Verkeerspark Assen 17 juli 1980. Foto: Sake Elzinga
Asser fotograaf Sake Elzinga is er financieel bijna aan ten onder gegaan: maar het boek De Zilvermijnen van Drenthe is er. Hij doneert zijn Drentse (nieuws)foto’s aan het Drents Archief en van de jaren 1980 tot en met 1990 is nu een samenvattend boek gemaakt.
,,Het heeft me bijna de kop gekost’’, zegt Elzinga vanuit de auto met een lach, maar tegelijkertijd serieus. Hij komt net van een opdrachtfoto in Winsum, en hij is opgelucht dat hij dit soort opdrachten weer kan doen. Het geld is hard nodig.
De afgelopen maanden zat Elzinga in zijn huis en werkte hij bloedfanatiek aan het digitaliseren van zijn hele archief van veertig jaar werk. De foto’s die in Drenthe zijn gemaakt, doneert hij aan het Drents Archief.
Dat doet hij niet zomaar, er ging een hele heftige periode in zijn leven aan vooraf. ,,Ik raakte in korte tijd mijn hele familie kwijt, behalve mijn dochter en neefje. Toen dacht ik: wat ik waardevol vind moet ik goed achterlaten.’’ Ik werd ook nog eens zestig, dus ik kreeg het idee om mijn foto’s te digitaliseren omdat ik veertig jaar in het vak zit.
Tegelijkertijd zag hij ook het gebrek aan rechtenvrije foto’s bij het Drents Archief. ,,Ik zag in het archief zulke goudmijnen aan fotohistorisch materiaal, alleen kon niemand er iets mee omdat de fotografen de rechten nog hebben. Ik vind het belangrijk dat iedereen de historie kan zien. Mijn foto’s kun je online bekijken en vrij gebruiken.’’ De naam ‘zilvermijnen’ komt overigens van de techniek met zilvernitraat, zoals foto’s vroeger werden ontwikkeld.
Maar het project om zijn archieffoto’s te doneren bleek veel meer werk dan gedacht. Hij heeft al duizenden foto’s ingescand en van data voorzien, en toch is hij nog maar tot en met het jaar 1990 gekomen. ,,Dat komt omdat ik ze ook moest dateren, en daar ben ik toen ik net begon in de fotografie slordig mee geweest. Dat moet ik nakijken in agenda’s en dat kost veel tijd.’’ Hij kreeg subsidie, maar dat bleek bij lange na niet genoeg. ,,Ik moest wel weer ander werk gaan doen, anders kon ik mijn faillissement aanvragen.’’
Het hele proces had hij emotioneel ook nogal wat te verstouwen. Hij kwam onder meer oude foto’s tegen van zijn pas overleden zus. Dat is ook een reden voor hem om héél veel foto’s te publiceren in het boek. ,,In het boek staan 280 hoofdfoto’s, maar op de bladzijde ernaast staan ook foto’s die op de rest van het rolletje stonden. Dat zijn er meer dan 1000. Zo zullen heel veel mensen iemand van wie ze houden herkennen op de foto. Toen het boek uitkwam was er direct al iemand met tranen in zijn ogen: die herkende zijn overleden vader op de foto en wist niet dat deze foto bestond.’’
Maar ook vrolijke herinneringen worden opgehaald in het boek. Zo fotografeerde hij een groep kinderen met Ronald Koeman in de jaren tachtig. ,,Dat moeten nu mensen van halverwege de veertig zijn, die niet weten dat deze foto bestaat en nu zien dat ze met de bondscoach op de foto staan.’’
Het boek is er eerder dan de donatie aan het Drents Archief, de overdracht van zijn foto’s is ergens volgend jaar. ,,En daarna moet ik de moed verzamelen om 1991 tot en met nu te digitaliseren. Ik heb even een pauze nodig.’’