Janna Moespot-van der Linde neemt Attractiepark Drouwenerzand over van haar vader. Foto: Marcel Jurian de Jong
Negen jaar was ze toen haar vader de speeltuin in Drouwenerzand kocht, die hij ombouwde tot attractiepark. Nu neemt Janna Moespot-van der Linde (39) het stokje over. Mét haar man Kevin, die ze leerde kennen op het park.
Je zou denken dat een meisje van 9 een gat in de lucht springt als haar vader aankondigt dat hij een speeltuin heeft gekocht om te runnen. En dat het hele gezin gaat verkassen naar een huis daar vlakbij.
Maar niets is minder waar. Janna huilde tranen met tuiten. Verhuizen? Ze moest er niet aan denken. Ze had helemaal geen zin om afscheid te nemen van haar vriendinnetjes en haar vertrouwde omgeving in Groningen.
„Het is uiteindelijk wel goed gekomen, hoor. Maar in die speeltuin speelde ik niet vaak. Hij was helemaal niet zo bijzonder. En het voelde ook niet alsof ie van mij was of zo. Je hoefde in die tijd nog geen entree te betalen en iedereen kon er dus gewoon heen.”
Broertje overleden
Twee jaar na de verhuizing, in 1996, voltrok zich in de buurt van de speeltuin een groot drama. Janna’s jongere broertje Gert Jan werd op zijn fiets geschept door een auto en overleed. Het heeft een enorme impact gehad op het gezin. „Nog altijd denken we vaak aan hem. Hoe zou het geweest zijn als hij nog leefde? Misschien had hij het park wel willen overnemen. Wie weet zouden wij dat samen hebben gedaan.”
Een speeltuin is Drouwenerzand, in 1956 opgericht door bakker Hendrik Buntjer, allang niet meer. Vader Bert besloot in 2002 het roer om te gooien en er een attractiepark met kermistoestellen van te maken. Hij introduceerde de all-inclusive formule: voor een vaste prijs naar binnen en onbeperkt patat en frikadellen eten.
Het bleek een schot in de roos. De bezoekersaantallen schoten omhoog, van 93.700 in 2002 naar 286.207 vorig jaar. Twee jaar geleden werd zelfs de 300.000 aangetikt. „Het is enorm gegroeid. In het begin waren we soms maar met drie man personeel in het park. Nu staan we er met wel veertig in het hoogseizoen. We hebben, inclusief het vakantiepark, zo’n 120 medewerkers, van wie 25 vast.”
Feestavonden
Janna hielp vanaf haar twaalfde mee. „Mijn vader organiseerde feestavonden, met artiesten en buffetten. Circus Feesterij heette dat. Hij had er letterlijk een piste voor gemaakt, waar muzikanten uit de regio optraden. Ik ruimde de borden af en hielp na afloop alles weer klaar te zetten voor de volgende dag.”
Later bediende ze ook de kermisattracties. Haar favoriet was de zogeheten Disney Airport, waarbij kinderen met een hendel kunnen bepalen hoe ver ze de lucht in gaan. „Die attractie is vooral voor kleine kinderen. Als je daarbij staat en ziet hoe blij zij zijn... Ja, dat vond ik echt leuk.”
De Disney Airport van weleer, de favoriete attractie van Janna Moespot-van der Linde. Eigen foto
Toch was het geen uitgemaakte zaak dat Janna het park zou overnemen en ‘de nieuwe baas van het pretpark zou worden’. „Ik wist niet wat ik wilde. Dat vind ik nog steeds lastig: wat ga je met de rest van je leven doen? Toerisme trok mij wel, maar op mijn veertiende dacht ik meer aan werken op een cruiseschip. Lekker rondreizen.”
Klachten Ikea
Ze ging de hbo-opleiding toeristisch management in Groningen doen, maar belandde niet op een cruiseschip. Wel bij een indoor speeltuin in Stadskanaal en daarna bij Ikea, op de klachtenafdeling. Was er iets mis met een levering, dan moest zij het oplossen.
