Jan Wittenberg staat in een veld triticale. Het is één van de drie gewassen die wordt verbouwd op de Onner Es bij Onnen. Sinds vorig jaar is de grond van burgercoöperatie Land van Ons. Foto: Jaspar Moulijn
Huttentut, boekweit en triticale: burgercoöperatie Land van Ons kan de gewassen deze maand van haar nieuwe land bij Onnen oogsten. Na een jaar natuurinclusief verbouwen, bloeit het leven op de Onneresch op.
,,Hier proef maar’’. Jan Wittenberg plukt een aar van een stengel triticale. De perceelcoördinator reikt het gele, graanachtige product aan. De lange ‘haren’ die eruit steken zijn om vogels te weren, vertelt hij. Voor zover het smaak heeft, is het lichtzoet met een bittere nasmaak. Wittenberg stopt zelf korrel na korrel in zijn mond. ,,Dit wordt krachtvoer voor de koeien van de biologische boer die het land voor ons beheert’’, zegt hij.
Om hem heen ligt 26 hectare grond van Land van Ons. Het is zo’n vijftig voetbalvelden groot en werd vorig jaar opgekocht door de landelijke burgercoöperatie Land van Ons. Dat is een organisatie die in harmonie met de natuur wil landbouwen. Het land werd aangekocht met ingelegd geld van honderden leden van de bugercoöperatie. Zij konden stemmen over de aankoop van de grond.
Die stemming bleek een kat in het bakkie. Het gebied is namelijk pittoresk en in Groningen had Land van Ons bovendien nog geen grond. Het gekochte gebied behelst de Onner Es (of Onneresch) tot aan de Dalweg en het spoorwegemplacement Haren. Halverwege het terrein ligt een pingoruïne, een erfenis van de IJstijd. Een zandweg van zo’n kilometer lang voert langs het gebied. Wie het pad volgt, komt in natuurgebied Appelbergen uit.
Kwartels en paraderende vosjes
Waar het een jaar geleden nog één groot graslandschap was, wordt nu zo’n zes hectare grond verbouwd. In een lange bloemenrand van in totaal vier meter breed is het een komen en gaan van bijen, vlinders en andere insecten. Voor de rest van het gebied worden plannen gemaakt en er grazen koeien.
Holtesch bij Hooghalen
Bij Hooghalen heeft Land van Ons sinds 2020 ook een stuk grond. De burgercoöperatie bezit daar acht hectare van de Holtesch, die in totaal zo’n dertien hectare groot is. De afgelopen jaren werden er onder meer boekweit, wintertarwe en huttentut verbouwd.
Dat gebeurde door middel van strokenteelt. Door gewassen als boekweit te kiezen, waar insecten veel nectar uit kunnen halen, wordt ook hier een impuls gegeven aan de biodiversiteit.
De Holtesch ligt aan de rand van een bos en hoort bij het Nationale Natuur Netwerk.. Dat moet natuurgebieden beter met elkaar verbinden, waardoor dieren en insecten zich makkelijker kunnen verplaatsen en verspreiden.
Wittenberg heeft vanuit zijn woning zelf uitzicht op het land. Hij is in zijn nopjes met het resultaat. De perceelcoördinator zag niet alleen de flora, maar ook de fauna snel veranderen. Vrijwilligers houden om de zoveel tijd metingen van bijvoorbeeld de grondwaarde en het aantal insecten. Die pakken steeds positiever uit. ,,Als ik nu uit het raam kijk, zie ik veel vaker reeën. En er paraderen trots vosjes door het weiland. We hebben zelfs een kwartel gezien en sporen van een das gevonden, die komt waarschijnlijk uit Appelbergen.’’
Op de Onneresch worden nu drie gewassen verbouwd, zegt Wittenberg. Hij wijst naar een plantje met kleine bolletjes eraan. ,,Dit is huttentut. Het is een gewas dat het goed doet op zandgrond. Van de zaden kun je olie maken. Van de rest een soort koek.’’ Die is niet voor bij de thee. ,,Nee, die zijn bedoeld als veevoer, ze zijn rijk aan eiwitten.’’
Van huttentut kan Land van Ons olie maken. Met het restproduct wordt een soort koek gemaakt, dat kan worden gegeten door vee. Foto: Jaspar Moulijn
Tegenover het veld met huttentut staat boekweit. Daarvan kan glutenvrij meel worden gemaakt voor onder meer koekjes (wel geschikt voor bij thee), pasta en pannenkoeken. Hoewel het voedsel vroeger veel werd verbouwd op arme gronden door mensen die het zelf ook niet al te breed hadden, raakte het in ongebruik. Het kan namelijk slecht tegen bijvoorbeeld vorst en noodweer. Tegenwoordig maakt het juist een opmars bij soortgelijke initiatieven als Land van Ons. Armenvoedsel is het niet meer, weet Wittenberg. ,,Het is nu eigenlijk juist het omgekeerde.’’
