Het nieuwe Pannekoekschip, de Johanna, waarmee de familie Meiboom naar de Oosterhaven wil verhuizen. Het oude schip De Verandering in het Schuitendiep is versleten en wordt gesloopt. Foto: Archief DVHN
Nee, ze had de bezorgde geluiden van haar nieuwe buren niet verwacht. Ze kan ze ook niet plaatsen. Marjon Meiboom, uitbater van restaurant ‘t Pannekoekschip, heeft veel zin om naar de Oosterhaven te verhuizen en belooft dat er niemand last van haar zal hebben.
De aanvraag voor een omgevingsvergunning is inmiddels de deur uit. Daarmee vragen Marjon en Edwin Meiboom officieel toestemming voor de verhuizing die ‘t Pannekoekschip en de gemeente Groningen al bijna een jaar geleden aankondigden. Het restaurant verlaat de oude ligplek in het Schuitendiep, die een stuk minder aantrekkelijk wordt omdat de gemeente pal ernaast de nieuwe Kattenbrug bouwt.
Je moet het zien als een ruil, legt Marjon Meiboom uit. ,,Wij hadden een prachtig plekje, wat we nu opgeven. Daar willen we van de gemeente een mooie plek in de Oosterhaven voor terug.’’
Havenmeester ziet ligplaatsen verdwijnen
Waarom per se daar? ,,Het schip past er goed, het is dicht bij de oude plek en er is veel parkeergelegenheid in de buurt’’, zegt Meiboom. De Oosterhaven ligt ook mooi op de route van rondvaartbedrijf Kool, met wie ze een samenwerking heeft. ,,Mensen kunnen daar een arrangement boeken inclusief een hapje eten bij ons.’’
In theorie zou Meiboom ook vlak naast Kool kunnen gaan liggen met haar Pannekoekschip: in het Verbindingskanaal, tegenover het station. Leden van de gemeenteraad opperden die locatie woensdag als alternatief, omdat jachthavenmeester Christa Beuker van de Oosterhaven de komst van het drijvende restaurant niet ziet zitten. De ruimte die het in gaat nemen, kan straks niet meer gebruikt worden als ligplaats voor charterschepen en recreatievaart.
‘Ik hoor zelf juist positieve geluiden uit de omgeving’
Maar het Verbindingskanaal trekt haar niet, zegt Meiboom, pal aan een drukke weg. ,,Wij willen naar de Oosterhaven. Klaar. Die ligplek wordt nu wel door de jachthaven gebruikt, maar hij is gewoon van de gemeente.’’
Meiboom had helemaal niet verwacht dat er weerstand zou zijn tegen hun komst. Ze gelooft er trouwens ook niet zo in. ,,Ik hoor zelf juist positieve geluiden uit de omgeving. De havenmeester roept steeds dat iedereen tegen is, omdat ze haar gratis ligplekken ziet verdwijnen. Maar echt, de haven kan alleen maar beter worden van ons. We doen niet aan lawaaiige feesten tot diep in de nacht, we nemen geen ruimte op de kade in met een terras, maar we trekken wel hartstikke veel gezinnetjes en toeristen.’’