Kort na de roof uit het Louvre sloot de politie in Parijs zondag de omgeving van het museum af. Foto: EPA/Mohammed Badra
Een museumroof kan de besten overkomen, maar de manier van reageren verschilt per land. In Frankrijk wordt de juwelendiefstal uit het Louvre gezien als een ‘nationaal falen’.
Volgens de Franse minister van Binnenlandse Zaken, Gérald Darmanin, heeft de roof van zondag het imago van Frankrijk geschaad, omdat het land blijkbaar niet in staat is topstukken voldoende te beveiligen. De juwelen werden bewaard in glazen vitrines.
„Het is duidelijk dat we hebben gefaald,” reageerde Darmanin volgens het ANP in een radio-interview. „Dat mensen midden in Parijs een goederenlift konden parkeren, naar boven konden gaan en binnen een paar minuten onbetaalbare juwelen konden pakken, geeft Frankrijk een vreselijk imago.”
‘Met ontzetting’
Zijn reactie staat in schril contrast met hoe begin dit jaar in Den Haag werd gereageerd op de roof uit het Drents Museum. Minister Eppo Bruins liet destijds weten ‘met ontzetting’ kennis te hebben genomen van de gebeurtenissen in Assen waarbij een vuurwerkbom werd gebruikt om binnen te komen.
Ook kondigde Bruins aan dat ‘Nederland al het mogelijke zal doen om de objecten terug te vinden en de daders op te sporen en te straffen.’ Dat is tot op heden niet gelukt. In Assen werd door dieven uitgeleend Roemeens nationaal erfgoed buitgemaakt: de gouden helm van Coțofenești en drie Dacische armbanden.
De Roemeense regering reageerde daarentegen fel en kritisch. Premier Marcel Ciolacu noemde de roof ‘een ongekende schande’ en eiste een schadevergoeding van Nederland. Minister van Cultuur Natalia Intotero was er snel bij om de bruikleenovereenkomst met het Drents Museum onzorgvuldig te noemen. Ook werd Ernest Oberländer-Târnoveanu, directeur van het betrokken Roemeense Nationaal Historisch Museum, ontslagen.
Uit stukken die door deze krant zijn ingezien, blijkt dat het ministerie van OCW snel daarna op basis van de zogeheten indemniteitsregeling heeft nagegaan in hoeverre de Nederlandse staat financieel verantwoordelijk kon worden gehouden voor de schade door de roof in Assen.
Indemniteitsregeling
In juli werd bekend dat ‘Den Haag’ uiteindelijk 5,7 miljoen euro naar Roemenië moest overmaken: 100 procent van de verzekerde waarde. Het was voor het eerst sinds 1989 dat van de indemniteitsregeling gebruik moest worden gemaakt. Het benodigde geld werd gevonden in het Museaal Aankoopfonds (MAF) van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Een andere stap was dat het ministerie van OCW kort na de roof op verzoek van het Drents Museum ter ondersteuning een persoon voor crisiscommunicatie naar Assen heeft gezonden. De kosten hiervan – ruim 10.000 euro voor twee weken ondersteuning – zijn betaald door het Rijk.
Acht juwelen
De uit het Louvre gestolen sieraden behoorden ooit toe aan de keizerinnen Marie-Louise (1791–1847) en Eugénie (1826–1920). Het gaat voor zover nu bekend om acht juwelen die rijkelijk zijn voorzien van diamanten: twee tiara’s, twee halskettingen, twee broches en twee sets oorbellen. Een negende sieraad, een kroon, werd beschadigd teruggevonden buiten het museum.
In Frankrijk wordt volop gespeculeerd over het motief van de daders. Net als na de roof in Assen zijn er verschillende scenario’s. Veelgenoemd is de mogelijkheid dat de juwelen worden ontmanteld, waarna de edelstenen worden geslepen zodat ze onherkenbaar kunnen worden verkocht. Ook wordt geopperd dat de juwelen door criminelen kunnen worden ingezet om losgeld te verkrijgen of om een deal af te dwingen.
President Emmanuel Macron omschreef de kunstroof zondag als een aanval op het Franse culturele erfgoed. Maandag werd bekendgemaakt dat de politie zestig rechercheurs heeft ingezet. Zij onderzoeken onder meer of de inbraak werd gepland en uitgevoerd door een criminele bende.