Cor Kamminga tussen 3D-geprinte bloemen van gerecycled plastic. ,,Kan ik wel een boterham hiermee verdienen?'' Foto: Boudewijn Benting
In de voormalige busremise in Emmen bruist het van de ideeën en innovaties. Sinds eind vorig jaar huist de Greenwise Campus in het pand. Daar werken onderzoekers, studenten en bedrijven samen aan allerlei innovatieve en duurzame oplossingen, waaronder circulaire plastics.
Dat de verschillende partijen die bezig zijn met circulaire plastics bij elkaar kunnen komen is belangrijk, zegt Cor Kamminga, portfoliomanager bedrijven bij Greenwise. „Het levert meer op als je fysiek bij elkaar zit.”
Dat beamen ook Vincent Voet en Rudy Folkersma, beiden lector Circular Plastics aan de NHL Stenden. „We zijn steeds vaker hier op de campus te vinden”, zegt Voet. Hij verwacht dat dit nog verder zal toenemen naarmate de campus groeit. Binnenkort zullen er namelijk ook laboratoria te vinden zijn in het gebouw.
„We werken bijvoorbeeld samen met een bedrijf dat polymeren maakt uit reststromen”, zegt Voet. Micro-organismen die in afvalwater zitten kunnen biopolymeren maken. „Deze polymeren kunnen uiteindelijk ook weer afbreken als ze in de natuur terechtkomen. We onderzoeken daarom onder welke omstandigheden dat gebeurt.”
De kringloop sluiten
De laboratoria zijn er nog niet, maar voorbeelden van gerecycled plastic wel. Vlak bij de ingang zijn bijvoorbeeld kleurrijke 3D-geprinte bloemen van gerecycled plastic te vinden, een aandenken aan een bloemenweide met duizenden plastic bloemen op Koningsdag dit jaar. Ook de stoelen zijn van gerecycled plastic en Folkersma tovert uit het niets een paar staaltjes tapijt van gerecycled materiaal tevoorschijn.
Het is niet alleen belangrijk om te zoeken naar nieuwe bio-plastics: ook het oude plastic wat er al is kan opnieuw gebruikt worden. „Er is al een hele hoop afval die eigenlijk waardevolle grondstoffen bevat”, lacht Voet. „Vaak kijken we nu naar het eind van de keten en zijn we daar problemen aan het verhelpen die aan het begin van de keten zijn veroorzaakt. Daarom richten wij ons ook op circulair design. Dat is noodzakelijk om de kringloop te sluiten.”
Vincent Voet (l) en Rudy Folkersma. „In Nederland zijn we voorlopers op het gebied van het recyclen van plastics.'' Foto: Boudewijn Benting
Het recyclen van plastics kent nog veel uitdagingen. In sommige gevallen is het recyclen eenvoudig, zoals bij frisdrankflessen. „Frisdrankflessen kun je chemisch recyclen”, legt Folkersma uit. „Door een chemisch proces krijg je de oorspronkelijke uitgangsstoffen en kun je weer nieuwe PET produceren om flessen te maken”, legt Folkersma uit. Het inleveren van flessen in ruil voor statiegeld wordt daarnaast ook door consumenten omarmd.
Plastic wordt veel gebruikt als verpakkingsmateriaal. „Daar worden niet alleen heel veel verschillende plastics voor gebruikt, maar vaak zijn ze na afloop ook vervuild”, zegt Folkersma. Dat maakt het scheiden en opnieuw gebruiken een uitdaging.
Faillissementen maken kopschuw
„Het eigenaarschap en verdienmodel van de ideeën vormen nog een zoektocht”, zegt Kamminga. Het op kleinere schaal uittesten en dat initiëren is binnen onderzoeksbudgetten vaak wel te realiseren volgens hem. „Maar als je de stap wilt zetten naar productie, dan heb je voor langere tijd productie nodig op grotere schaal.”
