Natuurgebied De Onlanden ten zuiden van Groningen. Foto: André Brasse
‘Wat is natuur nog in dit land?’ vroeg dichter J. C. Bloem zich 75 jaar geleden al af. Nu trekt de stikstofcrisis een denkbeeldige lijn in ons denken, met aan de ene kant de landbouw en aan de andere natuur. Maar klopt die tegenstelling wel?
Rondom de maisvelden van melkveehouder en LTO Noord-voorzitter Dirk Bruins bloeien kleurige, geurige bloemen. Mooi om te zien en bevorderlijk voor de biodiversiteit. Bruins maait z’n akkerranden niet te vaak en niet te laag, zodat jonge hazen en reeën zich in het voorjaar tussen het hoge gras kunnen verstoppen. Hij maakt in z’n stallen bewust ruimte en ingangen voor de zwaluwen die er graag nestjes bouwen.
Zeg het maar. Telt zo’n boerenbedrijf als natuur? In z’n geheel, met koeien en mais en al, of alleen de bloemen, hazen en zwaluwen? En als dit niet telt - wat dan wel?
Hardwerkende boer versus weerloze dieren en planten
Halverwege de vorige eeuw brak de dichter J. C. Bloem er z’n hoofd al over. ‘Wat is natuur nog in dit land?’ vraagt hij zich af in zijn beroemde sonnet over de Dapperstraat (1947), om een regel later een gooi te doen naar het antwoord: ‘Een stukje bos, ter grootte van een krant / een heuvel met wat villaatjes ertegen.’
75 jaar later is het thema wat natuur is belangrijker en beladener dan ooit. De stikstofcrisis trekt een soort denkbeeldige lijn, hard en scherp, met enerzijds de landbouw en anderzijds de natuur. De een z’n onderneming betekent de ander z’n dood; het lijkt soms alsof je móét kiezen aan wiens kant je staat, die van de hardwerkende boer of de weerloze dieren en planten.
Wat een boer is, is vrij eenvoudig te bepalen. Wat natuur is, is soms ingewikkelder. Eind juni protesteerde een groep boeren bij het Roegwold in Midden-Groningen. Het gebied moet van de stikstofkaart verdwijnen, vinden ze. De reden? Het Roegwold is kunstmatig aangelegd. Daarvóór was het nog landbouwgrond. Zulke natuur is volgens de protesterende boeren niet ‘echt’.
Han Olff, hoogleraar ecologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, heeft de berichten voorbij zien komen. ,,Over nieuwe natuur en oude, echte en neppe...’’ Dus nee, het verbaast hem niet dat de krant belt om hem een vraag voor te leggen die simpel lijkt, maar dat niet is. Wat is natuur nou eigenlijk?
,,Het begint ermee dat er allerlei sóórten natuur zijn’’, zegt Olff. ,,Je kunt ergens bestaand natuurgebied hebben, dat je zo goed mogelijk beschermt en probeert te houden zoals het is. Dat kan historisch ontstaan zijn, met een belangrijke rol voor mensen - denk bijvoorbeeld aan bloemrijk hooiland, waar allerlei planten en weidevogels leven.’’
Anderzijds zijn er ook de Wadden of het oeroude bos Liefstinghsbroek, waar mensen geen hand in hebben gehad. ,,En dan zijn er nog plekken waar eerst natuur verloren is gegaan, bijvoorbeeld door intensieve landbouw, en waar mensen zich nu inspannen om het terug te krijgen. De Onlanden zijn daar een voorbeeld van, het Roegwold ook. Het zijn heel verschillende typen natuur’’, benadrukt Olff, ,,maar natuur is het allemaal.’’
Chileense flamingo's in het Roegwold. Foto: Wilco van der Laan
Melkveehouder en LTO Noord-voorzitter Dirk Bruins vindt een onderscheid tussen ‘echte’ of ‘neppe’ natuur ook niet zo zinvol. ,,Zeker niet in een land als Nederland. Het is hier bij wijze van spreken één grote tuin; bijna alles is gecultiveerd en aangelegd. Als je alleen oerbos zou tellen als ‘echte’ natuur, blijft er niet veel over.’’
