Elektronicaketen BCC dreigt om te vallen. Het bedrijf heeft uitstel van betaling gevraagd aan de schuldeisers. Ook andere grote ketens worstelen. Tijd voor soepeler regels van de overheid, stelt VNO-NCW Drenthe.
Hoge huur en energiekosten, inflatie, de populariteit van webwinkels en het moeten terugbetalen van de coronasteun: veel winkeliers hebben het zwaar. De ontwikkeling zorgt voor lege etalages in de winkelstraat.
Bram van Beetz, voorzitter VNO-NCW Drenthe, ziet een belangrijke rol weggelegd voor soepeler regelgeving. ,,Gemeentes zouden de winkelondernemers meer ruimte kunnen geven door toe te staan dat zij hun producten combineren met, bijvoorbeeld, horeca. Je kunt je inkomsten nou eenmaal niet altijd vergroten door de prijzen te verhogen. Dus bredere functies, verruiming van de openingstijden, grotere terrassen. Een aanbod dat zich richt op inspireren, adviseren, entertainment. Die vernieuwing is ook goed. Een ondernemer moet alert zijn op zijn rol. Maar als je een levendige binnenstad wilt houden, zullen ondernemers en overheid dat samen moeten doen.’’
‘Ondernemers worden nu aan hun lot overgelaten’
Dat nu ook grote ketens het zwaar hebben, betekent niet dat de ‘stenen winkel’ zal verdwijnen, menen de vertegenwoordigers van het midden-en- kleinbedrijf uit Groningen en Drenthe. ,,In Drenthe is de leegstand nu nog relatief beperkt’’, zegt Van Beetz. ,,Maar we zijn wel bezorgd over wat er gebeurt. Tijdens de coronacrisis werden de ondernemers beschermd, maar het lijkt er nu op alsof ze door de overheid aan hun lot worden overgelaten.’’
Grote ketens zorgen ervoor dat de winkelstraten van Nederland heel erg op elkaar zijn gaan lijken. Maar ze hebben ook een belangrijke functie: ze trekken publiek.
Betekenis grote ketens onderschat
Eric Bos van de Groningen City Club (GCC) zegt dat hun betekenis voor grotere binnensteden is onderschat. ,,Dat grote ketens omvallen is niet nieuw, wel versneld door corona. Veel bedrijven hebben hun knopen al geteld tijdens de crisis en zijn meer online gaan verkopen. En ze hebben hun beleid bijgesteld. Blokker legt geen prioriteit meer in binnenstadvestigingen, C&A stopt in de kleinere provinciesteden. Maar de wijkwinkelcentra doen het juist heel goed.’’
Uit recente retailcijfers blijkt dat het winkelbeeld verandert: meer kappers, meer horeca, meer sportscholen en in de stad Groningen kun je meer koffie drinken dan ooit. ,,Maar wij hebben het geluk dat we 67.000 studenten hebben in Groningen”’, zegt Bos. ,,Die leven op een heel andere manier. Maken bijvoorbeeld veel gebruik van horeca. En door deze functievermenging met vooral horeca heeft Groningen de laagste leegstand van heel Nederland. ‘’
‘Als jij niet goed genoeg bent, verlies je de strijd’
De winkelstraat zal zichzelf heruitvinden, stellen Bos en Van Beetz. ,,De kleine, onderscheidende winkels blijven goed overeind’’, zegt Bos. ,,De hele wereld is aan het veranderen. Daar moet je niet paniekerig op reageren en realiteitszin houden. Toen V&D dichtging in Groningen, was dat omdat het warenhuis van de spullen geen toekomst meer had. Er is weinig toekomst meer voor BCC omdat die producten veel online worden gekocht. En als jij niet goed genoeg bent, verlies je de strijd. Het is dus aan de ondernemers om zich aan te passen. En dat kunnen ze, daar zijn het ondernemers voor.’’
In de toekomst, zegt hij, zullen de bezoekersstromen zich verleggen. ,,V&D trok 40.000 bezoekers per week. Tegenwoordig trekt het Groninger Forum 2 miljoen bezoekers, dat is net zo veel als V&D maar de functie is overgenomen door kunst, cultuur en tentoonstellingen.’’