Leonie, Veronique en Loïs willen de Drentse gemeentepolitiek in: ‘De gemeente moet beter luisteren’
Laura Popken, Henriëtte Meppelink en Annemiek MeijerAssen
Loïs Boer kan zich geen beter verjaardagscadeau wensen dan een raadszetel in Westerveld. Foto: Marcel Jurian de Jong
De één heeft al wat ervaring, de ander komt net kijken, maar Leonie Woudstra (22), Veronique Roerink (37) en Loïs Boer (29) willen alle drie hun steentje bijdragen in de Drentse gemeentepolitiek. Waarom eigenlijk? ‘De raad moet een afspiegeling zijn van álle inwoners.’
Leonie Woudstra (22) Woonplaats: Assen Beroep: docent Duits op een middelbare school Partij: Assen Centraal
Leonie Woudstra: 'De raad moet een afspiegeling van Assen zijn, waarin alle doelgroepen en culturen vertegenwoordigd zijn.' Foto: Marcel Jurian de Jong
Leonie Woudstra weet precies waarom ze raadslid wil worden. Ze heeft er goed over nagedacht. „Het interesseert me heel erg wat er in Assen gebeurt. Ik vind het interessant om debatten te volgen en te zien hoe beslissingen tot stand komen.”
De stap naar de lokale politiek is een sprong in het diepe. Politieke ervaring heeft ze namelijk nog niet. Wel bestuurservaring bij de studentenzeilvereniging Mayday in Groningen. Ze was hier voorzitter van haar dispuut, dat uit zo’n 72 vrouwen bestond. „In die rol moest ik nadenken over oplossingen, maar ook samenwerken en verantwoordelijkheid nemen. En natuurlijk beleid opstellen.”
‘Assen mag meer bruisen’
Ondanks haar geringe ervaring staat ze voor de lokale partij Assen Centraal op plek drie op de kieslijst. Een hoge positie voor een jonge politieke nieuwkomer.
„Ik heb aangegeven dat ik de ambitie heb om de partij te vertegenwoordigen”, zegt Woudstra. „Bovendien bestaat de fractie nu uit een wat oudere lichting, die het belangrijk vindt om te verjongen. Maar uiteindelijk was het aan de kiescommissie om mijn plek op de lijst te bepalen. Ik ben blij met het vertrouwen dat de partij in mij heeft.”
Woudstra is ervan overtuigd dat haar jonge leeftijd een voordeel kan zijn. „Ik heb veel contact met leeftijdsgenoten. Ik hoor dus waar zij tegenaan lopen. Ze vinden bijvoorbeeld dat Assen wat meer mag bruisen. Er moet meer te doen zijn voor jongeren. Je wil liever niet dat ze naar een andere stad trekken.”
Ook door haar werk als docent blijft ze op de hoogte van wat er speelt. „Veel pubers maken zich zorgen over hun mentale gezondheid en hun telefoongebruik.”
Kansengelijkheid en veiligheid
Mocht ze op 18 maart genoeg stemmen krijgen voor een raadszetel, dan hoopt ze zich te kunnen richten op de sociale kant van de politiek. „Ik vind kansengelijkheid heel belangrijk. Iedereen moet dezelfde kansen krijgen en daarin niet worden belemmerd door bijvoorbeeld armoede.”
Ook het aanpakken van laaggeletterdheid en onveiligheid op straat staan op haar prioriteitenlijstje. „Je ziet dat er meer aandacht is voor de veiligheid van vrouwen, zodat ze veilig over straat kunnen. Het zou mooi zijn als Assen hierin voorop kan lopen.”
Afspiegeling
Bovenal hoopt Woudstra dat ze kan bijdragen aan meer diversiteit in de gemeenteraad. „Meer vrouwen in de raad vind ik belangrijk, maar de kwaliteiten die een persoon meebrengt staan voorop. De raad moet vooral een afspiegeling van Assen zijn, waarin alle doelgroepen en culturen vertegenwoordigd zijn. De beslissingen die je neemt, gaan immers over de Assenaren.”
Daarom moeten alle inwoners zich in de gemeente op hun plek voelen, vindt ze. „De ouderen, jongeren en iedereen daartussenin. Vooral jongeren wil je in de stad houden; zij zijn de toekomst.”
Veronique Roerink: 'Als raadslid leer je de politiek pas goed kennen.' Foto: Marcel Jurian de Jong
Veronique Roerink heeft al wat meters gemaakt in de lokale politiek. Dat ze voor deze verkiezingen lijsttrekker zou worden, had de dertiger niet zien aankomen. „Ik zag mezelf wel weer op nummer twee op de lijst, zoals vier jaar geleden. Maar het liep anders (fractieleider Arjan van Gelderen vertrok, red.) en toen werd ik gevraagd. Ik dacht: dan neem ik ook mijn verantwoordelijkheid.”
Een brede grijns. „Is het spannend? Ja. Is het leuk? Dat ook. Is het de laatste tijd dynamisch geweest? Jazeker”, zegt ze, doelend op het vertrek van Van Gelderen. „Er is in korte tijd veel op me afgekomen, maar dat is de beste leerschool.”