Martijn Broekman, één van de boswachters die in het Roegwold werken, heeft moeite met het impliciete waardeoordeel in ‘echt’ versus ‘nep’. ,,De natuur zelf stelt zich dat soort vragen helemaal niet, dus als mensen moet je het ook niet doen.’’ Wat zou Broekman zelf antwoorden op de vraag ‘wat is natuur’? ,,Heel simpel gezegd: alles wat leeft.’’
Zeldzame fuut op oud industrieterrein
Leven is er veel in het Roegwold. In de vorm van zeldzame vogels - roerdomp, porseleinhoen, baardmannetje - en planten als rietorchis, zandblauwtje en goudknopje. ,,Maar een weiland is in principe evengoed natuur. En midden in de stad, waar ik woon, vind je óók natuur’’, zegt Broekman.
Neem de vloeivelden van de oude Suikerfabriek in Groningen-stad. Op het voormalig industrieterrein wonen geoorde futen en water- en meervleermuizen. Omdat dat beschermde soorten zijn, mag de gemeente Groningen van de rechtbank niet zomaar woningen laten bouwen in hun leefgebied.
De zeldzame fuut op het fabrieksterrein laat het haarfijn zien: natuur blijft niet keurig binnen de gebiedjes die de mens ervoor bedenkt, maar kan ook spontaan verschijnen waar we het niet verwachten. Dat vindt de één een mooie verrassing, terwijl de ander baalt van woningbouwplannen die vertraging oplopen - net zoals sommige mensen de ‘nieuwe natuur’ van het Roegwold koesteren en anderen het maar belachelijk vinden dat we gefingeerde wildernis aanleggen op prima landbouwgrond.
Iedereen vindt natuur van waarde
Wat natuur is, en vooral: wat waardevolle natuur is, verschilt nogal per persoon. Dat ontdekte Agnes van den Berg, die tot 2021 bijzonder hoogleraar natuurbeleving was aan de RUG, tijdens een onderzoek in de jaren negentig. Over het algemeen hechten stedelingen en ecologen de meeste waarde aan ongerepte, wilde, spontane natuur; zij hebben een zogenaamd ‘ecocentrisch’ natuurbeeld. Plattelandsbewoners en ouderen zijn juist eerder geneigd om ‘antropocentrische’ natuur goed en mooi te vinden: natuur die door mensen wordt verzorgd.
Maar over één ding zijn we het wel eens: dat natuur van waarde is. Vorig jaar deed Van den Berg met twee collega’s onderzoek voor de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli). Daarin gaf van de 2250 ondervraagde mensen slechts één op de acht aan natuur ‘minder belangrijk’ te vinden. ‘Het overgrote deel van de Nederlandse bevolking is het erover eens dat de natuur belangrijk is’, schrijven de onderzoekers.
In natuurgebied De Onlanden wordt natuurontwikkeling met waterberging gecombineerd. Foto: Jaspar Moulijn
Dat vindt ecoloog Han Olff uiteraard ook. ,,Er zijn allerlei argumenten waarom natuur waardevol is’’, stelt hij. ,,Er is directe waarde voor de mens: natuur biedt mogelijkheden voor recreatie, verhoogt de leefkwaliteit en kan zelfs directe economische waarde hebben.’’ Zo voorkomen de Onlanden een hoop waterschade aan Groningse huizen en bedrijven als het hevig regent.
Natuur is óók essentieel voor onze geestelijke gezondheid, zegt Olff. ,,Stel je toch voor dat je alleen maar steen om je heen ziet. Dat zou echt een aantasting zijn van je welbevinden. Tot slot heeft natuur simpelweg intrinsieke waarde, los van ons mensen. Wij zijn maar één enkele diersoort - waarom zouden wij meer recht op ruimte en leven hebben dan alle andere soorten?’’
Hazen op de Suikerzijde. Foto: @suikerzijde op Twitter