De tocht op de 0-NAP-lijn door Nederland. Foto linksboven: Vincent Hovinga, rechsonder: Marion Meijer. Beeld: DVHN (kaart: Climate Challenge, achtergrond: Marcel Jurrian de Jong)
Tweeduizend wielrenners fietsen vrijdag dwars door Nederland op de grens van 0 meter NAP voor de vijfde editie van de Climate Classic. Een deel start in Breda (375 km), een ander deel in De Bilt (250 km).
Fietsen op de 0-NAP-lijn laat zien hoe klein Nederland wordt als de zeespiegel te ver stijgt en de dijken breken. Met de fietstocht willen de deelnemers aandacht voor klimaatverandering en halen zij geld op voor bescherming en herstel van wetlands, waterrijke natuurgebieden die grote hoeveelheden CO2 kunnen opslaan. Ook doen ze met de tocht zelf een klimaatbelofte: iets wat ze vanaf nu beter willen doen.
Teams vanuit meer dan honderd Nederlandse bedrijven doen mee aan de tocht. Vrijdagmiddag arriveren ze bij het kantoor van waterschap Noorderzijlvest in Groningen. Vincent Hovinga (47) uit Groningen en Marion Meijer (44) uit Noord-Sleen doen vanuit een team van Noorderzijlvest mee en vertellen erover.
Vincent Hovinga (47) uit Groningen. Foto: eigen beeld
Dag Vincent, jij mag vrijdag 375 kilometer naar Groningen fietsen, maar hebt besloten ook fietsend naar Breda te gaan. Noemen mensen jou weleens gek?
„Dat hoor ik wel eens, een beetje gek is heel gezond. Vorig jaar deed ik ook mee met de 375 kilometer. Toen dacht ik na afloop: oké, dit kan ik dus. Maar als je klimaatimpact wil maken, is het eigenlijk gek om met de auto naar het startpunt te gaan. Daarom ga ik dit jaar op de fiets.”
,,Precies. Op de heenreis neem ik mijn tijd, hoor.”
Waarom doe je mee?
„Omdat het leuk is. En omdat ik op een positieve manier aandacht kan vragen voor klimaatverandering. Ik denk niet dat we bang hoeven te zijn dat het water over 20 of 30 jaar tot aan de Veluwe staat, maar we moeten wel iets doen om leefbaarheid, natuur en landbouw te behouden. Met zo’n actie kun je dat gesprek op gang brengen.”
Vorig jaar fietste jij ook zo’n afstand. Vanaf wanneer werd het zwaar?
„Na 250 kilometer zat ik er wel een beetje doorheen. Toen draaide de wind ook nog en ging het moeilijker. Maar bij Appelscha dronk ik een colaatje en dat hielp me door het laatste stuk. Mijn devies is: niet te gek van start gaan, rustig doortrappen en blijven eten.”
Wat is jouw klimaatbelofte?
„Ik vind eigenlijk: als je ergens mee wil beginnen, doe dat dan meteen. Ik eet al minder vlees, vlieg niet naar Europese bestemmingen en ben bewust met wat ik aanschaf.
Mijn voornemen ligt daarom op een ander vlak. Vanuit mijn werk bij het waterschap spreek ik vaak boeren over de klimaatopgave. Ik wil proberen minder op mijn morele gelijk te zitten en beter te luisteren naar het standpunt van de andere partij. Een landbouwtransitie kost tijd.”
Marion Meijer (44) uit Noord-Sleen. Foto: eigen beeld
Dag Marion, jij start vrijdag in De Bilt om 250 kilometer te fietsen. Waarom?
„Met deze fysieke uitdaging sta ik stil bij het veranderende klimaat. Als je alleen al kijkt naar hoe nat het nu is: overstromingen in Europa en boeren zien oogsten mislukken. Terwijl we voorgaande jaren zoals in 2018 zulke droogtes hadden. Wij moeten daarom anders gaan leven.”
„Ja, een betere wereld begint bij jezelf. Mijn ecologische voetafdruk is nog steeds veel te groot. Ik eet te veel vlees en rijd naar mijn werk.”
Is dat dan ook jouw klimaatbelofte?
„Zeker. Thuis zijn wij echte vleeseters. Wij gaan niet langer zes dagen vlees eten, maar vier. En ook bewuster kopen: als de paprika’s en boontjes niet uit Nederland komen, kiezen we andijvie.
En ik wil de auto minder gebruiken. Het is 60 kilometer op de fiets naar mijn werk. Als ik om 6 uur ’s ochtends wegga, arriveer ik om 8:15. Dan voel ik me eigenlijk heel vrolijk. Dat wil ik vaker doen. En al die kleine ritjes binnen 10 kilometer van ons huis kunnen we sowieso wel fietsen.”
Hoe ga je de tocht volhouden?
„Er zitten heel wat trainingsuren in. Ik heb zojuist nog even 90 kilometer gefietst als oefenrondje. Daar draai ik mijn hand niet meer voor om. Tot 180 kilometer zit ik nog wel goed, maar vanaf daar is het lastiger. Maar ach, moe worden we allemaal.”
De laatste 80 kilometer gaat op karakter?
„Zeker. Vorig jaar hadden we de wind in de rug en kregen we mooi weer. Naar verwachting is het dit jaar uitdagender met harde wind en regen.”