Ceciel (80) uit Emmen staat als vrijwilliger nabestaanden en slachtoffers bij van zelfdoding, mishandeling of misbruik. ‘Door mijn werk oordeel ik minder snel’
Ceciel Seinhorst uit Emmen is vrijwilliger bij Slachtofferhulp. Foto: Boudewijn Benting
Een kind dat is mishandeld door zijn ouders, een man die zijn partner vindt na zelfdoding of een vrouw die seksueel is misbruikt. Als vrijwilliger bij Slachtofferhulp hoort Ceciel Seinhorst (80) veel narigheid. „Maar ik lig er niet wakker van.”
Leuk kun je haar werk niet noemen, vindt ze. „Maar op de een of andere manier vind ik het bijzonder om met mensen over ernstige gebeurtenissen te praten”, zegt Ceciel, aan tafel in haar huis in Emmen. Ze denkt even na. „Misschien komt dat doordat ik van huis uit verpleegkundige ben. Toen heb ik ook van alles gezien. Het is dankbaar werk om iets voor mensen te betekenen die iets verschrikkelijks meemaken.”
Ceciel is een van de 700 vrijwilligers bij Slachtofferhulp. Nadat mensen iets ingrijpends meemaken, is ze vaak een van de eersten aan wie slachtoffers hun verhaal doen. Meldingen komen binnen via de politie of van mensen die zelf contact opnemen met Slachtofferhulp. Als het nodig is, gaat Ceciel bij slachtoffers thuis langs.
Luisteren en praktische tips
„Het is fijn voor ze om er met mij over te praten. Ik sta verder weg dan familie. Als een kind iets meemaakt, wil het zijn vader of moeder niet boos of verdrietig maken. Andersom geldt dat ook. Ik zit er niet om te oordelen, ik luister.”
Behalve een luisterend oor, geeft ze praktische tips zoals over het invullen van een schadeformulier of het doen van aangifte. Soms verwijst ze door naar een huisarts of juridisch loket. Ook gaat ze wel eens mee naar het politiebureau of zit ze bij een rechtszaak.
Ceciel doet het vrijwilligerswerk nu vijftien jaar. Na haar pensioen wil ze niet alleen maar thuis zitten. Ze solliciteert bij Slachtofferhulp en kan na een intensieve training aan de slag. Eerst in Emmen, op een kantoor bij het politiebureau, tegenwoordig vanuit huis of op locatie in Beilen.
Ceciel Seinhorst uit Emmen is vrijwilliger bij Slachtofferhulp. Foto: Boudewijn Benting
De bedoeling is één dag per week, maar in de praktijk is het vaak 20 uur. Met sommige slachtoffers spreekt ze een of twee keer, in andere gevallen is er maandenlang contact.
Zelfdoding, mishandeling of misbruik
Ze ondersteunt nabestaanden en slachtoffers die te maken hebben gehad met onder meer zelfdoding, mishandeling of misbruik. Ook deed ze een speciale training om slachtoffers van zedenmisdrijven te begeleiden. Die zaken zijn heel ingrijpend, vertelt ze. „Je hoort verhalen van slachtoffers waarbij ook vaak familie of bekenden betrokken zijn.”
Bepaalde gesprekken vergeet ze nooit weer. Zoals waarin een jonge vrouw vertelt dat ze seksueel misbruikt is. „En dan blijkt dat haar moeder, die ook bij het gesprek zit, ook misbruikt is. Dat is heel heftig”, vindt Ceciel.
Twee geamputeerde benen
De verhalen die ze hoort raken haar diep. Toch kan ze daar goed mee omgaan. „Ik verwerk het als ik in de auto naar huis rijd. Dan laat ik het los. Hoewel ik het nog niet nodig heb gehad, kan ik over iets ingrijpends ook met collega’s of de teamleider praten.”
Als oud-verpleegkundige weet ze hoe ze met ernstige zaken om moet gaan. Ze herinnert zich een moment. Als 18-jarige verpleegkundige in opleiding loopt ze stage in het ziekenhuis en moet ze een man wassen. Maar zodra ze de deken openslaat, schrikt ze zich rot.
„Hij had twee geamputeerde benen en deed zijn stompen omhoog. Ik dacht dat ik een hartverzakking kreeg”, blikt ze terug. Als ze die dag het ziekenhuis uitloopt, besluit ze de nare ervaring niet mee naar huis te nemen. „Dat heb ik daarna nooit gedaan. Ik denk er wel eens over na, maar ik lig er niet wakker van.”
Lintje ‘totaal onverwachts’
Onlangs kreeg ze een lintje voor haar inzet. Op tafel in haar woonkamer prijkt een foto van dat moment, van haar en Eric van Oosterhout, de burgemeester van Emmen. Ze kijkt er trots naar. „Totaal onverwachts. Ik kon het haast niet bevatten. Die hele week was ik van slag. In positieve zin.”
Door haar vrijwilligerswerk kijkt ze anders naar het leven. „Ik heb minder snel een oordeel over mensen. Daders kunnen ook slachtoffers zijn. Bovendien kan iedereen iets ergs overkomen. Ik kom mensen tegen uit alle lagen van de samenleving. Dat is het mooie aan dit werk.”
Zachte Krachten
In Zachte Krachten komen mensen aan het woord die de wereld mooier maken, zonder winstbejag. U kunt iemand aandragen via marijke.brouwer@dvhn.nl en wie weet vindt u uw kandidaat terug in deze serie.