Toeval
Ze komt niet uit een politiek nest. Haar politieke interesse wordt gewekt tijdens haar rechtenstudie in Groningen. „Eigenlijk per toeval. Via medestudenten kwam ik in aanraking met de JOVD en werd ik uitgenodigd voor bijeenkomsten. Politiek was tot dan toe iets op afstand, maar op die avonden gingen we zelf in gesprek over maatschappelijke thema’s.”
Ze rijdt op dat moment naast haar studie fulltime paard. „Heel leuk, maar ook wat eentonig. Ik vond het daarom leuk om verder te kijken.”
Eenmaal afgestudeerd, gaat Roerink in de dressuurstal van haar ouders in de buurtschap Klatering aan de slag, waar ze nu mede-eigenaar van is. Als ze via de gemeente kan deelnemen aan de cursus ‘Politiek Actief’ hapt ze toe. „Mijn werk is prachtig, maar ook individualistisch. Ik wil iets ernaast doen wat maatschappelijk bijdraagt.”
Zelf meemaken
Ze meldt zich na de cursus bij de VVD-fractie in Midden-Drenthe. In 2022 wordt ze raadslid. „Dan leer je de politiek pas goed kennen, want ook al ben je geïnteresseerd, het zelf meemaken is echt iets anders. Er komt veel tactiek bij kijken.”
Dat je, als je iets wilt bereiken, altijd een politieke meerderheid nodig hebt, is een belangrijke les. „Je kunt wel iets vinden, maar alleen samen met andere partijen kun je dingen voor elkaar krijgen. Daar komt veel overleg bij kijken. As het dan lukt om bijvoorbeeld gezamenlijk een motie erdoor te krijgen, is dat een euforisch moment.”
Wespennest
Midden-Drenthe heeft politiek gezien een roerige periode achter de rug. „De toon van vergaderingen is soms ruzieachtig. Er spelen best spannende thema’s en dan is het jammer dat het zo gaat. Ik heb wel eens gedacht: in wat voor wespennest ben ik nu terechtgekomen?”
Wat in Midden-Drenthe ook beter kan, is de communicatie richting de inwoners, vindt ze. „Zij worden soms te weinig meegenomen in gemeentelijke plannen. Verder moet de gemeente eens opschieten met het ontwikkelen van bedrijventerreinen, om ondernemers in Midden-Drenthe te houden.”
Loïs Boer: 'Als je opgroeit in een dorp waar je je thuis voelt, moet je daar ook kunnen blijven wonen.' Foto: Marcel Jurian de Jong
Loïs Boer kan zich geen beter verjaardagscadeau wensen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart: een plek in de raad van Westerveld. Ze staat op plek zes voor DSW/Gemeentebelangen Westerveld, een club die zich, volgens haar, vanuit een lokaal onafhankelijk hart inzet voor de leefbaarheid van alle dorpskernen.
Bekende familienaam
In Dwingeloo kennen ze haar, maar vooral haar achternaam. „Een grote familie kan in dit geval goed van pas komen." Boer is geboren en getogen in Eemster en woont daar met haar gezin in een voormalige boerderij. Dagelijks ziet ze hoe sterk de dorpskracht er is. „Vrijwilligers, verenigingen, initiatieven: dat is wat onze dorpen sterk maakt. Er wordt zoveel in Dwingeloo georganiseerd met hulp van heel veel vrijwilligers, dat moeten we koesteren en ondersteunen.”
In haar werk als communicatiemedewerker op de griffie van de gemeenteraad van Hoogeveen ziet ze van dichtbij hoe besluitvorming werkt. „Ik merk dat veel inwoners best willen meedenken, maar soms afhaken omdat de taal en processen ingewikkeld zijn. Daar wil ik iets in betekenen. De gemeente moet duidelijker communiceren en beter luisteren.”
Woningen voor jongeren
Een belangrijk punt voor Boer is woningen voor jongeren en starters. „Als je opgroeit in een dorp waar je je thuis voelt, moet je daar ook kunnen blijven wonen. Ik weet dat een deel van de jongeren nu verhuist omdat er geen plek is. Dat móet anders.”
Volgens de twintiger past DSW/Gemeentebelangen bij haar omdat de partij zich volledig richt op wat goed is voor de gemeente, zonder landelijke agenda. „Besluiten moeten passen bij onze dorpen en inwoners. Niet bij Den Haag.”
Gewone taal
Ze hoopt, al is het cliché, als raadslid een brug te slaan tussen inwoners en politiek. „Ik kan het vakjargon vertalen naar gewone taal en laten zien dat raadsleden ook maar gewone mensen zijn.”
Met de kennis die ze heeft, wil ze het verschil maken en een frisse wind zijn. „De raad moet een afspiegeling zijn van álle inwoners van de gemeente; jong en oud, met al hun verschillende normen en waarden. Meer jongeren betrekken bij en enthousiasmeren voor de lokale politiek zou ik geweldig vinden.”
Naast haar werk en gezin maakt Boer bewust ruimte voor het raadswerk. „Juist omdat ik hier woon, mijn kinderen hier opgroeien en ik zie wat deze gemeente bijzonder maakt, wil ik me inzetten om dat te behouden.” Met steun van haar partner wil ze bijdragen aan de gemeenschap. „Ik wil een goed voorbeeld zijn voor mijn kinderen.”