Er is heel veel wet- en regelgeving op het gebied van circulariteit, vooral rondom plasticstromen, zegt Kamminga. Die wetgeving kan niet snel worden aangepast om nieuwe dingen op grotere schaal uit te rollen. „Voor ondernemers leidt dat tot onzekerheid. Kan ik wel een boterham hiermee verdienen en er ook rendement uit halen?”
„We hebben het veel over circulaire plastics, maar qua opschaling staat het aan het begin”, zegt Kamminga. „De afgelopen tijd waren er behoorlijk wat faillissementen, ook bij bedrijven die zich bezighouden met plasticrecycling. Dat heeft best veel impact en maakt zowel ondernemers als financiers kopschuw om daarmee aan de slag te gaan.”
De politiek is te laat
Internationaal gezien botsen verschillende landen als het gaat om afspraken maken over het gebruik van plastic. Eerder deze maand lukte het op een VN-top in Zuid-Korea niet om tot een plastic-akkoord te komen, hoewel veel landen dat wel willen. Een aantal olieproducerende landen lag dwars.
Cor Kamminga: ,,Samenwerken met andere regio's.'' Foto: Boudewijn Benting
Toch is dat geen signaal om ontmoedigd te raken, vinden de pioniers bij de Greenwise Campus. „Het laat zien dat de circulaire industrie ook echt terrein wint”, zegt Kamminga. ,,Als iets echt impact dreigt te hebben, dan voelen ze zich sneller aangevallen. Dat is nu zichtbaar bij de olieproducerende landen.”
„In Nederland zijn we voorlopers op het gebied van het recyclen van plastics. Toch kan dat nog niet concurreren met virgin plastics”, zegt Folkersma. „Er wordt gezegd dat de voorlopers te vroeg zijn en dat de tijd er nog niet rijp voor is. Het probleem is echter dat de politiek te laat is. Het moet sneller. We hebben maar één planeet.”
Dat het internationaal lastig is om harde afspraken te maken, betekent niet er geen internationale samenwerking is. Ook de impact van de Greenwise Campus reikt verder dan het Noorden, vertelt Voet. Soms worden er in Emmen inzichten opgedaan die misschien niet direct toepasbaar zijn. „Kennis is onze handel, dat delen we met een specifiek bedrijf of we schrijven er een artikel over zodat het voor iedereen beschikbaar is. Anderen kunnen het dan zelf verder ontwikkelen.”
50 procent gerecycled
„Het is ook een manier waarop je als Europa kunt concurreren”, zegt Folkersma. Vanuit economische perspectief alleen al is dat volgens de lectoren de moeite waard. „Voor als de olie opraakt of als de prijs omhoog gaat. Dan heb je alles al klaarliggen”, zegt Voet.
„Willen we een stap voorwaarts maken, dan ligt er een grote verantwoordelijkheid bij de Europese Unie en daarnaast bij de landelijke overheid”, zegt Kamminga.
Ideeën daarvoor hebben ze genoeg. „Je zou kunnen werken met een CO2-taks waarbij olie-gebaseerde kunststoffen meer worden belast dan bio-gebaseerde of gerecyclede kunststoffen”, zegt Folkersma. „Of regels maken op het gebied van recyclaat in kunststofproducten. Bijvoorbeeld dat 50 procent daarvan gerecycled moet zijn. Dat is een begin”, vult Voet aan.
Veel tijd gaat dan ook naar het zoeken van subsidies om de ideeën samen verder door te kunnen ontwikkelen, zegt Kamminga. „We zijn daarnaast aan het werken aan de samenwerking met andere regio’s, ook binnen Europa.”
„We willen ook een broedplaats zijn en het ontstaan van start-ups stimuleren op het moment dat studenten goede plannen hebben”, zegt Folkersma. Samen lopen ze graag voorop, maar desondanks hopen dat de rest zich snel aansluit. Want nogmaals: „We hebben maar één planeet.”