Marten Toonder senior, de 'opa' van de stripfiguur Olivier B. Bommel en andere avonturiers. Foto: Toonder Compagnie B.V./ Archief DVHN
Boeken, een film en sinds afgelopen jaar zelfs een attractiepark. De stripfiguur Olivier B. Bommel, gecreëerd door Marten Toonder, geniet al decennia een enorme populariteit. En zijn wortels? Die liggen diep in de zware Groningse klei bij Warffum.
„Zoals mijn goede vader altijd zei...” Het zijn de gevleugelde woorden, doorgaans gevolgd door verhaspelde of warrigegedachten, van de heer Olivier B. Bommel. De bruine beer in zijn ruitjesjas wist vanaf 1941 met zijn stripavonturen, vaak samen met zijn jonge vriend Tom Poes, miljoenen liefhebbers te beroeren. Het is één van de geesteskinderen van Marten Toonder, de auteur die ook Kappie bedacht.
Minder bekend is dat Marten Toonder Groingse wortels had. „Zijn vader Marten Toonder senior is hier in Warffum geboren”, zegt Erik de Graaf, zelf inwoner van dat dorp. De oud-leraar en historicus schreef een biografie over senior (1879-1965), de ‘opa’ van Olivier B. Bommel: Marten Toonder senior, van eierzoeker tot zeekapitein. „En juniors moeder kwam uit Uithuizen. De familie Toonder is volop Gronings.”
Hard leven
Toonder senior had geen makkelijke start in het leven, weet De Graaf. Dienstmeid Martje Postema was pas 19 toen ze hem baarde. Zij vertrok na zijn geboorte. Wie Toonders vader was, heeft ze altijd geheim gehouden, zegt De Graaf. Zijn grootouders zorgden in zijn eerste levensjaren voor hem. Het witte huisje waarin hij werd geboren, en waarin hij zijn eerste paplepels kreeg, staat nog steeds aan de Pastorieweg.
Erik de Graaf voor het geboortehuis van Marten Toonder senior. Foto: Anjo de Haan
Het was bittere armoede in de familie. Zeker toen de opa van senior verdronk. Het kind moest daarop de mouwen opstropen, naar school gaan zat er vaak weken of maanden achter elkaar niet in. „Dan deed hij voor een paar centen klusjes op het land”, weet De Graaf. In die tijd was dat heel normaal.
Toen senior oud genoeg was – een jaar of 10 – vertrok hij naar Rottumeroog. Dat betekende een mond minder te voeden. Op het eiland kreeg hij zijn maaltijden. Die zullen ongetwijfeld eenvoudig zijn geweest, maar voedzaam?
Senior heeft een groot denkraam, hij is een jongen met veel doorzettingsvermogen. Na tien jaar afzien op het eiland, wordt hij matroos. Hoe laag hij op de maatschappelijke ladder stond, beseft hij als hij als dienstplichtige een kruisje zet voor de marine. „Zelf schreef hij daar veel later over: ‘Behalve een paar ongelukkige mede-kinkels was er niemand die mijn rauwe kleidialect verstond’”, zegt De Graaf. Hij is praktisch analfabeet.
Schip tot zinken gebracht
Omdat hij ambities op zee heeft, leent Toonder geld en studeert hij aan de zeevaartschool in Delfzijl. „Hij trouwde met Trientje Huizinga, de dochter van een paardendokter.” Het was geen goed huwelijk, zegt de Graaf. Dat senior veel op zee is, doet de band tussen man en vrouw weinig kwaad. Het echtpaar verhuist naar Rotterdam, daar wordt in 1912 Marten Toonder junior geboren.
Vanaf die jaren schiet de carrière van senior vooruit, hoewel dat niet probleemloos verliep. Als de Eerste Wereldoorlog uitbreekt wordt het schip waarop hij stuurman is in beslag genomen in Finland (toen nog Russisch). „Het werd tot zinken gebracht als blokkade, om een haven te beschermen tegen de Duitsers”, zegt De Graaf.
