Hij kwam uit de kast in de jaren 70 en maakte de emancipatie van homo’s mee. Nu kan hij wel eens moedeloos worden van de stand van het land. Die leest oud-huisarts Leo Veehof uit Groningen af aan het regenboogzebrapad voor zijn deur.
Het stond in de boekenkast van zijn oma: Het voortplantingsleven van den mensch, geschreven door een psychiater uit Venray. „Daarin las ik over noodhomofilie in bijvoorbeeld het leger of onder zeelieden. En er stond iets in over kernhomofilie. ‘Dat ben ik’, wist ik direct.’’
Leo Veehof (75) uit Groningen heeft het boek nog steeds. De eerste keer dat hij het doorbladerde was hij 11, hooguit 12. „Ik klungelde in die tijd al met jongens. Later heb ik het natuurlijk geprobeerd met meisjes, maar het vrijen wilde niet.’’
‘Nooit beledigende dingen meegemaakt’
Hij ging medicijnen studeren in Groningen; naar Amsterdam mocht hij niet van zijn vader die de hoofdstad bestempelde als Sodom en Gomorra. Hoewel hij pas uit de kast kwam na een paar jaar studeren, had hij gaybardancing The Duke in de binnenstad al lang ontdekt. „Daar gingen we dansen.’’
Huisarts Leo Veehof uit Groningen. Eigen foto
Hij werd actief bij homobelangenorganisatie COC en ontdekte dat hij als homo overal geaccepteerd werd. „Ik kwam in 1979 bij een huisartsenpraktijk in Assen werken en vertelde daar dat ik homo was. ‘Dan kunnen we nog een hoop van je leren’, zeiden ze. Ik heb nooit beledigende of onderdrukkende dingen meegemaakt.’’
Hoe anders is dat nu.
‘Dagelijks gebeurt het meerdere keren’
Veehof woont met zijn man aan de singels en kijkt uit op het regenboog-zeebrapad op de drukke route van het Hoofdstation naar de binnenstad. De veelkleurigheid van de zebra staat symbool voor zichtbaarheid en tolerantie van de queer-gemeenschap.
„Hoe vaak wij niet zien dat mensen dit zebrapad ontwijken! Dagelijks gebeurt het meerdere keren. Ze weigeren er overheen te lopen en gaan er opzettelijk ómheen. Pontificaal lopen ze aan de zijkant van de zebra’’, zegt Veehof verontwaardigd.
Het zijn volgens hem vooral mannen die dit doen, maar ook jongens en meisjes. „Dat sluit aan bij onderzoeken die ik lees: het aantal jongeren dat een afkeer van homo’s en transgenders heeft, neemt toe. Ze vinden het vies en niet normaal.’’
‘Vrouwen die mannen moeten dienen: daar moeten we toch tegen in het verweer?’
Dat baart hem zorgen. Het past volgens hem bij de normen van Trump en dichterbij huis: bij het gedachtegoed van Forum voor Democratie, bij de algehele verrechtsing. „Steeds vaker klinkt dat vrouwen terug moeten achter het aanrecht en dat ze mannen moeten dienen. Hier zouden alle vrouwen toch tegen moeten opstaan? Of beter: de hele maatschappij moet hier toch tegen in het verweer komen?’’
Dat is wat hij gewend was in zijn jonge jaren. „Wij waren actief, wij richtten een medische homogroep op en dat gebeurde ook in Amsterdam, Nijmegen en Utrecht. Toen bekend werd dat hepatitis b zich onder homo’s verspreidde als soa en later toen de Aids-epidemie vanuit Amerika naar Europa overwaaide, overlegden we wat we konden doen, dan ondernamen we actie, openden poliklinieken, gaven voorlichting, zorgden voor buddy’s. En de maatschappij had compassie met Aids-patiënten. Niemand stond afwijzend of afkeurend tegenover homo’s.’’
Veehof houdt z’n adem in
Hoe er anno 2026 gereageerd zou worden op homo’s als dragers en verspreiders van een seksueel overdraagbare ziekte? Veehof zucht diep.
De Pride dit weekend is hard nodig, betoogt hij. Hij las net het boek Vrouwen in duistere tijden van Alicja Gescinska. „Daarin komt filosoof Hannah Arendt voor die bepleit dat je zichtbaar moet zijn, dat je moet praten, moet laten zien wie je bent. Dat geldt voor vrouwen, dat geldt voor homo’s, dat geldt voor mij en mijn man als we op de eerste maandag van de maand met Extinction Rebellion vreedzaam onze stem laten horen, voor een beter klimaat. Ik hoop dat anderen zich aansluiten, ook bij de Pride.’’
Hij werpt, op verzoek, andermaal een blik op het Regenboog-zebrapad. Er naderen vijf mannen. Veehof houdt z’n adem in. Even lijkt het alsof ze onbekommerd over het tolerantiesymbool wandelen. Op het nippertje bedenkt een van de mannen zich en stapt opzij. Hij weigert over de gekleurde strepen te lopen en zondert zich even af van de andere vier. Hij neemt het smalle strookje langs de regenboogzebra.
Aids
Oud-huisarts Leo Veehof wordt zaterdag tijdens Pride Groningen geïnterviewd over de opkomst van Aids in Groningen. Inez Groothuis - vanaf de jaren 70 actief in de vrouwenbeweging in Groningen - interviewt hem in het Grand Theatre. Aanvang 14 uur, gratis entree