Schrijver, onderzoeker en reiziger Redmond O'Hanlon is een van de bruikleengevers van de tentoonstelling 'Microkosmos'.
Foto: Drents Museum /Sake Elzinga
De tentoonstelling waarmee algemeen directeur Harry Tupan afscheid neemt van het Drents Museum is een overweldigende ode aan het verzamelen. Wie ‘Microkosmos’ bezoekt, komt ogen tekort.
Bij de een begint het met stenen en botten. Bij de ander met schelpen en beeldjes. Bij Redmond O’Hanlon begon het verzamelen met een eenvoudig ei. De van oorsprong Britse schrijver, reiziger en onderzoeker, inmiddels 78 jaar en woonachtig bij Koekange, weet het nog precies.
,,Het lag ineens voor mijn voeten”, vertelt hij. ,,Ik dacht dat het een teken van God was. Maar toen ik omhoogkeek, zag ik een lijster bezig met het opruimen van een nest. Ik heb het ei nooit weggedaan. Daar is het voor mij begonnen.”
Sinds deze week ligt het lijsterei van O’Hanlon in een vitrine in het Drents Museum. De schaal is stuk, mogelijk door de val uit het nest, mogelijk doordat in het nest een nieuwe vogel uit het ei is gekropen. O’Hanlon weet het niet, wat alle ruimte geeft voor interpretaties.
Foetus op sterk water (1950 - 1975) uit de collectie van Midas Dekkers. Foto: Drents Museum/Sake Elzinga
Samen met boeken over vogels, potten en doosjes waarin raadselachtige voorwerpen worden bewaard – zoals een schedel van een brulaap en een zeedier dat slijmprik wordt genoemd – is er ook een kleed uit Borneo, een aantekenboekje en iets wat op een rieten rokje lijkt. Al deze door O’Hanlon verzamelde spullen maken deel uit van de tentoonstelling Microkosmos – De wereld in een Wunderkammer.
Tandenstokervisje in de urinebuis
En bij elk object hoort een verhaal. Zo ook bij een buisje waarin een tandenstokervisje uit het Amazonegebied opgesloten zit. ,,Als je als man in een rivier stond te plassen, kon dat visje zomaar je urinebuis binnen zwemmen en zich met zijn tentakels vastdraaien.” O’Hanlon vertelt het met sardonisch genoegen.
Microkosmos is samengesteld als afscheid van algemeen directeur Harry Tupan. Die als jongen in Hoogeveen begon met het verzamelen van stenen, botten en pijpenkoppen en in 1980 – 45 jaar geleden – in dienst trad van een naar binnen gekeerd museum in Assen. Tegenwoordig toont het Drents Museum een blik op de wereld en biedt het de wereld een blik op Drenthe.
De perskaart en het paspoort van schrijver en reisprogrammamaker Boudewijn Büch. Foto: Drents Museum/Sake Elzinga
Zo’n driehonderd objecten omvat de tentoonstelling. Ze zijn afkomstig uit vijftig verzamelingen van musea, galeriehouders, kunsthandelaren en particulieren. Om een paar namen te noemen: naast O’Hanlon leenden ook acteur Ramsey Nasr, bioloog Midas Dekker en tatoeëerder Henk Schiffmacher door hen verzamelde objecten uit.
Dankzij het Teylers Museum in Haarlem worden voorwerpen getoond die door schrijver en televisiepersoonlijkheid Boudewijn Büch (1948–2002) bijeen zijn gebracht. ‘Topstuk’ uit diens rariteitenkabinet is het botje van een dodo, de tragisch uitgestorven vogel die niet kon vliegen. Büch had het cadeau gekregen en was er dolgelukkig mee. Later bleek het van een schildpad te zijn.
Mechanische beer voor de missie
Voorts zijn er bruiklenen afkomstig van het Missiemuseum in Steyl, Limburg. Wat aanvankelijk was bedoeld om missionarissen voor te bereiden op wat zij in de tropen tegen konden komen, blijkt een fascinerende collectie mineralen, archeologische vondsten, etnografica en opgezette dieren. Zoals een deels mechanische beer waarmee geld werd ingezameld voor de missie.
Artificialia: Italiaans Memento mori uit de achttiende eeuw. Foto: Drents Museum/Sake Elzinga
Microkosmos is een overweldigende ode aan het verzamelen, de bezigheid waar musea hun bestaan aan danken. Het Drents Museum verzamelt sinds 1854 – het is een van de oudste musea in Nederland. Het tentoonstellen gebeurde aanvankelijk in een kast. Inmiddels telt de collectie meer dan 90.000 objecten.
Wie verzamelt, moet orde scheppen. Om die reden is Microkosmos gestructureerd middels vier categorieën die in de zestiende en zeventiende eeuw al werden aangetroffen in de Wunderkammer van de Duitse adel: naturalia (natuurlijke schoonheid), exotica (het wonderlijke en mysterieuze), scientifica (wetenschappelijkheid) en artificialia (verbeeldingskracht).
Snuifdoos of schildpad
Met name in laatstgenoemde categorie wordt alles met alles verbonden. Ze bestaat uit door mensen gemaakte voorwerpen, geïnspireerd op wat in de natuur kan worden aangetroffen: een wandelstok bekleed met de huid van een rog, een beker gemaakt van een met zilver beklede kokosnoot, een snuifdoos in de vorm van een schildpad. De verbeelding kent geen grenzen.
Exotica: Opgezette Siamese eendjes (2020) uit de collectie van Midas Dekkers. Foto: Drents Museum/Sake Elzinga
En alsof dat niet genoeg is, omvat de tentoonstelling ook nog eens hedendaagse objecten waarmee de geschiedenis op de staart wordt getrapt. Van Clary Mastenbroek is een kamerscherm uit 2024 te zien, getiteld Wunderkammer. Nog veelzeggender: van Deborah Poyton is er een olieverfschilderij, Heart’s Ease uit 2024, waarin een skelet wordt overwoekerd door nieuw leven en bloeiende planten.
De boodschap die wordt afgegeven spreekt boekdelen. Harry Tupan eindigt zoals hij begon – met verwondering en verzamelen.
De tentoonstelling ‘Microkosmos – De wereld in een Wunderkammer’ is tot en met 1 maart te zien in het Drents Museum in Assen. Voor speciale publieksactiviteiten zie ook drentsmuseum.nl. Het gelijknamige boek bij de tentoonstelling is een uitgave van WBooks en kost 39,95 euro.