Het kerkasiel van de familie Babayants duurt inmiddels zo'n zeven maanden. Foto: Frans Paalman
Het nieuws over de strenge asielwet slaat in als een bom bij de gevluchte familie Babayants uit Emmen. „Een veilige haven is Nederland voor hen niet meer”, zegt hun woordvoerder Herman Stomphorst.
„Dit komt hard binnen bij de familie Babayants. Heel hard”, reageert Stomphorst. „Dat zij strafbaar zijn door hier te zijn, is heftig voor ze om te horen. ”
De familie Babayants vluchtte elf jaar geleden uit Oezbekistan. Het gezin, met vier kinderen, woonde acht jaar in het asielzoekerscentrum in Emmen. De aanvraag voor een verblijfsstatus is afgewezen en de Babayants’ moeten volgens de IND terug naar Oezbekistan.
In een poging dit te voorkomen heeft kerkgemeente Open Hof in Kampen de familie kerkasiel geboden. Door de dienst continu -24 uur per dag, 7 dagen in de week - door te laten gaan, mag de overheid het gezin niet uit de kerk halen. De dienst is sinds november aan de gang en gaat nog steeds door.
Nieuwe klap
De familie - vader Aleksander, moeder Karina en de kinderen Aram, Ariana, Amelia en Aleksa - volgde het nieuws op televisie. Eerst was hun hoop gevestigd op een amendement over gewortelde kinderen, maar dit haalde het niet. Dat de Tweede Kamer donderdag nieuwe asielwetten heeft aangenomen is een nieuwe klap.
Een van de aangenomen asielwetten is de asielnoodmaatregelenwet, die regelt dat asielzoekers alleen nog maar een tijdelijke verblijfsvergunning kunnen krijgen van drie in plaats van vijf jaar. Permanente verblijfsvergunningen worden niet meer verstrekt. Een heikel punt in de wet is de plotselinge toevoeging deze week, op initiatief van de PVV, dat illegaliteit strafbaar is.
Vluchtelingen die illegaal in Nederland zijn, kunnen hierdoor worden vervolgd. Dat geldt ook voor organisaties die hen helpen.
„Dit is een inktzwarte dag in de Nederlandse geschiedenis”, zegt Stomphorst. „Voor ons als vrijwilligers is dit niet eens het ergste. Wíj hebben de keus of we dit wel of niet doen. Maar voor de vluchtelingen is dit heel erg. In negen van de tien gevallen voelen zij dat ze geen keus hebben.”
Herman Stomphorst, woordvoerder van de familie Babayants uit Emmen. Eigen foto
‘Familie is aangeslagen’
Hij omschrijft het gevoel van de familie als ‘aangeslagen’. „Het komt erop neer dat zij zelf, als mens, illegaal worden verklaard, terwijl ze niets hebben gedaan. Ze zijn alleen gevlucht naar Nederland. Vluchten voor je veiligheid is dus een strafbaar feit.”
Of de familie Nederland nog wel als veilige haven ziet? „Nee”, klinkt het resoluut. „Het gevoel van veilige haven wás al weg. Deze familie is al ondergronds, in de kerk. Nederland was al geen veilige plek voor hen. Vanuit die nood hebben ze aangeklopt bij de kerk.”
De situatie duurt ondertussen zeven maanden. „Ze blijven koesteren dat ze zich in de kerk veilig voelen, omringd door vrijwilligers. Dat geeft ze in dit gure, politiek klimaat warmte en steun. Maar dit duurt natuurlijk veel te lang.”
‘Mentaal sterke familie’
De Babayants’ begeven zich niet op straat, want daar kunnen ze worden opgepakt. Wel scheppen ze geregeld een luchtje in het tuintje dat de kerkgemeente heeft aangelegd.
Volgens Stomphorst houden ze het vol dankzij de vrijwilligers en anderen die af en toe iets voor ze organiseren, zoals een feestje of een concertje. „Dat zijn de momenten waar ze heel erg van genieten. Verder is het mentaal een heel sterke familie. Als de één het even moeilijk heeft, helpt de ander hem erdoorheen.”
De familie en Stomphorst hebben de hoop gevestigd op de Eerste Kamer, waar de wet nog doorheen moet.
„En op de verkiezingen in het najaar. Ik denk dat veel kiezers vorige keer niet hebben beseft dat hun partij zo zou kiezen. Wat er nu gebeurt, is een aanval op de medemenselijkheid en mensenrechten. Veel vluchtelingen kunnen niet terug, wij laten hen jarenlang in afwachting en vervolgens zeggen we als kers op de taart: jullie zijn strafbaar. Ik hoop echt dat Nederland bij de komende verkiezingen kiest voor medemenselijkheid.”
‘Wij gaan door, ook als we daarvoor kunnen worden opgepakt’
Stomphorst en de zijnen gaan sowieso door met hun hulp. „Ik zie bij de vrijwilligers een enorme vastberadenheid. Wij gaan door, ook als we daarvoor kunnen worden opgepakt.”