noord-Nederland, vertrokken als een onbekende weldoener in korte broek komt aanlopen. In straffe pas loopt hij op Ben af en drukt hem 100 euro in handen.
Twintig minuten later is de agent er weer. Ben gaat achterin de wagen mee naar de dagopvang. De gemeentewoordvoerder meldt later dat Ben vannacht terecht kan in de nachtopvang. „Daarna gaan we kijken naar oplossing voor langere termijn.”
Wie is Ben? Waarom woonde hij in een tent?
Ben is een voormalig kunstenaar uit Enschede die na een reeks ingrijpende gebeurtenissen op straat belandde. Na een conflict met de politie ruim drieënhalf jaar geleden werd hij opgenomen in de geestelijke gezondheidszorg. Terug thuis kreeg hij zijn leven niet meer op de rit. Hij verloor de controle, vernielde – „uit wanhoop” – zijn woning en raakte dakloos.
Via via scharrelde regelde hij een vouwwagen, die hij ergens in Enschede neerzette. Lang heeft hij niet kunnen wonen in de vouwwagen. Hij rookte een peukje in bed, lette niet goed op en even later stond alles in de brand. Ben liep zware brandwonden op waarvoor hij in het brandwondencentrum in Groningen werd behandeld.
Na zijn behandeling kwam Ben weer op straat terecht. Omdat de mensen in Groningen aardig voor hem waren, besloot hij te blijven en niet terug te keren naar Enschede. Hij bemachtigde een tent en zette die op naast de IKEA.