De bemanning moet met de trein terug naar huis „Als de oorlog niet was uitgebroken, was senior trouwens ook niet thuis geweest voor de geboorte van zijn tweede zoon Jan Gerhard, die ook schrijver werd.”
Hij vertelde zijn kinderen ontzettend veel verhalen als hij thuis was
In de jaren na de oorlog klom Toonder steeds verder op de ladder, hij werd uiteindelijk zeekapitein op de grote vaart. „Hij voer veel op landen in Zuid-Amerika, zoals Brazilië.” Hij was overigens niet de enige daarin, veel Groningers, uit onder andere de Veenkoloniën, verdienden zo hun brood.
De keerzijde was dat Toonder vaak van huis was. Zijn twee zonen zag hij amper. „Hij was vaak maanden op de zee. En slechts een paar weken thuis.” Toch hield hij veel contact. Hij schreef brieven over zijn avonturen en hield dagboeken bij. Voor de twee zonen nam hij Amerikaanse comics mee, strips. „Senior was veel weg, maar ook wel heel erg betrokken. Hij vertelde zijn kinderen ontzettend veel verhalen als hij thuis was.”
De verhalen over zijn verre avonturen, de anekdotes en sde trips moeten een grote impact hebben gehad op de creatieve geest van zijn twee zonen. En zijn ontberingen op Rottumeroog zullen ook tot de verbeelding hebben gesproken. „Als je naar de verhalen kijkt, zie je ook dat er veel zee in de wereld van Olivier B. Bommel is”, zegt De Graaf.
Vaak komt de heer in verre, verlaten, moerassige oorden. Of erger, op plekken die bewoond zijn met vreemde creaturen die er eigenaardige gebruiken op nahouden. Steevast zet heer Ollie daar de boel onbedoeld op stelten.
En zo liep hij ook door het kantoor: alsof het een schip was
Als Olivier B. Bommel in 1941 het levenslicht ziet in De Telegraaf, is senior niet in Nederland. Het is opnieuw oorlog. „Hij voer een dag voordat Nederland werd aangevallen uit. Hij was al langer niet fit, maar besloot toch te gaan.”
Onderweg werd hij ziek, hij verbleef een tijd lang in een ziekenhuis in Brazilië. Daarna kon hij niet terug naar het bezette Nederland. „Hij kreeg een baantje aan de wal in Engeland.”
Erik de Graaf. Foto: Anjo de Haan
Na de oorlog ging hij met pensioen. Althans, junior bood hem wat klusjes aan binnen zijn Toonder Studio’s. „Dan was hij ook wat meer van huis.” En inspireerde hij de tekenaars in dienst van Toonder, zegt De Graaf. „Hij is natuurlijk heel lang zeekapitein geweest. En zo liep hij ook door het kantoor: alsof het een schip was.” Hij maakte met iedereen een praatje: „Maar haalde vaak de namen door elkaar.”
De vergelijking met de regelmatig opduikende figuur Kapitein Wal Rus, die de naam van Bommel consequent verhaspelt, ligt dan ook voor de hand. „En natuurlijk de latere serie Kapie, die oorspronkelijk voor het Nieuwsblad van het Noorden werd gemaakt. Een kapitein uit het fictieve Lutjewier, nouja. Die naam is natuurlijk ook heel Gronings.”
Toonder junior verhuisde in de jaren 60 naar Ierland. „Dat was uiteindelijk zijn sprookjesland, inclusief de kabouters”, grinnikt De Graaf. Het onherbergzame land leek erg op zijn Bommelwereld. Maar de basis van de vertelling ligt toch deels in de Groningse klei. Als u begrijpt wat ik bedoel.
Kon Minder
Kon minder is een typisch Groningse serie over Groningers en over Groningen. Laat je verwonderen en inspireren of steek wat op. Want: is dit Gronings? Inderdaad. Dit is Gronings. Kon minder.