Met z'n allen klaar voor het academisch jaar. Foto: Corné Sparidaens
Zernike Campus bruist weer. Duizenden studenten van de Hanzehogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen zwermen als vanouds over de straten en pleinen. Studenten die elkaar bijna alleen van een scherm kennen, ploften onbekommerd in de stoelen van klaslokalen.
Alsof een spookstad weer tot leven komt. Een onbekende energie knettert maandagochtend door Zernike Campus. Duizenden studenten en docenten blazen de beladen stilte weg. Studenten sjokken met grote koffiebekers over de campus, eerstejaars kijken een beetje schichtig om zich heen. Waar is dat ene gebouw toch?
De introductie begint zo. Anderen klampen iedereen die er ook maar een beetje als docent uitziet aan om de weg naar een lokaal te vragen. Een studente speurt met de fiets aan haar hand naar een nog leeg plekje in de uitpuilende fietsenstallingen. Groepjes kersverse hbo’ers verkennen onder begeleiding van een ouderejaars hun nieuwe habitat. Dit is het dus, dit is het studentenleven. Het gaat beginnen.
'Even checken waar we naar toe moeten' op het Zernikeplein. Foto: Corné Sparidaens
‘Sorry hoor, maar wat is je naam ook alweer?’
Sterre Strietman (22) reisde maandagochtend weer een uur lang met trein en bus 15 naar Zernike Campus. De tweedejaarsstudente social work uit Assen volgde de lessen een jaar lang grotendeels vanachter een scherm. ,,Ik vind het leuk om iedereen weer in het echt te zien, maar het was ook wel chill. Je stond op en je kon meteen aan het werk. Nee, ik vind het niet erg een paar dagen in de week online les te hebben.’’
Mikki Venema (20) zit in dezelfde klas als Sterre. Ze stoot een studente aan die voor haar zit. ,,Sorry hoor, maar wat is je naam ook alweer? Oh ja, Britt. Is ook zo, dank je!’’ De studente uit Groningen mist de online-colleges niet. ,,Ze waren soms wel drie jaar geleden opgenomen! Nou, dat merkte je echt wel. Nee, dat was niet geweldig.
Zernike Campus bruist weer. Studenten die elkaar bijna alleen van een scherm kennen, ploften onbekommerd in de stoelen van de klaslokalen. Foto: Corné Sparidaens
In de kantine gonst het. Studenten met mondkapjes laden hun dienbladen vol met gevulde koeken, koffie en broodjes. Bijna achthonderd nieuwe studenten zetten vandaag hun eerste passen in de Marie Kamphuisborg, genoemd naar de grondlegger van het moderne maatschappelijk werk na de Tweede Wereldoorlog. Ze lachen, kletsen met drukke armgebaren of hangen behaaglijk achterover, een stille grijns op hun gezichten. Oh ja, zo was het.
MichèleGarnier van de Academie voor Sociale Studies, waaronder social work en toegepaste psychologie vallen, zat het afgelopen jaar vaak bijna in haar eentje in het gebouw. ,,Er waren wel praktijklessen, maar het was hier maar een stille bedoening hoor. Och, wat zijn we hier blij mee.’’
Studenten met mondkapjes laden hun dienbladen vol met gevulde koeken, koffie en broodjes. Foto: Corné Sparidaens
De eerstejaars krijgen dinsdag een introductiedag in Dronten, normaliter is deze met overnachting, maar dat zit er – het is immers geen Grand Prix – voor de nieuwe studenten niet in. Garnier: ,,Maar ook voor de tweedejaars komt er een soort van introductie. Er was er eentje die mij de weg naar een lokaal vroeg!’’
De Hanzehogeschool dringt er bij zowel personeel als studenten op aan zich te laten vaccineren. ,,Maar het is niet verplicht. We bieden zelftesten aan en deze week komt er een prikbus van de GGD waar iedereen – studenten en personeel – gratis een Janssen-vaccin krijgt.’’
Groepjes op het plein. Foto: Corné Sparidaens
‘Dan besef je weer: hier gaat het om’
De immense collegezaal in de Aletta Jacobshal, waar normaliter met gemak 470 studenten passen, bevat een onsje meer dan de toegestane 75 studenten. Het ruikt er lichtjes naar hout. Op een enorm digitaal scherm van bioscoopformaat staat het studieprogramma. Onder het scherm staat – bijna beduusd – een heerlijk ouderwets schoolbord, inclusief krijt.
De eerstejaars studenten van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de RUG luisteren – gewapend met bidons en thermoskannen thee en koffie - naar programmaleider en docent Alan Muller die in vloeiend Engels vraagt hoeveel studenten uit het buitenland komen.
Een fiks aantal handen schiet de lucht in, waaronder die van Nils Depner (18) uit Houston, Texas. De Duitsland geboren student is voor het eerst in Nederland. ,,Mijn zuster studeert hier psychologie. Ze hielp me ook bij het zoeken naar een kamer. Dat viel nog niet mee.’’
Hij kijkt een beetje onwennig om zich heen naar de studenten die vrolijk links en rechts van hem zitten. ,,Het laatste jaar op de High School was helemaal online. We zagen elkaar alleen bij het afstuderen.’’
Muller is verrukt weer in een collegezaal – ook al is ie dan halfvol – te staan. ,,Die energie, die blikken in de ogen van de studenten. Dan besef je weer even: hier gaat het om!’’
Een collegezaal in de Aletta Jacobshal. Foto: Corné Sparidaens