Groningen en Noord-Drenthe willen tot 2030 ruim 28.500 woningen bijbouwen, maar de Woondeal-ambities komen moeizaam van de grond. Foto: Archief DvhN
Minimaal 30 procent tot de helft van de 28.500 nieuwbouwwoningen die moeten verrijzen in Groningen en Noord-Drenthe, komt niet van de grond of veel later dan de gehoopte oplevering in 2030. Het Rijk moet miljoenen extra bijpassen.
Dat blijkt uit een onderzoek naar de voortgang van de zogeheten Woondeals die de regionale overheden begin 2023 sloten met het Rijk. Dat kwam daarvoor over de brug met 130 miljoen euro.
Volgens de afspraken met het Rijk moeten daarvoor tot en met 2030 in de regio Eemsdelta 3300 huizen bijkomen, in Oost-Groningen bijna 3900 en in de regio Groningen-Assen nog eens ruim 25.500, waarvan bijna 2500 in het Westerkwartier.
Knelpunten en randvoorwaarden
Die nieuwbouwstroom komt zacht gezegd nog niet echt op gang, blijkt uit een donderdag gepresenteerd onderzoeksrapport. Daarin zet de provincie Groningen op een rij tegen welke knelpunten de Woondeal-regio’s aanlopen en aan welke ‘randvoorwaarden’ moet worden voldaan om er alsnog meer vaart in te krijgen.
Heel Nederland kampt met een oplopend woningtekort. Nu al kunnen ruim 400.000 huishoudens geen huis vinden en zonder forse versnelling stijgt dat nog naar 900.000 in het jaar 2030. Met regionale Woondeals ging toenmalig minister Hugo de Jonge in 2023 in de tegenaanval, maar de gehoopte bouwversnelling strandt op de stikstofcrisis en een gebrek aan aansluitcapaciteit op het stroomnet.
In Groningen en Noord-Drenthe komt daar nog een aantal specifieke knelpunten bij. De belangrijkste: de relatief lage huizenprijzen maken woningbouwprojecten in de regio niet kostendekkend. Grondaankoop en bouwkosten zijn niet lager dan elders in het land, maar de marktwaarde van nieuwbouwhuizen ligt ver onder het gemiddelde.
Lage marktprijs zorgt voor ‘onrendabele top’
Dat bezorgt vooral sociale wooncorporaties maar ook commerciële projectontwikkelaars een forse ‘onrendabele top’ op hun nieuwbouwplannen. Landelijk vergoedt het Rijk dat met maximaal 7.000 euro per woning, maar in Groningen en Noord-Drenthe ligt het verschil in de praktijk op 45.000 tot 56.000 euro met uitschieters tot 60 mille in Oost-Groningen en de Eemsdelta.
Lang heeft de overheid daar een mouw aan gepast, maar juist in Groningen en Drenthe staat de financiële slagkracht van provincie en gemeenten de afgelopen jaren zwaar onder druk. Wil de regio de bouwproductie de komende jaren alsnog in gang trekken, dan moet er fors geld bij uit Den Haag, luidt de belangrijkste conclusie uit het onderzoek.
Een concreet prijskaartje hangt het rapport (nog) niet aan de nieuwbouwambities van de drie regionale Woondeals. Op eigen kracht krijgen de overheden in Groningen en Drenthe het gat echter niet overbrugd. Ook de woningcorporaties hebben hier veel minder financiële slagkracht dan gemiddeld.
Gemeenten krijgen zelfs subsidieaanvraag niet rond
Meer geld uit Den Haag kan de regio over die hobbel heen helpen. Nu hebben gemeenten vaak zelfs onvoldoende geld én menskracht voor de ingewikkelde aanvragen voor bijdragen uit bestaande subsidiepotten. Laat staan voor infrastructuur en wijkvoorzieningen voor nieuwbouwprojecten van vijftig woningen of meer.
Tot dusver blijft de teller daardoor steken op 9.500 nieuwgebouwde huizen. Provincie en gemeenten willen daarom de komende tijd met het Rijk kijken hoe ze de bouwproductie alsnog kunnen versnellen. Aan een ‘herijking’ van de woondeal-afspraken valt daarbij niet te ontkomen, waarschuwen de onderzoekers.
Er moeten ‘scherpe keuzes’ worden gemaakt over welke nieuwbouwprojecten wel haalbaar zijn en welke niet. Daarover moeten zowel aan provinciale als lokale ‘versnellingstafels’ nieuwe afspraken worden gemaakt over een ‘doorbraakaanpak’ die ook gemeenten in staat stelt meer kennis en menskracht in stelling te brengen.
Ook Drenthe kijkt al langere tijd naar een herijking van de Woondeals die het heeft gesloten met het Rijk voor in totaal 13.000 nieuwbouwhuizen. Naast de drie Noord-Drentse gemeenten in de Regio Groningen-Assen (4400 woningen), gaat het om Zuidwest (ruim 5.000) en Zuidoost (bijna 4500).
Ook hier lopen provincie, gemeenten en woningcorporaties tegen veel praktische knelpunten aan. Op 28 oktober presenteert de provincie daarom eenzelfde analyse als Groningen nu heeft laten maken, met daarin ‘randvoorwaarden’ waaraan moet worden voldaan om de bouwambitie in 2030 te halen