Zoals de beruchte ontbrekende schroef van een stapelbed of Billy-boekenkast? „Nee, dat vond ik niet zo spannend. Ik deed graag de keukenklachten. Dan krijg je echt situaties waarbij mensen de keuken op de kop hebben staan en het gat voor de spoelbak bijvoorbeeld op de verkeerde plek zit.”
Toen haar vader vroeg of ze bij hem wilde komen werken, besloot ze dat te doen. Ze stortte zich op de personeelszaken. Zo’n afdeling was er nog niet. „Als iemand bij mijn vader langs kwam voor een baan, zei mijn vader: ,Draai maar een proefdag mee.’ Ging dat goed, dan werd ie aangenomen. Toen het steeds drukker werd, moest dat anders. En zo kreeg mijn vader ook meer tijd voor andere dingen.”
Attractiepark De Waarbeek
Jarenlang werkte Janna er ook als directieassistente. Tot zij en Kevin zes jaar geleden de vraag kregen of ze pretpark De Waarbeek in Hengelo wilden overnemen. Ze kenden de eigenaar. Ze twijfelden. „We hebben samen vijf kinderen, van wie de jongste toen 2 jaar was. Zou het niet te druk worden?”
Ze deden het toch. De Waarbeek was verouderd en hier konden ze hun eigen stempel op drukken. „Mijn vader zegt altijd: Het is makkelijker een niet goed lopend bedrijf te kopen en dat tot een succes te maken, dan een goed draaiende onderneming over te nemen en dat succesvol te houden. En dat is denk ik ook zo. Wat dat betreft voel ik de druk wel. Drouwenerzand is zo mooi geworden. En zo groot. We willen het goed doen. Voor de bezoekers, de medewerkers en mijn vader.”
Wildwaterbaan
Hoe ze dat gaan doen? De grootste wens is een wildwaterbaan. Het idee is om die over drie à vier jaar te openen, op een parkeerplaats aan de achterkant van het park. Ook willen de twee het park fraaier ‘aankleden’. „Meer thematisering. Een mooie façade aan de voorkant, bijvoorbeeld. En bomen in de zaal in plaats van alleen maar steen.” Verder hopen Janna en Kevin dat het vakantiepark, met huisjes van particulieren, kan worden opgeknapt.
De achtbaan van 300 meter lang die vader Bert al zo’n beetje had aangeschaft, hebben ze afgezegd. Ze durven die investering nog niet aan.
De all-inclusive formule blijft volgens Janna, althans zolang die financieel uit kan. Ze hebben het concept ook ingevoerd in De Waarbeek, wat het bezoekersaantal uiteindelijk - los van de moeilijke coronajaren - flink heeft opgestuwd: van 60.000 per jaar bij de overname naar 150.000 nu.
Eigenwijs
Een goede vondst van paps dus. „Absoluut. En hij heeft meer goede adviezen. Hij zei ook dat we beter met het pannenkoekenhuis in De Waarbeek konden stoppen. Dat het nooit uit kon. Wij waren eigenwijs, maar na een jaar moesten we hem toch gelijk geven.”
Met Drouwenerzand hopen ze qua bezoekersaantallen de komende jaren rond de 300.000 uit te komen en meer publiek in het voor- en naseizoen te trekken.
„In het hoogseizoen is het al zo druk. Het moet wel leuk blijven. Misschien gaan we wel een nieuw evenement organiseren, zoals hier al jarenlang Halloween wordt gehouden. Dat blijft absoluut. Kevin en ik hebben elkaar zo leren kennen. Hij kwam hier naartoe om de spookhuizen te bouwen. Wij moesten dus samenwerken en van het één kwam het ander. En dat we dit nu samen overnemen... Het mag dan niet mijn meisjesdroom zijn geweest, maar ik vind het wel heel gaaf dat we dit mogen doen!”
Per 1 januari is de overname een feit. Nu al zijn de twee veel op het park te vinden en vader steeds minder. „Hij heeft de knop nu wel omgezet. Ik denk niet dat hij hier straks veel rond gaat lopen. Maar ik heb hem wel gevraagd of ik hem mag bellen als we iemand te kort komen. Of hij dan even in een pauze bij een attractie kan zitten. En daar heeft hij ja op gezegd.”