Mohammed Mahdi werd vandaag met alle andere personeelsleden van Proef Lokaal Bakkerij Rutgers over het faillissement geïnformeerd. Foto Anjo de Haan
Baflo dreigt haar bakkerij, die al ruim een eeuw het dorp van brood voorziet, kwijt te raken. Proef Lokaal Bakkerij Rutgers is failliet verklaard. „Dat zou heel verdrietig zijn”, zegt medewerker Mohammed Mahdi (27) die onder meer appeltaarten bakt.
Het is stil in de Heerestraat van Baflo, het geboortedorp van de beroemde humanist en filosoof Rudolf Agricola (1443-1485), waar Proef Lokaal Bakkerij Rutgers is gevestigd. De humanist is niet alleen de naamgever van het dorpshuis en de straat in het dorp, maar ook van de lokale lekkernij: de Rudolf Agricola koek.
Vrijwilligers
Binnen bromt en trilt de broodsnijmachine. Nog wel. Dinsdag werd het faillissement uitgesproken. Kostenstijgingen, ziekte onder personeel en een dalende omzet doen de bakkerij de das om.
Achter in de bakkerij is Mohammed Mahdi uit Uithuizen druk bezig. Appeltaarten bakken, appeltaarten snijden, gasten ontvangen: de voormalige metselaar verveelt zich bepaald niet. De bakkerij dicht? Hij glimlacht, maar het is een ongemakkelijke glimlach. Hij schudt zijn hoofd. „Nee, nee. Dat zou echt heel jammer zijn.”
De bakkerij in Baflo draait deels op vrijwilligers. Foto: Anjo de Haan
Mahdi vluchtte vanwege de oorlog in zijn geboorteland Jemen in 2021 naar Nederland, hetzelfde jaar als waarin Bakkerij Rutgers na honderd jaar de deuren sloot. Klanten en dorpelingen riepen de stichting Proef Lokaal Bakkerij Rutgers in het leven die zich onder het motto ‘Wij bakken vanuit ons hart’ over de bakkerij ontfermde. Ze maakten er een sociale onderneming van waar onder meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt de fijne kneepjes van het brood bakken leren. Mahdi is een van de negen mensen die op de loonlijst staan. Verder is er nog een legertje van 25 vrijwilligers dat alle denkbare hand- en spandiensten verleent.
‘Leukste werk dat er is’
Zoals oud-bestuurslid Paul Leenders (72) die nog elke dinsdag met brood van de bakkerij op de markt in Winsum staat. „Het leukste werk dat er is.” Hij was destijds bij de oprichting van de stichting betrokken. „Een inwoner van het dorp legde de koopsom op tafel, maar de stichting is eigenaar van het pand.”
Hij wil net een slok van zijn koffie nemen als zijn blik op de tas valt die een klant bij zich draagt. Er staat de naam van een concurrerende bakkerij op. „Ai, ai. Dat doet toch pijn in je hart.”
Zo ook het faillissement. „Het is zo’n prachtig project. Maar ja, het draaiende houden van zo’n bedrijf valt niet mee.”
Oud-bestuurslid en vrijwilliger Paul Leenders staat nog elke dinsdag met brood van de bakkerij op de markt in Winsum. Foto Anjo de Haan
Het personeel is woensdagmiddag geïnformeerd. De winkel blijft in elk geval nog enkele weken geopend. Voorlopig blijft de broodsnijmachine brommen. Renske Bolhuis (60) wacht op haar wekelijkse bestelling: vier fijn volkoren. „Gesneden alstublieft.” Buiten speelt het carillon van dorpshuis Agricola, waar zij penningmeester van is. „Ik zou het echt heel jammer vinden als deze bakkerij verdwijnt. Ik eet alleen maar brood van de bakker, dat is het lekkerste.”
Dat smaakt naar meer
Ook de Rudolf Agricola koek is een aanrader. „Het smaakt een beetje naar Friese oranjekoek met amandelspijs en ananas. Echt, ontzettend lekker. Zelfs met feestdagen haal ik speciaal zoetbrood van de bakker voor mijn zusje in Emmen die dat nergens anders kan krijgen.”
Renske Bolhuis koopt elke week haar brood bij de bakkerij in Baflo. Foto Anjo de Haan
Voorzitter Ingrid van de Vegte van het stichtingsbestuur vertelt dat door ziekte medewerkers uitvielen. „Daardoor was de productie niet op orde en moest ook de winkel eerder dicht. De omzet daalde en dat merk je direct als je weinig vet op de botten hebt. De stijgende lonen en energiekosten hielpen ook niet echt. Een sociale onderneming in een dunbevolkt gebied beginnen is als schaatsen op dun ijs. Wij waren helaas niet meer in staat om het wak te ontwijken. Als je een project als dit stevig wil neerzetten, heb je een vaste bron van inkomsten nodig.”
Hoe nu verder?
De stichting deed onder meer een beroep op de gemeente Het Hogeland. „Maar we vallen tussen wal en schip, omdat we een bedrijf zijn.” Volgens de voorzitter zijn een bedrijfsleider en een structurele geldstroom noodzakelijk om voor een doorstart te zorgen.
Leenders ziet wel kansen voor een doorstart. Welke kansen? Nee, nee, hij houdt zijn kaarten nog even tegen de borst. „Maar tuurlijk hoort de Rudolf Agricola koek daar bij.”
Bakker Rutgers
Tjaco Rutgers, die zijn naam aan de bakkerij gaf, nam met zijn vrouw Sien het bedrijf in 1978 van zijn neef Piet Kok over. In 1990 openden ze ook een bakkerij in Winsum. Zoon Anne Rutgers stond vanaf 1996 aan het roer. Een kwart eeuw lang hield hij met zijn vrouw Wiesje de bakkerij draaiende.