Op de Agora school ontmoeten basis- en voortgezet onderwijs elkaar. Foto: Marcel van den Bergh
Saaie lessen? Niet op Agora-scholen waar leerlingen leren vanuit eigen interesses en nieuwsgierigheid, zeggen de pleitbezorgers van de Agora-school voor voortgezet onderwijs in Groningen.
Dat zijn kinderpsycholoog Christine Brons uit Groningen en oud-wethouder en onderwijsvernieuwer Michiel Verbeek uit Haren. Zij zien graag dat er volgend schooljaar een begin gemaakt wordt met Agora-onderwijs in Groningen. ,,We zijn al tevreden als er één Agora-klas begint binnen een bestaande school. Daarvoor hebben we een schoolbestuur met ballen nodig, dat een nieuwe tak van onderwijs aandurft. Andere Agora’s zijn op zolders begonnen, dat is voor ons ook een optie’’, zegt Brons.
Met tien gelijkgestemden houden Brons en Verbeek een symposium over onderwijsvernieuwing en Agora-onderwijs. Dat is op woensdag 26 februari op CSG Kluiverboom in Groningen.
‘Kijk alleen al naar de duizenden thuiszitters’
Brons en Verbeek zetten zich niet sterk af tegen het traditionele onderwijssysteem, al hebben ze er iets op aan te merken. Hun punt is dat dat systeem niet voor alle leerlingen geschikt is. ,,Kijk alleen al naar de duizenden thuiszitters in ons land. Of kijk naar leerlingen die al weten wat ze willen. Die ervaren al die andere vakken als ballast, maar moeten die vakken volgen’’, legt Brons uit.
Volgens haar en Verbeek houden kinderen en jongeren van de omgang met leeftijdsgenoten op school, maar vinden ze de lessen saai en lopen ze vaak vast door een gebrek aan motivatie. De vakken sluiten onvoldoende aan bij interesses van jongeren. Ook kunnen ze niet allemaal even goed omgaan met het keurslijf van toetsen, huiswerk en examens.
‘Het is geen dagbesteding’
Binnen Agora draait het om de autonomie en de eigen leervragen van kinderen. ,,De kern is dat ze hun eigen leervraag formuleren en zo hun leerproces in gang zetten. Daarbij worden ze ondersteund en uitgedaagd door deskundige coaches, die een groep van 18 leerlingen de hele week begeleiden. Daarnaast zijn er externe deskundige en vakspecialisten voor examenvakken aan de school verbonden’’, zegt Verbeek.
Hij benadrukt dat van vrijblijvendheid geen sprake is binnen het Agora-0nderwijs. ,,Leren staat centraal, het is geen dagbesteding. Ieder kind heeft interesses en aangeboren nieuwsgierigheid. Professionals helpen de leerlingen kinderen die aan te boren en van daaruit kennis en vaardigheden te vergaren.’’
Bovendien moeten leerlingen op Agorascholen hetzelfde eindexamen doen als leerlingen op reguliere scholen. In de eerste jaren staan de eigen leervragen, challenges geheten, centraal. Richting een examen, volgt examentraining. Examenvakken kunnen binnen Agora verspreid worden over twee of drie jaar. ,,We kunnen ons zodoende geen vrijheid blijheid veroorloven, we bieden veel structuur’’, zegt Brons.
‘In de maatschappij moet je ook samenwerken’
Agora-onderwijs bestaat inmiddels 12 jaar, groeit gestaag en heeft overal in het land scholen. Maar niet in Noord-Nederland. Dat moet anders, vinden Brons en Verbeek. Volgens hen past deze nieuwe vorm van onderwijs bij een universiteitsstad als Groningen en vergroot het de keuzemogelijkheid van ouders, leerlingen en docenten.
Zij denken dat het belangrijk is dat een school zich niet voornamelijk richt op resultaten en het diploma, maar juist op het leven. Zo passen lessen over vriendschap, de actualiteit of meer praktisch over belastingaangifte uitstekend binnen het Agora-onderwijs. Ook draait het om het functioneren binnen een groep. ,,Je leert niet alleen voor jezelf, maar ook voor elkaar. In de maatschappij moet je ook kunnen samenwerken’’, zegt Brons. ,,Ze kunnen zichzelf zijn en in eigen tempo werken aan zelfvertrouwen en veerkracht. Dat geeft een ontspannen sfeer.’’