Geen kunstmest
Het derde gewas is triticale. Dat is bestemd als voer voor de negentig stuks vee van de biologische boer die het land onderhoudt. ,,Dat is goed voor ongeveer tien procent van wat ze nodig hebben, volgens hem’’, zegt Wittenberg. Het is prettig voor de boer, die zo deels aan de hoge voederprijzen ontkomt, maar het is ook goed voor het land.
Eeuwenoude es
De Onneresch wordt al eeuwen bewoond. Dat is te zien aan grafrituelen die werden terugvonden. Zo’n vijfduizend jaar geleden werd er een hunebed gebouwd. Veel later, in 1927, werd een grafveld ontdekt uit de vroege middeleeuwen, zegt Jan Wittenberg.
De befaamde archeoloog Albert van Giffen (die zo ongeveer overal in Groningen en Drenthe opgravingen deed) ontdekte er 57 graven. De overledene werd daarbij in een soort gevlochten korf begraven. ,,In dat graf werden ook twee trechterbekers ontdekt.’’
,,Er weden ook Karolinger kralen gevonden’’, zegt Wittenberg. Dat waren armbanden met versiersels die ook als valuta konden dienen. Ook was er een aantal gebruiksvoorwerpen als messen en een gesp. ,,Het laat zien dat er al heel erg lang mensen wonen en dat hier waarschijnlijk ook al heel erg lang voedsel wordt verbouwd.’’
,,De koeien staan in een potstal.’’ Dat is een stal van zo’n anderhalve meter diep, schat Wittenberg. Als de koeien op stal staan, wordt er steeds stro over de uitwerpselen gestrooid. De koeien lopen daar overheen en stampen het aan. ,,Als de stal na de winter vol zit, wordt de mest in vaste vorm over het Land van Ons verspreid. ,,Wij doen niet aan kunst- of drijfmest. Volgens ons is dat niet goed voor het bodemleven. Toen wij het kochten was de grond uitgeput.’’
Een veld met boekweit. Hiervan kan meel gemaakt worden voor koekjes, pasta's of pannenkoeken. In de bloemenrand voor de akker vliegen bijen af en aan. Foto: Jaspar Moulijn
Gezonde grond, goede opbrengst
Dat is juist één van de pijlers die het allerbelangrijkste is voor Land van Ons: de bodem gezond maken door daar weer veel verschillenden soorten leven in te krijgen. Van wormpjes, wespen en kevers tot microben. De restproducten van de oogst, zoals stengels, worden met de grond meegeploegd. ,,Maar dat willen we niet te diep doen, juist ook om het bodemleven niet teveel te verstoren. Uiteindelijk is het wel een kwestie van de lange adem om de grond weer gezond te krijgen.’’
De productie van Land van Ons in Onnen is ook nog niet het gedroomde gewas, vertelt Wittenberg. ,,Eigenlijk willen we vooral ‘menseneten’ verbouwen.’’ Van de huidige oogst is nog slechts de helft bedoeld voor menselijke consumptie. ,,Het komende seizoen willen we meer bonen verbouwen.’’
Risico’s en experimenteren
,,Het is ook nog veel experimenteren voor ons. Wat werkt wel en wat werkt niet.’’ Een groot voordeel van de burgercoöperatie ten opzichte van de normale boer, is dat laatstgenoemde een probleem zou hebben als de oogst mislukt. Dat betekent gemiste inkomsten. Omdat de deelnemers van Land van Ons er niet van hoeven te leven, kunnen risico’s worden genomen. ,,Dat is ook nodig. Want voor deze manier van landbouwen is veel nieuwe kennis nodig.’’
Het gebied kent verschillende grondsoorten. Dat komt doordat een pingoruïne een veentje creëerde en bij de aanleg van het spoorweg grond werd afgegraven. ,,Daardoor heb je op delen nog zo’n 30 centimeter zand. Daarna kom je op leem. Het is zoeken welke gewassen daar goed te verbouwen zijn. Het uiteindelijk doel is namelijk wel dat we een rendabel systeem maken, niet alleen voor de natuur maar ook voor de landbouw.’’
Een deel van huttentut is geschikt voor menselijke consumptie. Van de rest wordt veevoer gemaakt. Maar eigenlijk wil Land van Ons vooral voor mensen eten verbouwen en niet voor vee. Foto: Jaspar Moulijn
Dankzij het leem zijn er ook mogelijkheden, ziet Wittenberg. ,,We willen proberen om meer water vast te houden. Het voordeel van leem is dat het water daar moeilijk uit wegloopt. Zo hebben we minder last van droogte, maar het is ook goed voor de biodiversiteit. Het trekt weer nieuwe dieren en insecten aan.’’
Of die er wel kunnen komen? ,,Ja, daar maak ik mij geen zorgen om. We hebben gezien hoe snel de natuur zijn weg terugvindt, dat is fantastisch om te zien. Wij zijn bevoorrecht en trots dat we dit landschap straks kunnen doorgeven.’’